Honkbal

 

Baseball's Most Wanted

 

Dit boekje heb ik een paar jaar geleden gekocht bij Barnes & Noble in New York.
      (Reizen 48; New York; New York)
Een boek dat eigenlijk alleen in de USA kan verschijnen.

Feitjes, meningen, uitspraken, trivia; alles staat erin.
      Spelers, die na hun carrière in de politiek terecht kwamen, boeken schreven, in films acteerden, T.V.-sterren werden, maar ook spelers die aan de drank raakten, op zeer jonge leeftijd overleden en zelfs spelers, die een moord pleegden.


Statistieken over slag- werp- en veldprestaties natuurlijk , maar ook anekdotes over zeer merkwaardige en bijgelovige rituelen en verhalen van spelers die slechts één maal in hun leven een fantastische prestatie leverden.

De meest opvallende contracten en verkoopacties van spelers staan erin net als de merkwaardigste blessures en de redenen waarom spelers het veld uit gestuurd werden, tot en met honkballers die tijdens een wedstrijd in het veld in slaap vielen.

De grootste vrouwenversierders komen langs, de humoristen, klagers, idioten en krankzinnig verklaarden.

 

Veel aandacht ook voor spelers die de Big Leagues haalden ondanks fysieke tekortkomingen.

 


 

De oudste & de jongste

 

Bij dit alles zijn details over de oudste en de jongste speler, die ooit in de Major League speelden natuurlijk simpel.
      Maar ook hierbij komen we Amerikaanse -dus uitzonderlijke- feiten tegen.


   Satchel Paige

     
      De oudste speler ooit was Leroy ’Satchel’ Paige.
      Een werper, die lange tijd in de Negro Leagues speelde tot hij in 1948 -hij was toen 42 jaar oud- een contract
      voor de Majors tekende.

 

      Paige, die later in de Hall of Fame werd gekozen, gooide in 1965 zijn laatste drie innings voor de Kansas City
      Athletics.
      Zonder overigens ook maar één punt tegen te krijgen.

 

      Hij was toen maar liefst 59 jaar.
      Zijn autobiografie heet dan ook " I'll pitch forever''

 

 

 

Joe Nuxhall

 

 

De jongste speler ooit was Joe Nuxhall, ook een werper.
      Hij maakte voor de Cincinnati Reds in 1944 zijn debuut toen hij 15 jaar was.
Uitzonderlijk jong natuurlijk, maar het was oorlog en veel spelers dienden in het Amerikaanse leger.

 

 

 Nuxhall, die een week voor zijn debuut nog tegen leeftijdgenoten had gegooid op de High School, kreeg ineens gelouterde profs tegenover zich, waaronder bijvoorbeeld één van de grootste slagmensen ooit Stan Musial.
      Joe maakte de eerste twee slagmensen uit, maar kreeg daarna twee honkslagen tegen en gooide vijf maal vier wijd.

Het maakte allemaal niet zoveel uit, want die arme jongen was op de plaat gekomen toen zijn team al met 13-0 achter stond.

 

Wilson Valdez en zijn curveballetjes

 

 

Negentien innings

Soms moet een coach beslissen om een veldspeler te laten werpen. En heel soms wordt zo’n speler nog de winnende werper ook.
      Dat was voor ‘t laatst gebeurd in 2000 , maar afgelopen nacht was het weer raak.
Hoofdcoach Charlie Manuel van de Philadelphia Phillies had in achttien innings acht werpers gebruikt en was toen door zijn pitchersbestand voor deze wedstrijd heen.
     
Hij besloot om in de negentiende inning tweedehonkman Wilson Valdez op de heuvel te zetten. Totaal onvoorbereid.
Valdez was in zijn jeugd op de Dominicaanse Republiek wel eens werper geweest en negen jaar geleden had hij als grap in een oefenwedstrijdje in zijn geboorteland ook nog een paar ballen gegooid.

Maar dit keer was het serieus.
     
Valdez bleek over een aardige curve-ball te beschikken en kreeg drie hoog geslagen vangballen tegen. Het eind van de slagbeurt van de Cincinnati Reds:

 

http://mlb.mlb.com/team/player.jsp?player_id=407832

 

In de gelijkmakende slagbeurt behaalden de Phillies alsnog de overwinning (5-4). Nadat er zes uur en elf minuten gespeeld was.
     
      Valdez maakte dus drie uit en kreeg niet één honkslag tegen. Een ERA van 0.00 en dat is toch een uiterst opmerkelijke prestatie.

Coach Manuel moest nog meer opvallende beslissingen nemen.
      Derdehonkman Placido Polanco (Ook Dominicaanse republiek) ging naar het tweede honk en catcher Carlos Ruiz (Panama) werd derdehonkman.

Het was toch een behoorlijk Caraibische aangelegenheid, want Valdes volgde relief-pitcher Danys Baez (Cuba) op, die maar liefst vijf innings had gegooid. DE winnende opofferingsslag in de negentiende inning werd trouwens geslagen door Raul Ibanez.
     
Dat klinkt ook Spaans, maar Ibanez werd gewoon in New York geboren.

 

  

 

 

Who's the best?


Mickey Mantle of Ted Williams



Vrij veel grote Amerikaanse romans bevatten passages, die de meeste Europeanen niet of nauwelijks begrijpen.
      Ze gaan namelijk over honkbal of zijn daaraan gerelateerd. Amerikaanse auteurs weten veel van hun National Pastime.
Een schrijver daar, die toegeeft dat hij niets van honkbal weet wordt niet helemaal serieus genomen.
      Jacques Barzun
(Honkbal 14)  schreef het al in zijn God’s Country and Mine:
‘Whoever wants to know the heart and mind of America had better learn baseball’.


Neem nou het eerste deel van John Updike’s fenomenale Rabbit Serie: Rabbit Run.
     
Het verhaal van Harry ’Rabbit’ Angstrom, dat een prachtig inzicht geeft in de Amerikaanse samenleving van 1960.
Rabbit gaat een pakje sigaretten halen, verlaat vrouw en kind, gaat bij een voormalige hoer samenwonen, keert terug als zijn vrouw van een dochtertje bevalt en loopt weer weg bij de begrafenis van zijn dochtertje, dat door onoplettendheid van zijn dronken vrouw om het leven komt.

Hierin komt een passage voor waarbij Rabbit en zijn zoontje op een schoolveldje kijken naar een softbalwedstrijd tussen brandweerlieden.
      Schoolkinderen kijken ook naar de wedstrijd. En dan krijgen we de volgende passage;

‘Een oeroude vertrouwde warmte doorstroomt Rabbit: de schuine zonnestralen op zijn wangen, het kleine en weinig enthousiaste publiek, de ruzieachtige gesprekken van de jongens, het dwarrelende stof op het gele speelveld, de meisjes in shorts die voorbij slenteren en chocolade-ijs eten. Bruine meisjesbenen met dikke gewrichten en zachte dijen. Ze weten zoveel; hun huid tenminste. Jongens van dezelfde leeftijd, knokige bonenstaken in tijgerbroeken en gymschoenen, die er fel over debatteren of Williams moet ophouden of niet. Mantle is tienduizend keer beter. Williams is tien miljoen keer beter’.

 

Het gaat hier over Ted Williams en Mickey Mantle, twee van de grootste sterren in de lange Amerikaanse honkbalgeschiedenis.
     
Ted Williams was een geweldige slagman.
In 1941 besloot hij het seizoen met het ongelooflijk hoge slaggemiddelde van 0.406. Daarmee is hij nog steeds recordhouder.
      De laatste honkballer, die de 0.400 passeerde. Sinds die tijd zijn er eigenlijk geen spelers meer geweest, die daarbij in de buurt kwamen.
Williams was in 1960 42 jaar en in zijn nadagen.
      Hij zou inderdaad in 1960 een eind aan zijn carrière maken.


Mickey Mantle was in dat jaar 29 jaar en op het toppunt van zijn roem.
      Hij sloeg in 1960 40 homeruns en had 94 binnengeslagen punten.

Waarom discussieerden die jongetjes nu zo fel?
     
Welaan.
Mickey Mantle speelde zijn hele achttienjarige carrière bij de New York Yankees en was immens populair.

Ted Williams speelde negentien jaar lang voor de Boston red Sox en was eigenlijk niet zo populair.
      Hij was arrogant en weigerde bijvoorbeeld zijn cap voor het publiek af te nemen als hij een homerun had geslagen. Een goed honkbalgebruik. Diverse malen spuugde hij naar supporters, die het waagden om kritiek op hem uit te oefenen.


John Updike was erbij toen Ted Williams in 1960 zijn laatste wedstrijd in Boston speelde.
      Hij schreef daar een prachtig essay over:
Hub Fans Bid Kid Adieu.

Over de in zekere zin treurige loopbaan van Ted Williams.
      Een onwaarschijnlijk groot talent. Jawel. Maar iemand die faalde op de momenten dat het er echt om ging.
Updike geeft daarvan in zijn essay diverse voorbeelden en benadrukt dat Williams in zijn lange carrière maar één maal in de World Series uitkwam.
      Het werd verlies na zeven wedstrijden waarin Williams zeer matig presteerde.
Hij kreeg in totaal 25 slagbeurten en sloeg daarin niet meer dan vijf simpele honkslagen.
      Een slaggemiddelde dus van 0.200. Dramatisch slecht voor zo’n slagman.

Nee. Dan Mickey Mantle.
      Die kwam maar liefst twaalf maal uit in de World Series en presteerde daarin vaak goed.
Hij werd zes maal kampioen en sloeg bijvoorbeeld in al die series achttien homeruns.

Genoeg stof dus voor een leuke discussie tussen een paar schooljongetjes.

 

Links Ted Williams; Rechts: Mickey Mantle

 

 

De lange weg naar de Big Leagues



Het honkbalseizoen in de Verenigde Staten is nu een week op weg.
      Ik heb even voor u geïnventariseerd hoeveel Nederlanders er meedoen op het hoogste niveau. Dat zijn er bedroevend weinig. Vier.
En dan spreken we over spelers met een Nederlands paspoort. Kenley Jansen (Willemstad Curaçao 1987) is relief-pitcher bij de Los Angeles Dodgers, Andruw Jones (Willemstad Curaçao 1977) buitenvelder bij de New York Yankees en Pedro Strop (San Cristobal Dominicaanse Republiek 1985) is relief-pitcher bij de Texas Rangers.
      Jair Jurrjens (Willemstad Curaçao 1986) startend werper bij de Atlanta Braves, komt daar binnenkort zeker weer bij, maar hij is momenteel geblesseerd.


Vijf andere spelers hebben dit seizoen kans om (weer) door te stoten naar de Major Leagues.
      Zij spelen triple A, de op één na hoogste profcompetitie.
Dat zijn Rick van den Hurk (Honkbal 7 ;Eindhoven 1985) , startend werper bij Norfolk Tides (Baltimore Orioles), Roger Bernadina (Willemstad Curaçao 1984) buitenvelder bij Syracuse Chiefs (Washington Nationals), Gregory Halman, (Haarlem 1987) , buitenvelder bij Tacoma Rainiers (Seattle Mariners), Shairon Martis (Honkbal 35;  Willemstad Curaçao 1987), startend werper bij Syracuse Chiefs (Washington Nationals) en Dashenko Ricardo (Willemstad Curaçao 1990 ), catcher bij de Fresno Grizzlies (San Francisco Giants) .

 

 

Pedro Strop

 

Wat mij betreft is Pedro Strop de meest opvallende speler.
In sommige publicaties heet hij Stroop en dat heeft te maken met zijn achtergrond.
      Hij werd geboren op de Dominicaanse Republiek (HET Honkbalwalhalla van de Caraïben).
Zijn moeder komt daar vandaan maar zijn vader is van Curaçao.

Hij gooide in dit prille seizoen 1 Inning en deed dat voortreffelijk. Geen hits tegen en twee maal drie slag. Strop maakte in 2009 zijn big-league debuut. Hij speelde in totaal in 23 wedstrijden op het hoogste niveau.

 

 

Jair Jurrjes

 

Jair Jurrjens (Honkbal 40) heeft hoewel hij pas 25 jaar is, al een belangwekkende staat van dienst.

      Hij maakte in 2007 zijn debuut, speelde 92 wedstrijden;.allen als startende werper.

Hij gooide 550 1/3 innings met een ERA (Verdiend punten gemiddelde) van 3.52; heeft 37 wedstrijden gewonnen en 27 verloren.


Als hij eerdaags hersteld is gaat hij weer deel uitmaken van de starting rotation van de Atlanta Braves.

 

 

Kenley Jansen

 

 

Kenley Jansen (Honkbal 48) werd van catcher tot pitcher omgevormd en debuteerde vorig jaar uitstekend.

 

Hij gooide in 25 wedstrijden 27 Innings, scoorde vier saves en had een verbluffend laag ERA van 0.67.    
      Dit seizoen kwam hij twee maal in actie.

Hij gooide 3 Innings, kreeg vijf honkslagen tegen en gooide twee maal drie slag.

 

 


Andruw Jones

 

Andruw Jones (honkbal 30 ) was 10 jaar lang een grote ster, die op weg leek naar de Hall of Fame.
      Hij maakte op 19-jarige leeftijd zijn big league debuut en sloeg voor z’n dertigste jaar al 300 homeruns.
 

In 2007 ging het ineens minder. Zijn slagprestaties kelderden, het aantal homeruns ook en hij kreeg opvallend vaak drie slag.
      Hij speelde na zijn terugval achtereenvolgens een jaar voor de Los Angeles Dodgers, de Texas Rangers en de Chicago White Sox, maar het ging niet echt beter.

Nu heeft hij dus een voor zijn doen minimal contract (2 miljoen $ plus mogelijke bonussen voor goede prestaties) bij de New York Yankees.

Hij speelde tot nu toe in 1 wedstrijd en sloeg -typisch Jones- in zijn eerste slagbeurt direct een homerun.

 

 

 

 

 

Pitching is the name of the game


(of: Hoe de Phillies kampioen worden)

 

‘t Is Show Time vandaag. De honkbalcompetitie in de V.S. begint. Voor miljoenen mensen daar een verademing.
      Baseball is de ‘national pastime’. Nog altijd de meest populaire sport.
Basketball? Natuurlijk; wel aardig. Football: Vooruit maar. IJshockey? Meer voor Canada. Soccer? Europa & vrouwen. Atletiek of zwemmen? Alleen bij de Olympische Spelen. Wielrennen? Doping! Korfbal? Nooit van gehoord.

Voor de minder ingewijden: De ‘eredivisie’ in de V.S. bestaat uit de American League en de National League, die beiden zijn onderverdeeld in drie divisies: Oost, Centraal en West.
      Er zijn in totaal 30 teams, waarvan er acht (de divisiekampioenen en de beste nummer twee in iedere league) na 162 wedstrijden de Play-offs bereiken.
      De teams spelen de meeste wedstrijden in hun eigen league, maar er zijn ook zogeheten Interleague wedstrijden.


Het wordt weer een bijzonder seizoen, waarbij de teams met de beste werpers de hoogste ogen gooien.
      Pitching is immers the name of the game. Daarvoor moeten we terecht bij de National League.
De Philadelphia Phillies hebben een wonderbaarlijk sterke werpersstaf.
      Als starters hebben zij Roy Halladay, Cliff Lee, Joe Blanton, Cole Hamels en Roy Oswalt. Zij worden eerste in de National League East.
De San Francisco Giants, vorig jaar winnaar van de World Series wordt kampioen in de National League West.
     
Deze teams zullen samen strijden om de titel in de National League want de Cincinnati Reds en de Florida Marlins komen er in de halve finales van de playoffs niet aan te pas.

      Eerste: Philadelphia Phillies,


En dan de American League. De Boston Red Sox worden eerste in Oost, de Minnesota Twins in Central en de Texas Rangers in West.
      De New York Yankees worden tweede in de Oostdivisie en verdienen een Wild Card.
Dit team, dat traditiegetrouw altijd hoge ogen gooit heeft een paar verwarrende maanden achter de rug. Het verloor de slag om Cliff Lee, een zeer goede werper die op de markt was, maar uiteindelijk koos voor de Phillies.
      De Yankees kochten daarna in een soort vertwijfeling maar liefst vier min of meer uitgerangeerde werpers in de hoop dat ze zullen loskomen: Bartolo Colon, Freddy Garcia, Mark Prior en Kevin Millwood.
      In diezelfde categorie zit Andruw Jones, een buitenvelder uit Curaçao. Jarenlang een geweldige slagman, maar de laatste jaren verschrikkelijk uit vorm.
     
Aan het eind van het seizoen zullen één of meer van deze spelers weer op hun oude niveau terug zijn, een paar rookies gaan het goed doen en zo zullen de Yankees opnieuw de World Series bereiken.
     
Tegen de Philadelphia Phillies zijn ze echter kansloos.

Citizens Bank Park Philadelphia



De Playoffs zullen er dus zo uitzien:


American League:

(Halve finale; Best of five)

Boston Red Sox- Texas Rangers (3-1)

New York Yankees- Minnesota Twins (3-2)


(Finale; Best of seven)

Boston Red Sox- New York Yankees (3-4)

 

National League

(Halve finale; Best of five)

Philadelphia Phillies- Cincinnati Reds ( 3-1)

San Francisco Giants- Florida Marlins (3-1)


(Finale; Best of seven)

Philadelphia Phillies- San Francisco Giants (4-2)


World Series (Best of seven)

Philadelphia Phillies- New York Yankees (4-2)