Media
- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
DE BIOGRAFIE VAN JAN WOLKERS
De afgelopen zomer zijn er geen marathoninterviews op de Nederlandse radio uitgezonden.
Dat was voor ‘t eerst in 23 jaar.
In 1986 begonnen wij ermee in het radioprogramma Het Gebouw.
Zie media 11: Marathoninterviews (1)
De interviews duurden aanvankelijk vijf uur. Later werd dat teruggebracht tot drie uur. Niet omdat daar inhoudelijke of kwalitatieve redenen voor waren, maar louter uit opportunisme.
Radio 1 was een nieuwszender geworden en daar pasten zulke lange gesprekken niet meer in. Drie uur was echt de limiet.
Vorig jaar was ook dat in feite niet meer mogelijk, maar toen werd een oplossing gevonden door vijf avonden achter elkaar vijf interviews van drie uur uit te zenden. Een nogal gezochte oplossing volgens mij.
Dat vond men in 'Hilversum' kennelijk ook en daarom moest dit eerbiedwaardige en succesvolle radioprogramma helemaal sneuvelen. Wel treurig natuurlijk als je vijf publieke zenders met een etherfrequentie hebt.
Maar…
Op Radio 6 bleek nog iets mogelijk.
(Radio 6 is een zender die geen etherfrequentie heeft, maar wel via de kabel wordt uitgezonden. Uiteraard ook via Internet te beluisteren.)
Op zes zaterdagochtenden van acht tot elf uur werden zes marathoninterviews met schrijvers herhaald. Daarna werd nog een uur lang met de schrijvers gesproken over dat interview en uiteraard ook over andere zaken.
Die schrijvers waren Thomas Rosenboom, Kristien Hemmerechts, Jan Siebelink, Maarten ’t Hart en Ian Buruma.
U kunt ze hier beluisteren.
Ook mijn marathoninterview uit 1986 met Jan Wolkers werd herhaald.
Maar omdat dat indertijd vijf uur duurde kregen we alleen de eerste drie uur te horen.
Dat bleek overigens tot mijn opluchting geen al te ernstige aanslag op het interview.
Daarna volgde een gesprek van Wim Brands met Wolkers‘ biograaf Onno Blom.
U kunt dat HIER beluisteren…
Nog even bezig
Onno Blom kondigde aan, dat hij nog wel een aantal jaren bezig zal zijn met de biografie.
Hij was eigenlijk net voor de dood van de schrijver begonnen met lange gesprekken. Jan Wolkers belde hem ook af en toe op. Gewoon omdat hij iets kwijt wilde.
Onno Blom zei dat er geen nieuwtjes in de biografie zullen staan. Dat lijkt me ook wel logisch, want Jan Wolkers is altijd behoorlijk open geweest over zijn leven en heeft er natuurlijk ook uitvoerig over geschreven.
Ik denk dat Onno Blom inmiddels -na Karina de vrouw van Jan- de grootste Wolkers-kenner van dit land is.
- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
Was getekend:
Marina de Vries Volkskrant
Stel je heet Ann Goldstein, je komt uit de V.S. en je bent net benoemd tot nieuwe directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Je ziet je portret in de Volkskrant en vraagt aan iemand om het erbij behorende stukje te vertalen.
Je hoort dat Marina de Vries je prijst. Gepokt en gemazeld. Je bent volgens Marina de Vries een veelgeprezen ‘briljante’ tentoonstellingsmaker met een enorme kennis van en liefde voor de moderne en hedendaagse Amerikaanse en Europese kunst.
Je bent verder volgens Marina de Vries een inhoudelijk zwaargewicht, die zowel de kunst als het publiek hoog in het vaandel heeft staan. Het MOCA in Los Angeles(Museum of Contemporary Art) is alweer volgens Marina de Vries dankzij jouw activiteiten uitgegroeid tot een instelling van internationaal aanzien.
Je hoort dat Marina de Vries weet, dat je een indrukwekkende stoet boeken hebt geschreven en dat je volgens Marina de Vries beschikt over een uitgebreid netwerk van verzamelaars, kunstenaars, curatoren en wetenschappers.
Als Amerikaans curator ben je volgens Marina de Vries gepokt en gemazeld in fondsenwerving.
Je hoort dat aan en wordt bijna verlegen onder zoveel complimenten.
En dan verschijnt er een dag later weer een stukje van diezelfde Marina de Vries.
Opnieuw laat je het vertalen want een ieder mens houdt ervan om lof te krijgen.
Maar dan:
Volgens Marina de Vries ben je ineens geen droomkandidaat meer.
Want meent Marina de Vries de keus voor jou is er één voor zekerheid en daarin schuilt zelfs gevaar.
Je hoort van Marina de Vries dat je ruim 25 jaar in dezelfde veilige museumomgeving hebt gefunctioneerd en je hoort nu zelfs dat er tal van Europese ontwikkelingen aan je voorbij gegaan zijn.
Je hebt volgens Marina de Vries zelfs nauwelijks oog gehad voor actuele ontwikkelingen pal naast de voordeur.
En dat je gepokt en gemazeld bent in fondsenwerving is volgens Marina de Vries niet van belang. Ook hier dreigt gevaar, omdat -weet Marina de Vries- Amerika niet Nederland is. Marina de Vries voorspelt dat je een forse kluif krijgt aan het opsporen van particulieren met geld en de juiste betrokkenheid.
Stel je heet Ann Goldstein en je bent zojuist benoemd tot directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Je kijkt in de spiegel en je denkt:
‘Zou dit nu Europees zijn? Nederlands? Amsterdams?'
Maar na wat uitleg begrijp je het. Marina de Vries heeft in de ogen van collega’s en tal van kunstenaars en kunstkenners een onnozel, overenthousiast stukje geschreven.
Ze moest het wat 'nuanceren'.
Meer onbeholpen Volkskrant-journalistiek: Media (52)
- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
Was getekend:
José Rozenbroek Volkskrant
Soms gaat een verslaggever van een landelijke krant de provincie in.
Neem nou José Rozenbroek.
Zij heeft de redactionele leiding van het Volkskrant Magazine.
Voor de rubriek Winkeltest heeft zij een stukje geschreven over twee ’héél grote modezaken van de familie Voorwinden‘.
Biblebelt
Deze twee zaken vind je volgens mevrouw Rozenbroek ’midden in de Alblasserwaard in de Biblebelt van Zuid-Holland in twee slaperige dorpen ’s Gravendeel en Oud-Beijerland‘.
Ach god, die José.
Twee grove fouten en een vooringenomen stellingname in één zin.
Sulliger kan het nauwelijks.
Want:
----De dorpen ’s Gravendeel en Oud-Beijerland liggen niet in de Alblasserwaard maar in de Hoeksche Waard.
----Ze maken géén deel uit van de Biblebelt.
Oud-Beijerland heeft 24.000 inwoners.
De gemeenteraad telt 19 leden; SGP en CU hebben samen niet meer dan vijf zetels.
‘s Gravendeel is de grootste plaats van de gemeente Binnenmaas. 30.000 inwoners.
Een gemeenteraad van 21 leden met slechts drie zetels in totaal voor SGP en CU.
Voorigenomen
Je kunt deze dorpen slaperig noemen.
Maar op basis waarvan José dit doet is onduidelijk.
En ze gaat verder. Over de winkel in Oud-Beijerland.
‘Op wie richt deze winkel zich?
Toch niet op die anderhalve boer en burger uit het dorp?’
‘Nee zegt Schoonzoon, ‘op de man en de vrouw uit de regio die meer dan normaal verdienen’.
Let wel: het gaat hier om een dorp van 24.000 inwoners, waarvan meer dan twee-derde bestaat uit niet-autochtonen, die in veelal dure woonwijken wonen.
Inderdaad: Mensen uit de regio die meer dan normaal verdienen.
De Schoonzoon (hoofdletter S) weet dit natuurlijk ook, maar vindt het kennelijk nodig om de verslaggeefster uit de hoofdstad te voeden in haar vooroordelen.
Dat is leuker voor het stukkie.
Waarschijnlijk hebben ze haar en haar redactie immers zelf benaderd.
Parkeren
Natuurlijk komen hier ook mensen uit Rotterdam en omgeving.
Het is nauwelijks een half uur rijden en je kunt er altijd parkeren
Waarom zou José Rozenbroek haar vak niet serieus nemen?
Daar kan hopelijk maar één reden voor zijn.
Ze is zelf opgegroeid in een slaperig dorpje in de Biblebelt en heeft daar nog steeds een trauma van.
- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
De eerste Satelliettelefoons
Modem & Codec
Het logge apparaat op deze foto is een satelliettelefoon. Daaraan is een schotelantenne verbonden.
Op de tafels daaronder staan een modem, een codec en een mengpaneel met vier sporen. Voorts zijn er kabels, snoeren, microfoons en koptelefoons.
Kosten: ca. 250.000 gulden.
Totaal gewicht: ca. 150 kilo
Locatie: Een krottenwijk in Rio de Janeiro Brazilië .
Datum: Vrijdag 7 oktober 1994.
Doel: Een rechtstreekse uitzending voor de VPRO -radio.
Satelliettelefoon 2009
Dit is een satelliettelefoon anno 2009.
Kosten: 895 Euro.
Gewicht: 203 gram.
De grote doorbraak
Satelliettelefoons werden vanaf het begin van de jaren tachtig in de vorige eeuw vooral gebruikt op schepen.
Het grote publiek maakte er kennis mee tijdens de eerste Golfoorlog in 1991, toen CNN er uitzendingen mee verzorgde vanuit Bagdad. Niet alleen een grote doorbraak in de communicatie, maar vooral een revolutie in de nieuwsvoorziening.
De redacteuren Peter Flik en Ton van der Graaf van het roemruchte VPRO-radioprogramma Het Gebouw namen het initiatief om ook zo‘n apparaat aan te schaffen.
Zij klopten voor de formaliteit nog even bij mij aan, want ik was eindredacteur van dat programma en daarna werd het voorgelegd aan hoofdredacteur Jan Haasbroek. Het sein ging op groen.
Peter en Ton maakten contact met vertegenwoordigers van het internationale telecommunicatiebedrijf Inmarsat en bestelden voor 170.000 gulden een satelliettelefoon.
Uniek initiatief
Zij gingen snel daarop in 1992 naar de verkiezingen in Angola en verzorgden een directe radio-uitzending. Het apparaat ging daarna bijvoorbeeld nog naar Bosnië , Eritrea, Egypte en Cyprus, maar de geluidskwaliteit was lang niet optimaal omdat het een telefoonverbinding was.
Peter Flik, die qua radiotechniek alle andere medewerkers altijd diverse stappen voor was, bedacht toen dat er een modem en een codec aan de telefoon ‘gehangen’ moesten worden, waardoor het geluid gedigitaliseerd werd.
Dit was een nieuwe doorbraak, want er ontstond op deze manier ’studiokwaliteit’. Overal op de wereld konden wij nu kwalitatief uitstekende rechtstreekse uitzendingen verzorgen en dat gingen we nog doen ook.
Een volstrekt uniek initiatief in de geschiedenis van de radio.
Ingewikkelde uitzendingen
Het was allemaal niet zo eenvoudig om uit te voeren. Presentatoren, die op pad gingen moesten uitvoerig geïnstrueerd worden hoe alles werkte.
Ze werden halve technici.
Hiernaast ziet u Fred Stroobants en ik (in het zwart) , die een ‘studio’ bouwen in Rio de Janeiro.
Belangrijk was dat je een goede locatie koos, want Inmarsat beschikte over vier communicatiesatellieten, die op 35.786 kilometer boven de Evenaar cirkelden.
De verslaggevers beschikten over een kompas om te peilen op welke satelliet de antenne gericht moest worden.
In dit geval was dat de satelliet met als locatie de Atlantische Oceaan West.
Zes tellen vertraging
Het geluid werd bij deze uitzending dus verzonden en gedigitaliseerd in Rio de Janeiro, ging bijna 36.000 kilometer de lucht, werd over diezelfde afstand teruggekaatst naar een grondstation in Noorwegen, ging van daaruit naar een grondstation in het Friese Burum, kwam bij een studio van de VPRO binnen en ging vandaar naar De NOS, waar ze precies dezelfde codec hadden om het geluid weer analoog te maken.
Dit alles zorgde voor een vertraging van ongeveer vijf tot zes seconden.
Dat was uiterst lastig voor de presentatoren.
Zij maakten interviews op de locatie, maar stonden ook in verbinding met Hilversum.
Ze zagen dus monden bewegen, maar hoorden pas zes seconden later door de koptelefoon wat er gezegd werd. Interrumperen was dus nauwelijks mogelijk.
Dit probleem was niet echt goed op te lossen. Soms kregen alle deelnemers een koptelefoon op, maar dan hoorden ze zichzelf vertraagd terug.
Dat leidde tot grote ellende.
Ik had mij na een paar ervaringen in Mozambique, Israël en Zuid-Afrika getraind om met één oor in de koptelefoon naar Hilversum te luisteren en met het andere oor naar de gasten aan tafel. Daar had je vrij veel concentratievermogen voor nodig.
We lasten dus rustpauzes in door waar ook ter wereld muziekbandjes te laten optreden en al eerder gemaakte en ter plekke zelf gemonteerde reportages door te sturen die op teken gestart konden worden.
Verhaal 1:
De beste Nederlandse oorlogsverslaggever Arnold Karskens bleef tijdens de eerste Golfoorlog zo lang mogelijk in Bagdad. Hij was met Peter Arnett van CNN op een gegeven moment nog de enige buitenlandse journalist.
Omdat hij niet over communicatiemiddelen beschikte ‘huurde’ hij voor heel veel geld drie minuten satellietspreektijd bij CNN.
Hij kreeg inderdaad verbinding met de NOS, waar al dagenlang een gezamenlijk programma van alle omroepen werd uitgezonden.
Maar waar hij dacht rechtstreeks in dat programma te kunnen inbreken, kreeg hij een antwoordapparaat met het verzoek iets na de piep in te spreken.
Verhaal 2:
Peter Flik en Ton van der Graaf woonden in 1992 de verkiezingen bij in Angola. Zij waren in het stadje Luena in het oosten van het land ver van de hoofdstad Luanda. Er werden daar 2.000 soldaten gedemilitariseerd en ontwapend.
De situatie was uiterst gespannen, want er was nauwelijks vervoer en de militairen wilden allemaal terug naar Luanda.
Er werd zelfs gericht geschoten om de zaak tot rust te brengen. Daar vielen slachtoffers bij.
De verslaggevers hadden contact met de plaatselijke commandant die hen beloofde te helpen.
’s Ochtends vroeg werden zij wakker gemaakt met de mededeling dat ze onmiddellijk in een vrachtvliegtuig moesten stappen. Tijd om de dure satelliettelefoon ook aan boord te brengen was er volgens de commandant niet, maar ze kregen van hem de verzekering dat het allemaal in orde zou komen.
Beide heren besloten dan maar -de situatie was niet alleen uiterst gespannen maar ook levensgevaarlijk- om te telefoon achter te laten.
Een paar dagen later werd de telefoon tot hun verrassing keurig ingepakt bij hun hotel in Luanda afgeleverd.
Later in Hilversum bleek volgens de nota, dat er voor 22 gulden per minuut twee lange mysterieuze telefoongesprekken waren gevoerd van Angola naar Brazilië.
De commandant had het allemaal van tevoren bedacht.
Aan de hand van de gebruiksaanwijzing had hij de satelliettelefoon aan het werk gekregen en ‘gratis’ gesprekken gevoerd met zijn liefje in Brazilië .
- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
Schlaflos in München & Ersatz TV
Vroeger toen de krant nog een meneer was, had je talenten die konden speuren of schrijven of interviewen.
Vroeger toen er nog veel naar de radio geluisterd werd, had je talenten die konden presenteren, beschrijven of interviewen.
Vroeger toen je nog een bekende Nederlander was als je voor de televisie werkte, waren er talenten die uitstraling hadden, konden presenteren en interviewen.
Nu zijn er talenten in opkomst die excelleren in de nieuwe media.
Het allergrootste talent op dit gebied is volgens mij Annik Rubens, een Duitse mevrouw met Armeense roots, die eigenlijk Larissa Vassilian heet.
Ze woont in München en is vorige week 33 geworden.
Ze is podcaster en vodcaster en werd geinspireerd door ondermeer Adam Curry.
Natuurlijk twittert en facebookt ze en gebruikt ze al die andere computer- en internet mogelijkheden.
Fantastisch programma
Sinds 2005 maakt ze haar podcast Schlaflos in München. Een fantastisch programma , waarin ze op een uiterst subtiele en humoristische manier verslag doet van ‘gewone’ dingen (hoe heeft ze geslapen; waar dacht ze bij het ontbijt aan) tot serieuze zaken en bespiegelingen afgewisseld door interviews met personen, die vaak ook deskundig zijn op het gebied van de nieuwe media.
Daarnaast heeft ze de podcast Slow German, waarin ze vooral Duitse anekdotes vertelt. Ze doet dat vrij langzaam, want het is bestemd voor mensen, die Duits studeren of buitenlanders die Duits verstaan.
VideoPodcast
Sinds februari maakt ze ook een videopodcast onder de naam Ersatz TV.
Al haar talenten, die bij de podcasts al tot hun recht kwamen, komen hierin terug.
Het zijn vooral wetenschappelijke of populair wetenschappelijke onderwerpen, die zij zó humoristisch en natuurlijk aan elkaar praat, dat het werkelijk een lust is om naar te kijken.
Haar programma heet Ni Hao bij Ersatz TV.
In het Duits rijmt dat.
Ni Hao is een Chinese beleefdheidsfrase die letterlijk betekent:
Jij goed! (het gaat goed met je)
Dat ze ook nog aantrekkelijk is, is mooi meegenomen.
Herr Moose
In dit bijzondere televisieprogramma figureert ook Herr Moose.
Een man met een kap op in de vorm van een eland.
Aanvankelijk begreep ik daar de bedoeling niet van, maar als je wat beter kijkt merk je dat het een vorm van zelfspot is.
De eland relativeert diverse zaken en zet de kijker af en toe bewust op het verkeerde been.
Podcast Awards
Annik won in 2005 de Amerikaanse Podcast Award voor de beste niet-Engelse podcast. In 2006 kreeg zij niet de eerste Duitse Podcast Award, maar was ze al een dermate grote autoriteit, dat ze direct een Ereprijs kreeg. ’Ik voelde me een soort Johannes Heesters’ zei ze bij die gelegenheid. Dit jaar ontving zij de Europese Podcast Award.
Ik heb haar gevonden op de site van Anne Frid de Vries, een Nederlander die in Israël woont. Anne (Te Gast 14) is een groot podcastliefhebber.
Hij luistert dagelijks uren naar een grote diversiteit podcasts en doet daar verslag van op zijn weblog.
Pagina 11 van 20








