Media

 

DE BIOGRAFIE VAN JAN WOLKERS

De afgelopen zomer zijn er geen marathoninterviews op de Nederlandse radio uitgezonden.
      Dat was voor ‘t eerst in 23 jaar.
In 1986 begonnen wij ermee in het radioprogramma Het Gebouw.

 Zie media 11: Marathoninterviews (1)

De interviews duurden aanvankelijk vijf uur. Later werd dat teruggebracht tot drie uur. Niet omdat daar inhoudelijke of kwalitatieve redenen voor waren, maar louter uit opportunisme.

      Radio 1 was een nieuwszender geworden en daar pasten zulke lange gesprekken niet meer in. Drie uur was echt de limiet.

Vorig jaar was ook dat in feite niet meer mogelijk, maar toen werd een oplossing gevonden door vijf avonden achter elkaar vijf interviews van drie uur uit te zenden. Een nogal gezochte oplossing volgens mij.
      Dat vond men in 'Hilversum' kennelijk ook en daarom moest dit eerbiedwaardige en succesvolle radioprogramma helemaal sneuvelen. Wel treurig natuurlijk als je vijf publieke zenders met een etherfrequentie hebt.

Maar…

Op Radio 6 bleek nog iets mogelijk.
      (Radio 6 is een zender die geen etherfrequentie heeft, maar wel via de kabel wordt uitgezonden. Uiteraard ook via Internet te beluisteren.)

Op zes zaterdagochtenden van acht tot elf uur werden zes marathoninterviews met schrijvers herhaald. Daarna werd nog een uur lang met de schrijvers gesproken over dat interview en uiteraard ook over andere zaken.
      Die schrijvers waren Thomas Rosenboom, Kristien Hemmerechts, Jan Siebelink, Maarten ’t Hart en Ian Buruma.
      U kunt ze
hier beluisteren.


Nog even bezig  

Onno Blom kondigde aan, dat hij nog wel een aantal jaren bezig zal zijn met de biografie.
      Hij was eigenlijk net voor de dood van de schrijver begonnen met lange gesprekken. Jan Wolkers belde hem ook af en toe op. Gewoon omdat hij iets kwijt wilde.
      Onno Blom zei dat er geen nieuwtjes in de biografie zullen staan. Dat lijkt me ook wel logisch, want Jan Wolkers is altijd behoorlijk open geweest over zijn leven en heeft er natuurlijk ook uitvoerig over geschreven.

Ik denk dat Onno Blom inmiddels -na Karina de vrouw van Jan- de grootste Wolkers-kenner van dit land is.

 

 

 

Was getekend:

Marina de Vries Volkskrant

 

Stel je heet Ann Goldstein, je komt uit de V.S. en je bent net benoemd tot nieuwe directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Je ziet je portret in de Volkskrant en vraagt aan iemand om het erbij behorende stukje te vertalen.
      Je hoort dat Marina de Vries je prijst. Gepokt en gemazeld. Je bent volgens Marina de Vries een veelgeprezen ‘briljante’ tentoonstellingsmaker met een enorme kennis van en liefde voor de moderne en hedendaagse Amerikaanse en E
uropese kunst.

Je bent verder volgens Marina de Vries een inhoudelijk zwaargewicht, die zowel de kunst als het publiek hoog in het vaandel heeft staan. Het MOCA in Los Angeles(Museum of Contemporary Art) is alweer volgens Marina de Vries dankzij jouw activiteiten uitgegroeid tot een instelling van internationaal aanzien.

Je hoort dat Marina de Vries weet, dat je een indrukwekkende stoet boeken hebt geschreven en dat je volgens Marina de Vries beschikt over een uitgebreid netwerk van verzamelaars, kunstenaars, curatoren en wetenschappers.
      Als Amerikaans curator ben je volgens Marina de Vries gepokt en gemazeld in fondsenwerving.

Je hoort dat aan en wordt bijna verlegen onder zoveel complimenten.

En dan verschijnt er een dag later weer een stukje van diezelfde Marina de Vries.
      Opnieuw laat je het vertalen want een ieder mens houdt ervan om lof te krijgen.


Maar dan:

Volgens Marina de Vries ben je ineens geen droomkandidaat meer.
      Want meent Marina de Vries de keus voor jou is er één voor zekerheid en daarin schuilt zelfs gevaar.
Je hoort van Marina de Vries dat je ruim 25 jaar in dezelfde veilige museumomgeving hebt gefunctioneerd en je hoort nu zelfs dat er tal van Europese ontwikkelingen aan je voorbij gegaan zijn.
      Je hebt volgens Marina de Vries zelfs nauwelijks oog gehad voor actuele ontwikkelingen pal naast de voordeur.

En dat je gepokt en gemazeld bent in fondsenwerving is volgens Marina de Vries niet van belang. Ook hier dreigt gevaar, omdat -weet Marina de Vries- Amerika niet Nederland is. Marina de Vries voorspelt dat je een forse kluif krijgt aan het opsporen van particulieren met geld en de juiste betrokkenheid.

Stel je heet Ann Goldstein en je bent zojuist benoemd tot directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Je kijkt in de spiegel en je denkt:
      ‘Zou dit nu Europees zijn? Nederlands? Amsterdams?'

Maar na wat uitleg begrijp je het. Marina de Vries heeft in de ogen van collega’s en tal van kunstenaars en kunstkenners een onnozel, overenthousiast stukje geschreven.
      Ze moest het wat 'nuanceren'.

 

Was getekend:

José Rozenbroek Volkskrant


Biblebelt



Voorigenomen


Parkeren  

Waarom zou José Rozenbroek haar vak niet serieus nemen?

 

 

De eerste Satelliettelefoons 

Modem & Codec  

Het logge apparaat op deze foto is een satelliettelefoon. Daaraan is een schotelantenne verbonden.
      Op de tafels daaronder staan een modem, een codec en een mengpaneel met vier sporen. Voorts zijn er kabels, snoeren, microfoons en koptelefoons.


Satelliettelefoon 2009  


De grote doorbraak  

Satelliettelefoons werden vanaf het begin van de jaren tachtig in de vorige eeuw vooral gebruikt op schepen.
      Het grote publiek maakte er kennis mee tijdens de eerste Golfoorlog in 1991, toen CNN er uitzendingen mee verzorgde vanuit Bagdad. Niet alleen een grote doorbraak in de communicatie, maar vooral een revolutie in de nieuwsvoorziening.

De redacteuren Peter Flik en Ton van der Graaf van het roemruchte VPRO-radioprogramma Het Gebouw namen het initiatief om ook zo‘n apparaat aan te schaffen.
      Zij klopten voor de formaliteit nog even bij mij aan, want ik was eindredacteur van dat programma en daarna werd het voorgelegd aan hoofdredacteur Jan Haasbroek. Het sein ging op groen.
      Peter en Ton maakten contact met vertegenwoordigers van het internationale telecommunicatiebedrijf Inmarsat en bestelden voor 170.000 gulden een satelliettelefoon.

 Uniek initiatief  

Zij gingen snel daarop in 1992 naar de verkiezingen in Angola en verzorgden een directe radio-uitzending. Het apparaat ging daarna bijvoorbeeld nog naar Bosnië , Eritrea, Egypte en Cyprus, maar de geluidskwaliteit was lang niet optimaal omdat het een telefoonverbinding was.

Peter Flik, die qua radiotechniek alle andere medewerkers altijd diverse stappen voor was, bedacht toen dat er een modem en een codec aan de telefoon ‘gehangen’ moesten worden, waardoor het geluid gedigitaliseerd werd.
      Dit was een nieuwe doorbraak, want er ontstond op deze manier ’studiokwaliteit’. Overal op de wereld konden wij nu kwalitatief uitstekende rechtstreekse uitzendingen verzorgen en dat gingen we nog doen ook.
      Een volstrekt uniek initiatief in de geschiedenis van de radio.

 Ingewikkelde uitzendingen  



Zes tellen vertraging  

Het geluid werd bij deze uitzending dus verzonden en gedigitaliseerd in Rio de Janeiro, ging bijna 36.000 kilometer de lucht, werd over diezelfde afstand teruggekaatst naar een grondstation in Noorwegen, ging van daaruit naar een grondstation in het Friese Burum, kwam bij een studio van de VPRO binnen en ging vandaar naar De NOS, waar ze precies dezelfde codec hadden om het geluid weer analoog te maken.

Dit alles zorgde voor een vertraging van ongeveer vijf tot zes seconden.

Dat was uiterst lastig voor de presentatoren. 
      Zij maakten interviews op de locatie, maar stonden ook in verbinding met Hilversum.
Ze zagen dus monden bewegen, maar hoorden pas zes seconden later door de koptelefoon wat er gezegd werd. Interrumperen was dus nauwelijks mogelijk.
      Dit probleem was niet echt goed op te lossen. Soms kregen alle deelnemers een koptelefoon op, maar dan hoorden ze zichzelf vertraagd terug.
      Dat leidde tot grote ellende.

Ik had mij na een paar ervaringen in Mozambique, Israël en Zuid-Afrika getraind om met één oor in de koptelefoon naar Hilversum te luisteren en met het andere oor naar de gasten aan tafel. Daar had je vrij veel concentratievermogen voor nodig.
      We lasten dus rustpauzes in door waar ook ter wereld muziekbandjes te laten optreden en al eerder gemaakte en ter plekke zelf gemonteerde reportages door te sturen die op teken gestart konden worden.

 

                                                         Verhaal 1: 


                                                         Verhaal 2:

 

 

 

 

Schlaflos in München & Ersatz TV

Vroeger toen de krant nog een meneer was, had je talenten die konden speuren of schrijven of interviewen.

Vroeger toen er nog veel naar de radio geluisterd werd, had je talenten die konden presenteren, beschrijven of interviewen.

Vroeger toen je nog een bekende Nederlander was als je voor de televisie werkte, waren er talenten die uitstraling hadden, konden presenteren en interviewen.

Nu zijn er talenten in opkomst die excelleren in de nieuwe media.


Fantastisch programma  

Sinds 2005 maakt ze haar podcast Schlaflos in München. Een fantastisch programma , waarin ze op een uiterst subtiele en humoristische manier verslag doet van ‘gewone’ dingen (hoe heeft ze geslapen; waar dacht ze bij het ontbijt aan) tot serieuze zaken en bespiegelingen afgewisseld door interviews met personen, die vaak ook deskundig zijn op het gebied van de nieuwe media.

Daarnaast heeft ze de podcast Slow German, waarin ze vooral Duitse anekdotes vertelt. Ze doet dat vrij langzaam, want het is bestemd voor mensen, die Duits studeren of buitenlanders die Duits verstaan.


VideoPodcast  



Herr Moose 


Podcast Awards  

Annik won in 2005 de Amerikaanse Podcast Award voor de beste niet-Engelse podcast. In 2006 kreeg zij niet de eerste Duitse Podcast Award, maar was ze al een dermate grote autoriteit, dat ze direct een Ereprijs kreeg. ’Ik voelde me een soort Johannes Heesters’ zei ze bij die gelegenheid. Dit jaar ontving zij de Europese Podcast Award.

Ik heb haar gevonden op de site van Anne Frid de Vries, een Nederlander die in Israël woont. Anne (Te Gast 14) is een groot podcastliefhebber.
      Hij luistert dagelijks uren naar een grote diversiteit podcasts en doet daar verslag van op zijn weblog.