De Prins der dichters

Vorig jaar oktober schreef ik een stukje over een gedichtenwedstrijd op het A. Roland Holst College in Hilversum. (Poezie 30: Liefde in de brugklas). Ik had informatie gekregen van Bea de Boer, die hoofd is van de Mediatheek op de school.

Laatst heb ik haar gevraagd waarom er in Hilversum in Godsnaam een scholengemeenschap vernoemd is naar een inmiddels vrijwel vergeten dichter.

Het antwoord bleek -zoals vaak- nogal voor de hand liggend. Adriaan (Jany) Roland Holst heeft van september 1903 tot juni 1906 op deze school gezeten, die toen nog de nieuwe gemeentelijke HBS was.
      Jany, die in 1976 overleed gaf een paar jaar daarvoor toestemming om de school naar hem te vernoemen. Dat was bij de invoering van de Mammoetwet in 1973. Voor het reünieboekje van de school schreef ‘de Prins der Dichters‘:


En in de hal van het nieuwe gebouw (het oude gymnasium) waar ook de Mediatheek is, staat deze regel uit Zwerversliefde:


BERGEN NOORD-HOLLAND  

De link Roland Holst-Hilversum is verder niet erg voor de hand liggend. Hij werd geboren in Amsterdam op het adres Stadhouderskade 132, stomtoevallig hetzelfde adres waar de huidige rectrix van het college, Loes Lauteslager, jarenlang woonde.


EEN GROOT DICHTER

Adriaan Roland Holst was een groot dichter. Geen twijfel over. Hij ontving ondermeer de P.C.Hooft-prijs, de Constantijn Huygens-prijs en de prijs der Nederlandse Letteren, waar hij in het Jury-rapport ‘Prins van onze dichters’ werd genoemd.
      Later werd dit ‘Prins der dichters’.
Jan van der Vegt schreef een vuistdikke biografie, die in 2000 verscheen.

Zijn bekendste gedicht is: Een winter aan zee 
      Hierin schrijft hij ook een paar regels over zichzelf



ROKKENJAGER  

Jany was een erkend rokkenjager. Dat gaf hij zelf ook toe:


EEN OBER IN BERGEN  

Ik kreeg dit een paar jaar geleden nog eens uit onverwachte hoek bevestigd door een ober van het bekende café -restaurant Het Huis met de Pilaren in Bergen.
      In dit radioprogramma (
De Paardenhemel) over schrijvers en dichters uit Bergen en omgeving, dat ik samen met directeur Kees den Bakker van uitgeverij Conserve maakte, komt die ober aan het woord. (Vanaf ca. 13’15”).