De treurige P.v.d.A. & een rijzend lokalisme

Ik mag komende woensdag stemmen. Herindeling.
      Op de Hoeksche Waard -een Zuid-Hollands eiland onder Rotterdam- zijn nu nog vijf gemeentes, maar die worden per 1 januari tot één geheel gesmeed. Overigens tegen de wil van een meerderheid van de bevolking, maar dat telt niet. De provincie wilde het en kreeg Eerste en Tweede Kamer mee. De provincie wilde het overigens al veel eerder, maar dat werd tegengehouden omdat bij diverse referendums in de aparte gemeentes te grote massa’s tegen bleken. Maar als je gewoon door blijft drammen, krijg je het kennelijk toch voor elkaar. ‘’Wij bestuurders weten immers beter wat goed voor u is dan uzelf’’.

      Ach! Ik mag dus stemmen.
Er doen dertien partijen mee. De partij Lokalen Hoeksche Waard vormt lijst 1. Er staan 50 namen op hun kandidatenlijst. Net als het CDA (lijst 2). VVD op 3 heeft een lijst van 29 namen en de SGP 34.
      Maar dan komt de P.v.d.A. Niet meer dan dertien kandidaten. Daaronder slechts twee vrouwen.

En de eerste vrouw staat pas op een zevende plaats. November 2018!
      Dat gebeurde overigens  na een crisis, waarbij het hele bestuur aftrad. Ruzie en botsende ego’s. Het landelijk kwakkelen van deze partij wordt hiermee lokaal in het kwadraat aangetoond. Ik ben nog steeds lid en kreeg een uitnodiging om te gaan flyeren. Maar ja: wat moet je tegen geïnteresseerde mensen zeggen als ze met dit soort feiten en cijfers aankomen. Ik zou het bij god niet weten.  

      Er is ook een partij onder de naam Hart Voor Alle Kernen. Daar staat niemand -echt niemand- op uit mijn huidige gemeente. Hoeveel hart is er dan voor alle kernen?

      De partij Cromstrijen’98 HW doet het weer anders. Daar staan alleen de namen op van mensen uit de huidige gemeente Cromstrijen. Kennelijk een soort actie om de inbreng van Cromstrijen -vooral de dorpen Klaaswaal en Numansdorp- in die nieuwe gemeente zo groot mogelijk te maken. Dat is een eng soort lokaal nationalisme, dat we voortaan lokalisme noemen.

      Veel van dat lokalisme dient zich ook aan bij lijst 10: Progressief Hoeksche Waard.  Daar staan achttien namen op, waarvan er veertien uit Oud-Beijerland komen.  

      Ik mag komende woensdag stemmen en ga iets doen wat ik nooit eerder gedaan heb.
Nummer zeven van de P.v.d.A. Ken ik die mevrouw? Nee.
      Maar zij heet Spruit-Boer en dat is toch een leuke bijkomstigheid in een agrarisch gebied.

En dan is er nog een probleem. De partij Onafhankelijk Hoeksche Waard heeft maar twee kandidaten op de lijst. Er zijn 37 zetels te verdelen.
      Stel nu eens dat deze partij meer zetels dan twee zou behalen. Dan ontstaat een zogeheten zeteloverschot. Wat gebeurt er dan? Een buurman of buurvrouw vragen? Met terugwerkende kracht nog iemand op de lijst zetten? Ik vroeg het her en der, maar niemand wist het.
      In NRC-Handelsblad vond ik een artikel. Dat gaat over Tweede Kamerverkiezingen. Maar ik neem aan dat hetzelfde geldt voor de gemeenteraad.  Als u het drie keer leest, moet u het kunnen begrijpen.  Het luidt als volgt:

De verdeling van zo’n ‘zeteloverschot’ zal op dezelfde manier gaan als nu van een restzetel. „Volgens het systeem van de grootste gemiddelden”, zegt Melle Bakker, secretaris-directeur van de Kiesraad. Dat betekent: iedere partij krijgt er fictief één zetel bij, waarna het aantal op de partij uitgebrachte stemmen wordt gedeeld door dit aantal. De partij met het grootste gemiddelde krijgt een restzetel. Voor een overschot van meer dan één zetel wordt de berekening telkens opnieuw gemaakt. De uitkomst kan zo telkens verschillen.

Met een stem op Onafhankelijk Hoeksche Waard kun je dus de SGP aan een extra zetel helpen.