Reizen (345)

 

Oktober 2016

Bunkers en Muildieren

  

Het badplaatsje Blåvand aan de Noordzee, de meest westelijke plek in Denemarken, ligt mooi. Bos, duinen, strand; alles is dichtbij. Het is er druk. Zelfs in de herfst.
      In het dorp zijn de noodzakelijke spullen volop te koop, maar er zijn natuurlijk ook souvenirwinkels, strand- en badshops, cafés, restaurants en terrasssen. Het strand is bij eb heel breed en strekt zich over vele kilometers uit naar het zuiden en het noorden.


Strand & duin

  


Herinneringsmonumenten

  

Als je zo maar wat over het strand loopt kom je ineens deze bunkers tegen. Ooit waren zij onderdeel van de Atlantic Wall, de verdedigingslinie van Noorwegen tot Spanje, die tegen de Duitsers werd opgeworpen. In 1995 -vijftig jaar na de bevrijding- werden deze bunkers in het kader van een jubileumproject bewerkt door de Engelse kunstenaar Bill Woodrow.
      Een ijzeren paardenkop en -staart. Althans dat denk je in eerste instantie. Maar na wat informeren blijkt het te gaan om muildieren, vrucht van een paardenmerrie en een ezelhengst. (Niet te verwarren met een muilezel, een combinatie van een paardenhengst en een ezelin).
      Muildieren staan voor kracht, onverzettelijkheid en veiligheid.


Vejers

Zo’n zeven kilometer boven Blåvand ligt Vejers. In het dorp is het rustiger, maar ook hier is het druk op het strand.


Strand & duin (2)

  

 

Auto’s op het strand

  

Zoals op veel plekken in Denemarken mogen hier -in tegenstelling tot Blåvand- de auto’s gewoon op het strand worden geparkeerd.
       Soms leidt dat tot wilde taferelen als jeugdige mannen die iets te veel testosteron hebben aangemaakt, wedstrijdjes strandrijden en -slippen gaan houden. Het liefst met gierende remmen en knetterende uitlaten.

 

 

Oktober 2016

  

 

Wit zand & verse vis


     

Hvide Sande is een vissersplaatsje in het midwesten van het Deense Jutland. Het ligt nogal excentrisch op een smalle kuststrook aan de zogeheten Ringkøbing Fjord, een groot brak binnenmeer.


Wit zand

  

Hvide Sande betekent wit zand. En als je het dorpje uitgaat zie je waarom.


Sluizen

  

Het binnenmeer en de Noordzee komen in Hvide Sande bij elkaar. De schepen gaan door sluizen met een groot verval.


Vissershaven

  
  

Het is druk in die haven. Er staan in Hvide Sande 215 vissersboten geregistreerd. Je kunt er bij de boten vis kopen. Er zijn rokerijen en veel visrestaurantjes.


Visverkoop

  

  



Visafslag

  



Visrokerij

  

 

Meeuwen

  

Ieder jaar wordt hier ook een haringfestival gehouden. Vissers, die hun spullen naar de afslag brengen houden er rekening mee, dat de wachtende meeuwen zullen toeslaan.


Afvalbakken in een boot
  

 

 


 

Een land met twee staatshoofden


(Door Rolf Weijburg)

“Doe maar een moeilijke vraag”, zei Jan-Piet, de armen over elkaar, gedecideerd.
      We kijken naar het spelprogramma “Eén tegen honderd”, de categorie is “Politiek” en Caroline Tensen stelt de vraag.
“Van welk Europees dwergstaatje is de Franse President formeel een van de twee staatshoofden?

A. Andorra B. San Marino of C. Monaco?”

Jan-Piet twijfelt maar kiest uiteindelijk voor zijn eerste ingeving en drukt op C. Monaco. Helaas. Jan-Piet mag, zonder geld, naar huis. Van de 22 nog overgebleven tegenspelers wisten 8 de vraag ook niet juist te beantwoorden.

 

Want het juiste antwoord is A. Andorra.

President & Bisschop

Andorra, het op zestien na kleinste land ter wereld, wordt bestuurd door twee staatshoofden: de Franse President en de Bisschop van Seu de Urgell, een Catalaanse stad van 13000 inwoners krap tien kilometer ten zuiden van Andorra.
      Het bergachtige dwergstaatje is zodoende een co-prinsdom, het enige ter wereld. Beide prinsen zijn echter geen Andorrees. De Bisschop is een Spanjaard, die benoemd is door een buitenlandse machthebber, namelijk de Paus in het Vaticaan, terwijl de ander een Fransman is die weliswaar democratisch is gekozen, maar níet door Andorrezen.

Andorra’s politieke status is uniek in de wereld. Tegelijkertijd kan je je afvragen of Andorra eigenlijk wel echt onafhankelijk is.


Wapen Seu de Urgell

 

Het begon allemaal met Karel de Grote die de bevolking van de Valleien van Andorra vanwege hun heldhaftige strijd tegen de Moren wilde belonen en hen een soort zelfbeschikking schonk.
      Later werd het gebied deel van de religieuze invloedssfeer van de bisschop van Seu de Urgell die, om Andorra en de omliggende gebieden beter te kunnen beschermen tegen aanvallen van buitenaf, aan het einde van de elfde eeuw de hulp in riep van de Franse Graaf van Foix  met wie hij een protectoraatverdrag sloot.
     In 1278 werd dit verdrag omgezet in een verdrag waarin de Graaf én de Bisschop beiden Prinsen van Andorra werden en tezamen de heerschappij over het kleine bergstaatje kregen.


Wapen FOIX

         

Toen Henri IV, die ook Graaf van Foix was, in 1589 de Franse Troon besteeg werd de Andorrese prinselijke titel verbonden aan de Franse Koning en na het verdwijnen van de Monarchie, aan de Franse President. Slechts enkele jaren moest Andorra het doen zónder Franse Prins.
      De Franse revolutionairen vonden in 1793 het overnemen van de Prinselijke Andorrese titel té feodaal en weigerde de titel te continueren. Pas twaalf jaar later, in 1806, na vele Andorrese smeekbedes – de Andorrezen vreesden een langdurige eenzijdig Spaanse heerschappij over hun land- herstelde Napoleon het Andorrese co-prinsdom.

      Tijdens de  Eerste Wereldoorlog was Andorra officieel in oorlog met Duitsland. De dwergstaat was  echter nooit direct bij de gevechten betrokken en misschien was het wel daarom dat in het Verdrag van Versailles waarmee in 1919 de oorlog beëindigd werd, de Andorrese oorlogsverklaring aan Duitsland werd vergeten.
      Het land zou nog tot in 1958, toen de omissie werd rechtgezet, formeel in oorlog met Duitsland blijven. Ook tijdens de Tweede Wereldoorlog dus eigenlijk, maar niemand die het toen nog wist waardoor Andorra zonder blikken of blozen kon verklaren neutraal te zijn.

Opstand

Het duurde nog tot in de jaren 80 van de vorige eeuw totdat er enigszins werd geknabbeld aan de fundamenten van de macht van de twee Prinsen.   
      Het volk kwam in opstand en eiste democratische hervormingen, diverse overheidsinstituten kregen meer autonomie en er kwam een douane-unie met de Europese Unie - waar Andorra geen lid van werd - die de economische isolatie van de bergstaat moest openbreken. In 1993 kreeg Andorra een nieuwe grondwet en werd het land een parlementaire democratie met gelegaliseerde politieke partijen en een onafhankelijke rechtelijke macht. De twee Prinsen bleven gehandhaafd als staatshoofden, echter met strak omlijnde rechten én plichten en nog heel weinig macht.



Vlaggen

In datzelfde jaar kon de Andorrese vlag worden toegevoegd aan de rits vlaggen bij de Verenigde Naties in New York. De vlag, die oorspronkelijk uit de Catalaanse kleuren rood en geel bestond  werd door Napoleon gewijzigd door de toevoeging van een blauwe verticale baan om de gedeelde Franse  soevereiniteit over het land te symboliseren.
      De vlag is daarmee dezelfde als die van het Afrikaanse Tsjaad, op de toevoeging van het Andorrese wapen in het gele vlak na.

 

 

 

   

 
Rolf Weijburg's Atlas van de 25 kleinste landen in de wereld

KliHIER voor alle afleveringen

 

 

 

Mei 2003

Fossiele graafgangen op 't eiland Mors

Wij kwamen enigszins toevallig terecht op het eiland Mors. Dat ligt op Jutland in het noordwesten van Denemarken.
      Het was een aangenaam ruig gebied, waar weinig toeristen waren.
Hoewel het eiland door twee bruggen met het vasteland verbonden was, had je hier toch het echte eilandgevoel.
      Er waren namelijk alom hoge krijtrotsen aan de kusten.

Er lagen daar bijzondere stenen.
      Poreuze fossielen met opvallende gaten erin. We hebben er een aantal meegenomen.


Graafgangen & kreeftenpoep

In sommige stenen zaten complete graafgangen.

      Toen wij later in de hoofdstad NYKØBING kwamen kon je die stenen bij diverse stalletjes kopen. Ze deden zo’n 5 tot 15 per stuk.
      Het moesten dus wel bijzondere stenen zijn. We vroegen het her en der, maar het bleef allemaal een beetje onduidelijk.
Tot een paar dagen geleden onderstaand stukje van Jelle Reumer verscheen in de NRC-wetenschapsbijlage voor de jeugd.

      Het waren dus kreeftjes, die de gangenstelsels in de stenen hadden gemaakt.


De Kleine Wetenschap

 

 

 

 

 Oktober 2016

De oudste straatjes van Denemarken

We zijn in Tønder, een stadje op Jutland in het uiterste zuiden van Denemarken.
      De man draagt een soort knickerbocker. En die lange witte kousen, de laarzen, het rugzakje en de wat onzekere blik maken hem tot een toerist. Hij staat voor een damesmodezaak en lijkt dus enigszins de weg kwijt.
      Aan mede-voetgangers vraagt hij in vlot Deens of ze hem een café kunnen aanbevelen, waar hij een consumptie kan nuttigen. Toerist in eigen land dus. Die komen hier vooral voor de mooie nostalgische klinkerstraatjes. Hij wordt verwezen naar Johanne's. Daar hadden wij zojuist ook iets gebruikt.
     

Het café


Controles

Hoe kwamen wij zomaar in Tønder terecht?
       Wel.  
Als je van Duitsland naar Denemarken wilt rijden ga je eigenlijk altijd op de A7/E45 even boven Flensburg de grens over. Snel en doelgericht. Dat was het althans tot voor een paar jaar geleden. Maar de laatste tijd worden aan die grens redelijk scherpe controles uitgevoerd en ontstaan er lange files.
      De Denen zijn namelijk bang dat vluchtelingen die van Duitsland naar Zweden willen wel eens in hun land zouden kunnen blijven. En dat is een schrikbeeld, want Denemarken houdt in het algemeen niet zo van vluchtelingen. Ze zitten al in hun maag met een ander soort ‘’vluchteling’’: de ca. 7.000 Eskimo’s (Inuït) uit hun kolonie Groenland.
      Je kunt die files heel simpel vermijden door via een tweebaansweg een andere grensovergang te nemen. Bijvoorbeeld onder Tønder.  Douane en politie heb ik daar niet gezien en je kunt dus gewoon doorrijden.


Uldgade

  

Tønder kreeg al in 1243 stadsrechten. Vooral het centrum is de moeite waard.
      Daar is de drukke Uldgade, waar zich het tafereel met de toerist afspeelde. Er zijn mooie winkels (veel Scandinavisch design), karakteristieke huizen, cafés en terrasjes.


Plein & terras

  

Zijstraat

De bestrating in het centrum is sierlijk met alom kasseien.
      Je kunt er overal met Duits terecht, want Tønder was vrij lange tijd Duits. In 1920 sprak de bevolking zich per referendum uit voor definitieve aansluiting bij Denemarken. Ooit lag het aan zee en werd het diverse malen getroffen door stormvloeden. Maar er werden dijken aangelegd en nu ligt het in het Jutlandse binnenland.

 

Møgeltønder

  

Zo’n vijf kilometer naar het westen richting Noordzee ligt het dorp Møgeltønder, dat er prat op gaat het oudste straatje van Denemarken te bezitten, de Slotsgade. Het plaatsje bestaat overigens uit niet veel meer dan dit straatje.


Keien

          

Opnieuw kasseien en wat popperige goed onderhouden huizen, die keurig in de verf staan. Mooie linden.


Pandjes

  


Slotsgade

  

De Slotsgade.
    
Er zijn vrijwel geen winkels, maar wel een paar cafés en uitdragerijen.


Kasteel

       

 Aan het begin van het straatje is het Schackenborg kasteel, bezit van de koninklijke familie.
      Je mag het van afstand bekijken.

 

Subcategories

Domar: Noord Bangladesh