Beelden (930)

 

Huiver in Constanta

(Door Peter Flik te Hongarije)

 

JAREN ZIJN ER OM VOORBIJ TE LATEN GAAN

EN MOOI OM OP TERUG TE KIJKEN

ZO KAN JE HET OOK ZIEN

NIET STEEDS WEER DIE MELANCHOLIE

DIT IS CONSTANTA IN ROEMENIË

HET IS 1975 EN ER STAAN GEBEURTENISSEN KLAAR

MET VRIEND JAN BEN IK DAAR

HIJ ZOCHT HET HOTEL AAN ZEE UIT

"JIJ HEBT TOCH GEEN SMAAK", SPRAK HIJ

"WE STAAN HIER OOG IN OOG MET HET KOMENDE"

HIJ STELDE VOOR OM IN DE EETZAAL AFSCHEID TE NEMEN

NIET VAN ELKAAR, MAAR VAN ALLES WAAR WE NU NOG AAN VAST ZATEN

HIJ ZOU EEN FLES WITTE WIJN BESTELLEN MET TWEE GLAZEN

WE ZOUDEN MET DIE GLAZEN DE TRAP NAAR ZEE NEMEN

LANGZAAM DE ZEE IN GAAN

EN HET LAATSTE GEVOEL ZOU ZIJN DAT HET OVER WAS

HET WAS IN 1975 DAT DIT GESPREK IN DE EETZAAL PLAATSVOND

ER GAAN VIJF EN TWINTIG JAREN OVER HEEN

JAN IS INMIDDELS DOOD

IK WIL TERUG NAAR DE ZWARTE ZEE

NAAR DAT HOTEL

REIS MET DE TREIN NAAR CONTSTANTA

HET IS DUS HET JAAR 2000

BESTEL EEN TAXI EN VRAAG DE CHAUFFEUR TE GAAN ZOEKEN

NAAR EEN JUGENDSTIL-HOTEL AAN ZEE

WE RIJDEN ZEKER TWEE UUR ROND

VINDEN NIKS DAN BENIDORM-HOTELS

IK BEN TELEURGESTELD EN VRAAG DE CHAUFFEUR OM TERUG TE GAAN

VLAK VOOR DE PLEK WAAR HIJ MIJ MOET AFZETTEN

STAAT EEN RODE BESTEL WAGEN MET DE NAAM VAN MIJN VRIEND EROP

DIE AUTO START

VOLG HEM ROEP IK NAAR DE CHAUFFEUR

BINNEN TIEN MINUTEN STOPT HIJ VOOR HET JUGENDSTIL-HOTEL

IK HUIVER.

                

 

 

Zo lang mogelijk, maar het begin is begonnen

(Door Peter Flik, photosooph te Hongarije)

Eerst maar eens drie foto’s, dan gaat het nog goed. Wat?, zult u vragen.
      Vrolijk blijven, af en toe iets te lachen. Melancholie kan altijd nog en het liefst helemaal niet. Want het brengt meestal niets.
Somberheid en dat wat daar weer aan vast zit.


                        




Wat is er met die foto’s?
      Ze zijn hier achter gelaten door vrienden. En daarna gingen ze dood. “We laten dit hier dan denken jullie nog eens aan mij of ons”. Wel, dat laatste is goed gelukt.


Foto 1

De eerste foto met BON APPETIT gaf Lida, collega en later vriendin. Het opmerkelijkste? Dat zij en ik een kamer moesten delen in een hotel in Hilversum. We werden wakker de volgende ochtend met luidruchtige conversaties in het Chinees in de belendende kamer. Li, er moet vannacht iets raars zijn gebeurd. “We zijn nu in China, ik weet ook niet hoe dit gekomen is”. Zij: “ we maken er het beste van”.


Foto 2
De tweede foto van de pen werd achter gelaten door vriend Artan. Meegenomen uit Albanië. “P, we hebben samen veel gereisd in mijn land. Je hebt gezien hoeveel er kapot of ontwricht is, maar onze pennen doen het nog steeds goed!”


Foto 3
De derde foto is het meest pijnlijk. Geschilderd door mijn broer. Nam altijd één van zijn kunstwerken mee als hij hier kwam. Verschrikkelijke taferelen, vreemde landschappen en veel doorkijkjes. Werden na zijn vertrek door ons meteen opgeborgen. Kwam hij na een jaar weer, dan brak er een soort paniek uit. WAAR ZIJN ZE?


De eindigheid der dingen

Waar zijn we nu? Niet ver van het einde en dat breekt me soms wel op. Piekeren? Ja zo iets, in die richting. P. Je schrijft nog heel weinig, hoor ik te vaak.

In welk jaar zal het zijn geweest, Ik denk 1941. Ik werd weer eens uitgelaten door mijn moeder. In Groningen. In een karretje. Heerlijk, niet lopen met die malle beentjes. Malle beentjes omdat ze toen nog te klein waren. We zijn nog geen vijf minuten van huis als zij zomaar uit het niets tegen me zegt dat ik uit dat karretje moet opstaan en gaan lopen. Dat was een grote schok. Nooit meer terug in dat karretje, dat begreep ik meteen.
      Veel later, jaren later, zag ik pas in dat we hier te maken kregen met de eindigheid der dingen. Maar het begin was begonnen. Ik noem dat verschijnsel van de eindigheid de paardenbloem. En de paardenbloem kwam steeds maar weer tevoorschijn. Altijd min of meer onverwacht.


Albert Speer

Het zal 1979 zijn geweest. Ik had inmiddels wat naam opgebouwd bij de radio en mij werd veel gegund. Ik wilde één van de grootste oorlogsmisdadigers na Adolf Hitler ontmoeten: Albert Speer. Eerst architect en bouwmeester, later minister van bewapening. Kwam na de oorlog ook terecht in Neurenberg voor het proces. Ontkende toen en veel later ook nog, ooit iets te hebben geweten van de gruwelijke vervolgingen van joden, zigeuners en gehandicapten. Het werd geloofd en daarmee ontliep hij de doodstraf. Kreeg twintig jaar, die hij in Spandau doorbracht.

      Met de trein naar Heidelberg. Een stad in het zuiden van Duitsland, toen nog West Duitsland genoemd, nooit gebombardeerd. Waarom weet niemand. Ik loop naar het aangegeven adres. Ben zenuwachtig. Na de bel gaat de deur open en daar staat hij. Automatisch geef ik hem een hand. Speer, die een zeer voorkomende indruk maakt, op het vriendelijke af, Speer brengt mij naar de ontvangstsalon. Thee en koekjes. Dan begin ik aan het interview. Ik heb dit later maar één keer terug gehoord en me dood geschaamd. Er was van te voren een voorwaarde gesteld: ik mocht niet de vraag stellen of hij als minister in het kabinet van Hitler iets wist van de grote Jodenvervolgingen. Want daar had Speer in diverse bladen al uitvoerig antwoord op gegeven. En toch bleef dit onderwerp tussen ons liggen. Ik kreeg twintig minuten de tijd om met hem te spreken en die minuten waren snel voorbij. Ik wilde de uitzending ervan voorkomen, maar dat lukte niet. Twee jaar later was hij dood. Paardenbloem.

 

Componist B.

Het zal 1966 zijn geweest. Was bevriend met de componist B. Die woonde weliswaar in Amsterdam maar had een zomerhuisje in de Nederlands Belgische grenstreek. Kwam daar wel eens. Wilde ook zo’n huisje maar die daar in de buurt waren reeds bewoond door ratten. Veel ratten. Toen kwam er die uitnodiging. Een uitnodiging om in een bepaald weekend te verschijnen op de BLOEDWORSTPARTY…
      Dat weekend breekt aan en één ding weet ik vanaf het begin. Hier hebben we te maken met de paardenbloem; alles is er, liefde, warmte, drank, muziek, zon, bloedworst en ingewikkelde gesprekken, Vlaams, Duits en Nederlands door elkaar. Het zal eindig zijn, maar het is wel nu.

      We zitten onder grote bomen in de enorme tuin. Het zonlicht valt gefilterd door de bomen, Kippen, honden en poezen lopen door het vrij grote gezelschap heen zonder ruzie te maken. Af en toe stelen ze bloedworst, en dat kan niemand iets schelen. De Vlamingen versta ik slecht. Dat los ik op door dan maar veel zelf te praten. Waar is de componist B. wil ik weten. Achter de muziekskes aan antwoordden  ze.

''Hebben de muziekskes rokjes'', vraag ik overmoedig. Hier moesten ze hard om lachen en halen nog een liter bier voor me. De muziek gaat harder spelen en de samenhang raakt wat op de achtergrond. Er wordt gedanst, maar dat kon ik niet. Ik stond op en viel achterover in een struik brandnetels. ''Ach Menneke, riepen de Vlaamse boeren.Van achteren stoat ge in brand. Denk aon de veurkant"..
      Ik hoor het wel, maar iemand (wie?) brengt me naar bed in het huis en masseert met olie mijn rug. Dan weet ik niets meer en word de volgende ochtend wakker naast de vrouw van de componist B. Op ons zit een kip. In de vensterbank staan paardenbloemen.


Radiomaker L.

Dan is het 1971. Door collega S. is er een uitwisselingsprogramma tot stand gekomen met een radiostation in New York. Hij had daar een jaar over onderhandeld. L., de Amerikaanse beroemde radiomaker zou drie maanden in Hilversum komen werken en ik zou zijn werk in New York overnemen.
      Maar ach… ondanks dat jaar onderhandelen wist niemand bij dat radiostation iets van mijn komst, en ondanks dat jaar leuteren had L. ter voorbereiding op zijn komst naar Nederland een cursus Vlaams gevolgd. Hij kreeg geen programma bij de VPRO en moest het doen met korte interviews die ook nog vertaald moesten worden.
      L. had een ochtendtalkshow, en die moest ik dan maar gaan doen. Live en iedere dag. Soms blijven paardenbloemen wel heel lang staan. Drie maanden, Maar dan gaan ook zij.

 
Klik HIER voor alle Photosophieën

 

 

HET ONGERIJMDE


(Door Peter Flik te Hongarije)

Dit is een vraag die ik wel vaker krijg: waarom toch zoveel belangstelling voor Oost Europa? Zoveel zelfs dat je er woont. Met het beantwoorden van de vraag kom je tal van valkuilen tegen. En soms loop ik er ook nog in.
      In mijn vroege jeugd woonde ik in Nederland en het viel me op hoe ordelijk alles was. Alsof iemand in de nacht, terwijl je sliep, alles aan het opruimen was geweest. En soms benauwde me dat ook wel. Een eerste vakantie in België opende mijn ogen. Wat een weldadige chaos her en der. Rooilijnen in de steden en dorpen? Soms wel, maar vaak ook niet. Je huis diep paars verven? Geen probleem. Na sluitingstijd van een restaurant nog willen eten? Het kon soms. Een huisje gehuurd op een camping. Bij aankomst bleek er geen bed meer in te staan. De campingeigenaar reageerde naar mijn hart: wie zou die bedden hebben meegenomen? Neem maar een ander huisje was de oplossing.
      In de loop van de jaren ging ik steeds meer van de Belgische ongerijmdheden houden. Later bezocht ik steeds vaker nieuwe landen met hun ongerijmdheden. De toenmalige DDR spande de kroon. In de hoofdstad Oost Berlijn waren wel plattegronden van de stad te koop, maar West Berlijn was wit en er bestonden geen straten daar. Op de hoge teeveetoren in Oost werd je door DDR-gidsen rondgeleid, waarbij zij er streng op toezagen dat men niet aan de westkant van die toren kwam, waar uitzicht op West Berlijn was.
      Bij het verhalen van belevenissen in Oost-Europa werd vaak een tegenwerping gemaakt: of ik dan niet op de hoogte was van de terreur waaronder bijna de gehele bevolking te lijden had. Ik kon niets anders zeggen dan dat ik dat wel wist, maar dat ook verschillende werkelijkheden naast elkaar konden bestaan. Ga maar eens naar het Concertgebouw in Amsterdam en zie dat in de grote zaal Beethoven wordt gespeeld terwijl ergens in de kelder een toiletjufrouw met één been tegen een hongerloontje haar vervelende werk doet. Die werkelijkheden bestaan gewoon naast elkaar.

Osijek Kroatië

Onlangs maakten we een tochtje door Kroatië en kwamen in Osijek. De foto's tonen mijn voorliefde voor het ongerijmde. Mijn lievelingsfoto? Die van de gratis koffie voor twaalf Kuna!

 

 

Zonder ramen

           

 

Hangspullen

           

 

Stadsrondrit

 

 

 


Voorjaar 2014

Een UFO boven de Donau 



Als je een eerste indruk wilt hebben van de Slowaakse hoofdstad Bratislava moet je naar de Novy Most gaan, de nieuwe brug over de Donau. Op één van de brugpijlers is een toren van 85 meter hoog. Daar is een restaurant dat UFO heet en er inderdaad uitziet als een vliegende schotel. Op de hoogste verdieping is een uitkijkplatform. 

      360 Graden Bratislava. Pas daarna ga je de stad verkennen.
De NOVY Most werd in 1972 geopend. Zij heette toen de Most SNP, brug van de Slowaakse Nationale Opstand. Na de onafhankelijkheid op 1 januari 1993 werd het de Novy Most.

Brug met oude stad


DONAU Richting Oost


Buitenwijk richting zuid


DONAU Richting west


Buitenwijk richting west


Buitenwijk richting oost


 

 

Een groen uitgeslagen beekje

Als je zomaar wat door de Franse Champagne rijdt kan je ineens op de Somme stuiten.
      Een rivier met een naam, die plezierige visioenen oproept.

Villeseneux

In Villeseneux is de rivier niet veel meer dan een groen uitgeslagen beekje.


Clarenges


Even verderop in Clarenges is dat niet veel anders.

      
Saint-Valery sur Somme

 

Mooie breda delta

 

Ruim 300 kilometer verderop is de rivier plezierig uitgedijd.
      Een mooie brede delta in Picardiê op de grens met Normandiê.
In het noordwesten van het land.

                          


Le Crotoy



De monding van de rivier.

 

Subcategorieën