Media

 

'Informatie-fundamentalisme' van Wiki-Leaks

 

De activiteiten van Wiki-Leaks leverden diverse opmerkelijke woorden op.
      Bijvoorbeeld dat Julian Assange een informatie-fundamentalist zou zijn.
Je denkt dat zo’n term uit rechts-politieke of rechts-extreme hoek komt; uit de hoek van mensen die Assange een schoft, een engerd, staatsvijand, terrorist, een verrader vinden of zelfs een crimineel, die geëxecuteerd moet worden, maar nee… de term komt van Volkskrant-journalist Martin Sommer. 
       Hij meent ondermeer dat door dit soort onthullingen ‘van politiek een smerig spel’ wordt gemaakt.
Verder schrijft hij dat ‘een kind weet dat bij diplomatie geheimhouding hoort als een kuiltje jus bij een bord stamppot’.

Merkwaardig!.

Een journalist die in principe niet vindt dat ’alles geweten moet worden’ en kennelijk in de veronderstelling verkeert dat internationale politiek geen smerig spel is.
      Iemand die dan ook nog deftig schrijft:
      ’Uit de klammheilige Freude over deze onthullingen spreekt wat ik maar noem informatie-fundamentalisme’.
Maar hij heeft zelf ‘met rode oortjes de geheime Amerikaanse diplomatie gelezen’. Dat weer wel.
     
Het kuiltje jus van hem zou ik niet vertrouwen. Geen idee hoe hij dat moet maken.


Gelukkig waren er bij diezelfde Volkskrant journalisten die heel blij waren met de onthullingen en de openbaarheid.
      Columnist Bert Wagendorp bijvoorbeeld; buitenland-redacteur Rob Vreeken en zelfs Nausicaa Marbe was er verheugd over en meende dat Nederland Assange poltiek asiel zou moeten verlenen.


Zij waren ondermeer in het gezelschap van Francisco van Jole ’Assange is een held’, Erwin van de Zande: ‘de Robin Hood van Internet’ en Rob de Wijk : ‘de Che Guevara van cyberspace’.

De opwinding leverde ook nog de termen internetoorlog, klokkenluiderssite, onderbuikactivisten en internetvrijheid op.

 

Dit statement legde Assange overigens af in The Australian: 'The truth will always win'

 

http://blogs.theaustralian.news.com.au/mediadiary/index.php

 

 

 

Ger Harmsen; de Marx-professor

 
Ger Harmsen was in de roerige jaren ‘70 de meest omstreden, meest bewierookte en meest verguisde hoogleraar in Nederland.

 

Na een bewogen periode aan de Universiteit van Amsterdam volgde tot verrassing en verbazing van velen zijn benoeming tot hoogleraar aan de Rijksuniversiteit van Groningen: Dialectische filosofie & historische sociologie.

 

Een Marxistische leerstoel werd het genoemd.
      De CPN sprak over de NAVO-professor.
Anderen noemden hem een BVD-infiltrant.

Massale aandacht voor colleges

Maar de colleges van Ger Harmsen trokken massale aandacht, net als eerder in Amsterdam.
      Studenten stonden in de rij om zijn colleges te volgen.

Arbeiderskind met moeilijk karakter

Op 8 augustus 1997 had ik voor de VPRO-radio een drie uur durend marathon-interview met Ger Harmsen. Een gesprek waarin hij zeer openhartig is. 

      Voor zijn gevoel heeft hij weinig of niets te verbergen.
Hij spreekt over zijn moeilijke karakter, zijn moeizame relaties, zijn verwondering over zijn benoeming, zijn populariteit gedurende bepaalde periodes in zijn leven, over zijn achtergrond als arbeiderskind, zijn werklust, over Marx en Hegel en over de natuur en zijn fascinatie voor mossen.   
      Ger Harmsen overleed in 2003.


Het interview is verschenen op de site van de VPRO en is HIER te beluisteren.


In het eerste uur spreken wij ondermeer over zijn omvangrijke autobiografie Herfsttijloos, een plantje (bolgewas) dat in de herfst bloeit.
      ‘Zelf was ik immers ook een laatbloeier’.
Met zijn moeder had hij nauwelijks een band. Wel met zijn vader -een timmerman- die hem overigens regelmatig met een stok sloeg.
      Hij ging naar de lagere Handelsschool, werd jongste bediende in een tabaksmagazijn en werkte vier jaar ondermeer als spoeljongen in een chemische fabriek.

Zijn achtergrond als arbeiderskind en zijn eerste werkervaringen speelden later een belangrijke rol in zijn leven.
      Hij bleef bijvoorbeeld altijd het idee houden er niet helemaal bij te horen. Ondanks zijn enorme belezenheid, zijn meer dan 500 wetenschappelijke publicaties en zijn 27 boeken.
      Hij haat mensen die de kantjes eraf lopen, kan zeer neerbuigend zijn , maar heeft ook behoefte tot bewonderen.


In het tweede uur gaat het over zijn lidmaatschap van de CPN (begonnen in 1946); hoe zijn persoonlijk leven deel ging uitmaken van zijn partijleven, hoe hij in 1958 werd uitgekotst door deze partij, lid werd van de PSP en later -op verzoek van Joop den Uyl- lid van de P.v.d.A.
      Hij vertelt over zijn periode als geschiedenisleraar in Zierikzee en zijn periode in Amsterdam waar hij zijn zeer druk bezochte door Marx geïnspireerde colleges gaf.
      Maar hij spreekt ook over zijn liefde voor de natuur en zijn enorme verzameling mossen (Circa 700).


In het laatste uur gaat het vooral over zijn tijd in Groningen, de lastercampagnes en de in totaal 66 zeer negatieve publicaties, die hij keurig archiveert.
      Hoewel hij Russisch leest en spreekt is hij nooit in de Sovjet-Unie of Rusland geweest, want hij is geen reiziger en had altijd iets anders te doen. Ger Harmsen leest regelmatig van tien uur ‘s ochtends tot elf uur ‘s avonds.
      Hij is altijd bezig want ‘uit het raam staren is zonde van de tijd’.
Hij spreekt over zijn favoriete mosje en vergelijkt de interviewer aan het eind van het gesprek met een ‘gezellige pad’. Geen giftige, want die bestaan niet.

 

Pim Fortuyn

In één opzicht is het interview gedateerd. Ger Harmsen werkte namelijk veel samen met Pim Fortuyn, die bij hem promoveerde op de dissertatie over de sociaal-economische politiek in Nederland tussen 1945-1949.
      Fortuyn was in 1997 nog onbekend en daarom wordt er in het interview niet over hem gesproken.
In zijn autobiografie komt Fortuyn echter regelmatig ter sprake.

Een citaat:

‘Tussen de studentenactivisten nam Pim van het begin af een eigen positie in. Al jong keurig in het driedelige pak, met gevoel voor decorum en theatrale effecten, hield hij wat afstand van andere actievoerders. Maar bij bezettingen was hij onderhandelaar.
      Zijn liefde gold van meet af aan het onderhandelen, besturen en beleid uitstippelen. Mede door zijn voorkomen maakte hij een imponerende indruk. Uiterst welbespraakt en intelligent, beschikte hij daarbij over een tomeloze energie.
      Het vreemde was dat hij grote bestuurlijke en organisatorische gaven had, maar het geduld miste een zaak tot het einde af te werken.
Hij hield iets van een kind dat eerst met zorg van blokken een kasteel bouwt, om het dan, juist voor het helemaal af is, met één handbeweging omver te gooien’.

 Ga voor een -zeer loffelijke- recensie naar:

http://anneisaman.blogspot.com/2011/01/ger-harmsen-marathon-interview.html

 

Meer marathoninterviews van mij

1. Jan Wolkers

1a. Jan Wolkers gevolgd door een gesprek van Wim Brands met biograaf Onno Blom

2. Ina Muller van Ast

3. G.A. Wagner

4. Ward Ruyslinck

5. Arie Kleywegt

6. Poncke Princen

7 Jaap van der Scheur

 

 

 

Zomaar overleden

 
Sommige berichten op mijn weblog worden goed bezocht. Maar tijdens mijn vakantie werd één bericht in het bijzonder wel erg vaak aangeklikt.
      Ruim 17.000! maal.

Het was Media 31: Quest Braintainment.

 De oorzaak was duidelijk. De jonge succesvolle hoofdredactrice van het tijdschrift Quest, Karlijn van Overbeek, was zeer plotseling in het ziekenhuis overleden.
      Bacterië
le infectie. 
     
Ze was pas 39 jaar en had een gezin met drie kinderen.

In het bericht van 30 juni 2008 noemde ik haar de op één na mooiste hoofdredacteur van Nederland.
      Dat was een grapje.
     
Bedoeld om reacties los te krijgen.
      Die kreeg ik ook.
Twaalf mensen vroegen wie ik dan wel de mooiste hoofdredacteur van Nederland vond.

Eén van die reacties kwam van Karlijn zelf.
      Wij hadden daarna een korte geanimeerde briefwisseling. Zij kondigde daarin ook aan, dat haar blad misschien wel de Mercur tijdschriftprijs (2009) zou winnen.
      Dat gebeurde inderdaad. Zelf was ze al eens tot hoofdredacteur van het jaar uitgeroepen.
Zij kwam uit die correspondentie naar voren als een uiterst sympathieke, intelligente vrouw.
      Vol ambities, vol plannen.
Het is diep treurig dat zo'n jonge vrouw zomaar dood gaat.

 

 

Lijden tijdens de intifadah

In Dag in Dag uit van De Volkskrant staat in deze voetbaldagen een rubriekje onder de kop ‘Waar was jij?’

      Lezers , die een wat bijzondere herinnering hebben aan een ‘Nederlandse’ voetbalfinale van 1974, 1978 of 1988 wordt gevraagd om een beknopte bijdrage te leveren.
      Ik heb ze in antwoord op die vraag het volgende stukje gemaild:

 
In Ramallah op de Westbank. De eerste intifadah.
      Een groep van ongeveer dertig hevig geëmotioneerde vrouwen is door het Israëlische leger hardhandig uit hun Centrum gezet. Ik praat met een vrouw, die harde klappen heeft opgelopen.
      In een hoek van het opvanghuis staat een klein zwart-wit tv-tje.
Ik zie Ruud Gullit de eerste goal scoren, zie de blauwe plekken van de vrouw niet meer en blijf naar de t.v. kijken.

Het toestel wordt demonstratief uitgezet. Ik mis de fantastische goal van Marco van Basten.

(Ronald van den Boogaard, 43 jaar in 1988)

 

 

 

 

 

De laatste kleurrijke vakbondsman

 

De laatste kleurrijke vakbondsbestuurder. In diverse beschouwingen kom je deze typering tegen als het gaat over Jaap van der Scheur.
      Het zegt ontegenzeggelijk iets over de man , maar ook over roerige periodes tussen 1970 en 1990 in de vorige eeuw.
Tijden van grote acties en manifestaties, van stakingen en bedrijfsbezettingen van oproer en verzet.
Jaap van der Scheur was van 1982 tot 1990 voorzitter van de FNV-ambtenarenbond AbvaKabo.
      In 1983 leidde hij zeven weken lang stakingsacties.

Volksmenner werd hij genoemd door zijn tegenstanders. Demagoog. En: De grootste klootzak van Nederland.
      Op 12 juli 1996 hield ik voor de VPRO-radio een drie uur durend marathoninterview met hem.
Het is op de site te vinden en kan HIER beluisterd worden op:

 

Haags & protestants

Jaap van der Scheur werd in november 1926 geboren in Heerlen, waar zijn vader in de mijnen werkte.
      Een protestants gezin in het katholieke zuiden, dat al snel verhuisde naar Den Haag. Daar leerde Jaap het Haags dialect spreken, dat hij nooit kwijtraakte.
Het werd gepersifleerd door Wim de Bie in zijn type Aad van der Naad.

Als het interview plaatsvindt is Jaap met pensioen, maar vissen… nee vissen zit er niet in. Hij is actief in diverse organisaties en heeft in Rotterdam een eigen politieke partij opgericht, Solidair ’93.

Solidariteit is een sleutelbegrip in zijn leven. En idealisme.
      Hij blijft ondanks allerlei andere signalen geloven in een maatschappij waarin rechtvaardigheid bestaat..

Hoogtepunt van zijn macht en in zekere zin ook van zijn onmacht was de stakinsactie in 1983, die in feite gericht was tegen het kabinet Lubbers, dat de ambtenarensalarissen met 3 en een half procent wilde korten.
      In het hele land waren ambtenaren in staking , het openbaar vervoer lag soms plat, het huisvuil stapelde zich op en post werd soms niet bezorgd.
Het hele land stond op zijn kop.


Rechterlijke uitspraken

Uiteindelijk zou Lubbers geen duimbreed wijken en werden de acties ondermijnd door rechterlijke uitspraken.
      Er werden maar liefst negen korte gedingen gevoerd en steeds moesten op rechterlijk gezag acties worden afgeblazen.

We hebben verloren van de rechters, maar de mensen hebben body getoond en hun eigenwaarde teruggevonden’, zei Jaap van der Scheur.
      De rechters waren stakingsbrekers’.

Hij werd er alleen maar populairder door.

‘Geen gezeur over Van der scheur’ is het motto.

Geloof

We spreken verder over geloof, zijn protestantse opvoeding en de rol van het geloof binnen zijn gezin.
      Zijn vrouw en drie kinderen zijn Jehovah-getuigen.
Wat zou er gebeuren als één van zijn kinderen een bloedtransfusie nodig zou hebben.

Het gesprek gaat voorts over Noord-Ierland en Israël, over de bouw van de Erasmus-brug in Rotterdam (De Zwaan), die honderd miljoen gulden meer kostte dan andere ontwerpen.

Tot slot geeft Jaap van der Scheur een uitvoerig antwoord op de algemene vraag:
      Hoe gaat het verder met de wereld?

Hij geeft zichzelf tijdens het interview nog een jaar zes.
      Jaap van der Scheur overleed in december 2002

 Meer marathoninterviews van mij:

1. Jan Wolkers

2. Ina Muller van Ast

3. G.A. Wagner

4. Ward Ruyslinck

5. Een Wolkers met dessert

6. Arie Kleywegt

7. Poncke Princen