Reportages (145)

 

De waterman van Vásárosbéc

Het dorpje Vásárosbéc in het zuidwesten van Hongarije is klein. Hier eindigt de weg. Het heeft ongeveer 170 inwoners. Een derde van de bevolking is zigeuner.
      Zeer weinig mensen hebben werk. Men krijgt een uitkering van 160 Euro per maand. Veel mensen zijn zelfvoorzienend. Men verbouwt groenten en kruiden, houdt kippen, parelhoentjes en mestvarkens om te eten en ruilt klussen.
      Geert Mak begint en eindigt hier zijn ‘In Europa’.

'Hier bleef het altijd 1925' schreef Mak. Sinds Hongarije bij de Europese Unie hoort, is dat niet meer helemaal waar.
      Maar er zit nog altijd een harde kern van waarheid in.


Neem de watervoorziening.
Lang niet iedereen heeft water. Men haalt het dan uit een put.
      En als men water uit de kraan heeft, blijkt dat zo ernstig gechloreerd dat het niet te zuipen is.
Daarom komt iedere week DE WATERMAN langs. Mensen die het betalen kunnen zetten hun lege flessen aan de kant van de weg. De waterman zet er dan weer volle flessen voor in de plaats.


Mineraalwater met bubbeltjes. Flessen van 1.35 liter. Dat kost 55 Hongaarse Forint per fles, ongeveer 18 Eurocent.

Ik heb in het verleden al diverse malen over dit dorp geschreven.

 

Reizen 11: Manden, lappen & vage koopwaar
Beelden 4: Voormalig Oostblok
Reportages 19: Verwarrende tijden
Reportages 50: Een dorp ontwaakt.

 

 


Cultuur, politiek & vertier

Neem Weimar. Een mooie stad in Oost-Duitsland. Het is Unesco Werelderfgoed. Het ademt cultuur, architectuur en politiek. Een stad met mooie & bijzondere gebouwen, met kastelen en parken, met tal van musea.
      Maar ook een stad vol vertier. Met café’s , nachtclubs, restaurants, terrassen en straatmuzikanten. Met lommerrijke straten.
      De stad van Goethe, van Schiller, van Liszt, van Nietzsche. De stad waar in 1919 de eerste Duitse Grondwet (Weimarer Reichsverfassung) werd aangenomen. Naamgever van de Weimarrepubliek van 1919 tot 1933, toen Hitler aan de macht kwam.

Raadhuis


Je kunt de stad het best te voet verkennen. Het centrum is niet zo groot. Je komt alles bijna vanzelf tegen.
      Je kunt het best beginnen bij het Stadtmuseum in het noorden van het centrum. Daar zijn diverse (on)-overdekte parkeerplaatsen. Daarnaast is het Congrescentrum. Je komt op het Goetheplein met het markante standbeeld van Goethe en Schiller, je ziet hun woonhuizen, je komt bij het Liszthaus, het Nietzsche Archief, bij het Weimarhaus, de Stadskerk St. Peter en Paul en bij het karakteristieke Raadhuis.
      Even verderop liggen de kastelen Belverdere en Tiefurt en je kunt een ‘uitstapje’ maken naar voormalig concentratiekamp Buchenwald, zo’n acht kilometer buiten de stad.


Stadtmuseum


Postkantoor

Bauhaus museum

Goethe (links), Schiller & de medemens

Weimarhaus

Goethehuis

Schillerhuis

Markt

Eindelijk rust

 

 


Contrasterende bruggenhoofden


Het contrast is groot. Aan de kant van IJsselmonde wordt alles gerestaureerd en ligt een aangeharkt park. Aan de zijde van de Hoeksche Waard is het bruggenhoofd behoorlijk verwaarloosd, liggen puinresten in het water en bevindt zich een dicht bebost gebiedje met aan de oever van de rivier polders en gorzen die regelmatig onderlopen.
      Het gaat allemaal om de restanten van de Barendrechtse brug over de Oude Maas, die van 1885 tot 1969 de enige oeververbinding was tussen deze twee Zuid-Hollandse eilanden onder Rotterdam.



Het was aanvankelijk een draaibrug, maar later werd er een hefbrug van gemaakt. Automobilisten moesten tol betalen tot 1929. Bovendien moesten ze vanaf 1898 wachten op de stoomtrams van de RTM, die hier gingen rijden. Zware locs tot 25 ton gingen er ook overheen.
      In 1969 hield het allemaal op, want toen werd de Heinenoordtunnel geopend.


Brokstukken



De brug werd opgeblazen. Brokstukken liggen aan de kant van Heinenoord nog steeds onder het oude bruggenhoofd.


De overkant



Het zicht op de rivier is ruim & mooi. Aan de overkant het bruggenhoofd van Barendrecht.
      Het westelijke tolhuisje is inmiddels gerestaureerd; het oostelijke huis is omhuld met wit plastic.


Andere kant



Het ingepakte tolhuis met het hefmechanisme van de brug, dat als een monument is opgericht.


Hefboom

                 

Scheepvaartverkeer



Het is druk op de Oude Maas. Vooral binnenvaartschepen. Chemicaliëntankertjes en kleine containerschepen bijvoorbeeld.


De mannen



Dat wordt dan weer scherp in de gaten gehouden door spotters, die onderling druk bespreken wat voor schepen ze in het zicht hebben.


Geertruida-Agathapolder



De Oude Maas is de enige echte getijdenrivier van de Delta. De Geertruida-Agathapolder staat daardoor regelmatig geheel onder water. De grasgorzen eveneens, want de kade langs de rivier is daarvoor verlaagd.


De tram



Bruggenwachterhuis



Het bruggenwachterhuis is mooi bewaard gebleven.
      Op de benedenverdieping waren wachtlokalen voor de trampassagiers.

 

P.S.

Van Peter de Groot uit Heinenoord kreeg ik de volgende reactie:

Beste mijnheer van den Boogaard,

Op het internet kwam ik van u een prachtig stuk tegen over de historie van de Barendrechtse Brug.
Op een van de foto’s staat “dat De brug werd opgeblazen. Brokstukken liggen aan de kant van Heinenoord nog steeds onder het oude bruggenhoofd.”

Echter die brokstukken zijn niet het gevolg van een explosie maar zijn het toedoen van nare mensen die de toen nog intacte natuurstenen muur welke aan beide zijden van het brughoofd aanwezig waren in de vorm van vierkante  wachtverblijven en waarin je dus “beschermd” kon staan en uitkijken over de rivier als voetganger of fietser moedwillig omver hebben geduwd.

Er ligt nog wel een klein stukje rails van de toenmalige stoomtram maar ook dat is door soortgelijke respectloze mensen bekrast met nare teksten.
Dit wilde ik u even laten weten.

 

,

 

 

 

Bontbekplevier & doorzichtige zakpijp

Er liggen schorren en slikken. Stranden, duinen en eilandjes. Het barst er van de kustvogels, die broeden en fourageren. Niet alleen meeuwen en ganzen maar ondermeer ook visdiefjes, dwergsterns en de bontbekplevier.
      Diep onder water zit -staat tenminste op een bordje- ondermeer snotolf , doorzichtige zakpijp en zeedruif. Restanten van De Ramp uit 1953 zijn overal zichtbaar.
      Dit is het nationaal park De Oosterschelde aan de zuidzijde van Schouwen-Duiveland tussen Zierikzee en de Noordzeekust.

Werkhaven

Hier bij De Schelphoek was de werkhaven voor de aanleg van de Oosterscheldedam. Die dam bestaat uit vele duizenden van deze stenen blokken. Via een kabelbaan werden ze in het water gestort en als er teveel wind was werd een Sikorsky helikopter ingezet, die drie blokken tegelijk in een net kon vervoeren. Dat was een zeer spectaculair gezicht. Ik heb dat destijds namelijk zelf gezien.

Koudekerke

Er is een uitkijktoren, waar je de landschappen in alle richtingen ziet verdwijnen. In de verte de zogeheten plompetoren van het voormalige dorp Koudekerke. Dat werd zodanig door het Oosterscheldewater bedreigd dat de autoriteiten in 1583 besloten om dorp en kerk te slopen. Alleen de toren bleef behouden.

Achterland


Bij De Ramp werd hier in de dijk een gat geslagen van 525 meter breedte. Vijftien mensen verdronken; 22 huizen gingen verloren. Achter de nieuwe Ringdijk herinneren plassen en meertjes aan die doorbraak. Achter op de foto het dorpje Serooskerke

Zwaluwen & vleermuizen

Dit is het dak van een zogeheten Phoenix Caisson. Die werden drijvend naar de doorbraakplek gesleept waarna ze werden afgezonken. Op het dak roosters en gaatjes voor zwaluwen en vleermuizen.

Schorren, slikken en platen

 

Toren van Zierikzee

Op de achtergrond de toren van Zierikzee.

 

 

 

Zout getijdengebied in wording

Dit enigszins onheilspellende landschap ligt in Zeeland tussen 't schiereiland Sint-Philipsland en 't eiland Tholen. Het heet Rammegors en is 145 ha groot.
      Een paar maanden geleden stonden hier nog bomen, struiken en duinriet, er graasden Shetlands en er waren duizenden ganzen. Het is de bedoeling dat dit weer een zout getijdengebied wordt met schorren en slikken; in feite een toevoeging aan de Oosterschelde. Kijk even naar het kaartje hieronder.

Afsluitbare opening

                 

Bij de Krabbenkreekdam (rechts onder het dorp Sint Philipsland) komt een afsluitbare opening zodat het zoute Oosterscheldewater er in kan stromen. Zo wordt het getij hersteld en krijgt het gebied een heel andere vegetatie.
      Het gaat dus om het gebied onder de Slaakdam en ten oosten van de Krabbenkreekweg tot aan het Schelde-Rijn kanaal, de grens tussen Zeeland en Noord-Brabant. Sint-Annaland ligt op Tholen.
      Ruim voor het eind van dit jaar moet het klaar zijn. Ik ga het voor u volgen.

Gekapte bomen

Afgebroken hekwerk

Graafwerktuigen & rupskranen

Er staan nog veel werktuigen in het gebied. Soms zakt er één weg in het slib en het drab.

Slib en drab

Container

Een eenzame container op de dijk langs het Schelde-Rijn kanaal.
      Daarachter de brug tussen Sint-Philipsland en West-Brabant.

Scheepvaartverkeer

Het scheepvaartverkeer in het Schelde-Rijn kanaal gaat natuurlijk gewoon door. Het is er altijd druk. Ook in de weekends.

Het nieuwe Rammegors

             

Een projectie van het gebied zoals het er in de toekomst zal gaan uitzien. Op de voorgrond het Schelde-Rijn kanaal. Rechstboven: Het dorp Sint-Philipsland. Middenachter Krabbenkreek (Oosterschelde).
     
Dit is de situatie bij eb. Als het vloed is zal vrijwel het hele gebied onder water staan.

Situatie bij vloed

 

 

 

 

Subcategorieën