AANGETEKEND  

Ze schrikt. Josefien. De post heeft een aangetekende brief gebracht. Afzender is haar werkgever; de papierfabriek, waarvan het kantoor gevestigd is aan de Prinsengracht in Amsterdam. ‘Wat kan dat toch zijn?’.
       Ze weet dat we leven in een tijd van recessie en dat er een economische crisis op komst is. Het gonst van de geruchten binnen het bedrijf. Bezuinigingen zouden er komen. Ontslagen wellicht.

Josefien durft de brief niet te openen. Ze werkt al meer dan 25 jaar bij het bedrijf. Zo makkelijk konden ze haar toch niet ontslaan. En wat moest ze dan gaan doen? Een ww-uitkering? De Bijstand? Ander werk zoeken?
      ‘Rustig’, zegt ze volkomen opgefokt. ‘Rustig blijven’.
Dan begint ze hardop aan haar oefeningen, die haar zelfvertrouwen moeten bezorgen.

      ’Ik ben voor succes geboren.
      Ik ben voor succes geboren’.

De bel gaat. Ook dat nog. Ze doet de deur open. Daphne. Haar beste vriendin. Tenminste tot voor kort. Daphne had laatst de telefoon op de haak gegooid, nadat ze Josefien had toevertrouwd dat ze maar eens aan zichzelf moest gaan werken. Dat ze meer zelfvertrouwen moest krijgen en niet meer zo ‘oenig’ moest doen.
      Eigenlijk wist ze niet precies wat dat betekende. Oenig. Ze had het opgezocht in de dikke van Dale.
      ‘Onbenullig’, stond daar. ’Dom, sullig, stom’. Dus dat vond Daphne.
En dat noemde zich haar vriendin. Nou ja zeg!‘
     
      
'Tegen wie had je het?’, vraagt Daphne.
     
       ‘Hoezo?’
    
       'Ik hoorde je toch praten? Je had het over succes'.

Josefien krijgt een kleur.
     
      'Eh... dat zijn mijn oefeningen'

      'Wat voor oefeningen?'


      'Nou gewoon'', zegt Josefien. 'Oefeningen'.

      'Oh', zegt Daphne. 'Gewoon oefeningen'.

En dan herhaalt ze het nog eens op luide toon.

      'WAT VOOR OEFENINGEN?'


VERGEELD BOEK  

Josefien besluit het er allemaal uit te gooien. Ze pakt het vergeelde boek van haar moeder.
      ‘’Practische psychologie. Hoe uw onderbewustzijn te activeren’.
‘Ik moet van jou toch aan mezelf werken. Meer zelfvertrouwen krijgen. Nou volgens dit boek van mijn moeder moet ik dan een paar keer per dag hardop dit zinnetje herhalen:
      ’Ik ben voor succes geboren’.

Daphne kijkt haar verbaasd aan. En ook zij gooit het eruit.
     
      ‘Ben je niet te oud voor die flauwekul. Bullshit is het. Denk je nou echt dat dat werkt. Mijn god; je bent er nog erger aan toe dan ik dacht’.

Josefien kijkt haar vriendin verschrikt aan en begint een beetje te huilen. Ze pakt de ongeopende enveloppe en geeft hem aan haar vriendin.
      ‘Hier kijk maar. Ik ben nog ontslagen ook’.

Daphne scheurt de enveloppe open en leest de laatste regels: 
     
’Nodig ik u uit voor een functioneringsgesprek.
      Hoogachtend: Joost Cornet; Hoofd Financiën’.

      ‘Zie je het nou’, zegt Daphne. ‘Jij raakt altijd in paniek. Denkt altijd het ergste. Ook als er niets aan de hand is. Maar ik ga jou klaarstomen voor dat gesprek.
      We kopen leuke nieuwe kleren, we zoeken een pruik voor je uit en je moet ook maar eens aan de contactlenzen. Of beter: laat ze laseren. Dat kan je dit jaar nog aftrekken ook'.

VERSE STRONT  

Josefien stokt. Laseren? Wat was dat ook weer.
Ze kijkt haar vriendin even aan. Dan kijkt ze naar buiten. Daar ligt de Hekslootpolder waar ze zo van houdt. Het groen, de koeien, de vogels, de geur van verse stront.

Ineens voelt ze zich opgelucht en zegt tegen een verbouwereerde Daphne:

      'Vroeger toen ik klein was werden die koeien nog met de hand gemolken.
       Ik mocht dan altijd de staart omhoog houden als ze moesten poepen'.

Ze zucht.
      Vergeet Daphne even en ziet boer Kees voor zich.
      Boer Kees, die altijd zo lief voor haar was als ze de staart omhoog had gehouden.