Een aangenaam mediterraan stadje

Cetinje is de voormalige hoofdstad van Montenegro. Een zeer aangename mediterrane stad. 

      Met prachtige monumentale gebouwen en paleizen, musea, kerken en kloosters.
Met kleine huisjes, bont gekleurde winkeltjes, restaurants en terrassen.
      Overal zijn de bergen zichtbaar, het Lovcen National Park is dichtbij en de kust van de Adriatische Zee is binnen een half uur bereikt.

Njegoševa 

 
Cetinje is de voormalige hoofdstad van Montenegro. Een zeer aangename mediterrane stad. Met prachtige monumentale gebouwen en paleizen, musea, kerken en kloosters.
Met kleine huisjes, bont gekleurde winkeltjes, restaurants en terrassen. Overal zijn de bergen zichtbaar, het Lovcen National Park is dichtbij en de kust van de Adriatische Zee is binnen een half uur bereikt.
cetinjeeen
 
De hoofdstraat is de Njegoševa, een autoluwe straat waar het flaneren tot kunst verheven is. Zien en gezien worden is hier het motto. Als je een fotootje maakt gaan ze zich een beetje uitsloven.
 
cetinjedrie
 
Bankgebouwen, paleizen en voormalige ambassades staan hier naast kleine huisjes en lieve winkeltjes. Hieronder het voormalige presidentieel paleis, dat nu in gebruik is als het Ministerie van Cultuur.
 
Presidentieel paleis
 
Huisje
Cetinjevijf
 
Terrassen
cetinjezeven
 
Winkeltje
Cetinjeacht
 
Vriendelijk?
De mensen in Cetinje waren vriendelijk.
In 1972 was dat nog anders.
Ik kreeg de volgende reactie van Rolf Weijburg (Te gast 36), een Utrechts kunstenaar die in 1972 met een vriend de tocht maakte van Kotor via Cetinje naar de hoofdstad Podgorica, die toen nog Titograd heette.
 
‘ah, die weg vanaf Kotor naar boven. Prachtig! Ik reed'm in 1972 met een Renault 4 en we kregen halverwege een lekke band. Eenmaal boven werden we in Cetinje met stenen bekogeld en later werd in een gigantische militaire gaarkeuken in Titograd (nu Podgorica), waar we een goedkoop hapje mee dachten te kunnen pikken, mijn maat's paspoort gejat.
Een avond ondervragingen van de politie met een felle lamp op ons gericht was het gevolg. En daarna weer helemaal terug via Sarajevo naar Beograd om 'n nieuw paspoort aan te vragen. We waren op weg naar Griekenland en hadden alle tijd.
Bijgesloten twee fotootjes uit m’n plakboek van weleer…’
 
 
 
 
 
 
 
 
 Njegoševa

De hoofdstraat is de Njegoševa, een autoluwe straat waar het flaneren tot kunst verheven is. 

      Zien en gezien worden is hier het motto.
Als je een fotootje maakt gaan ze zich een beetje uitsloven en negeren even de achtervolgende mannen .

Presidentieel paleis

Bankgebouwen, paleizen en voormalige ambassades staan hier naast kleine huisjes en lieve winkeltjes.
      Hieronder het voormalige presidentieel paleis, dat nu in gebruik is als het Ministerie van Cultuur.

Huisje

Terrassen

 

Winkeltje

Vriendelijk of stenengooiers?

De mensen in Cetinje waren vriendelijk.
     
In 1972 was dat nog anders.
Ik kreeg de volgende reactie van Rolf Weijburg (Te gast 36), een Utrechts kunstenaar die in 1972 met een vriend de tocht maakte van Kotor via Cetinje naar de hoofdstad Podgorica, die toen nog Titograd heette.

‘Ah, die weg vanaf Kotor naar boven. Prachtig! Ik reed'm in 1972 met een Renault 4 en we kregen halverwege een lekke band. Eenmaal boven werden we in Cetinje met stenen bekogeld en later werd in een gigantische militaire gaarkeuken in Titograd (nu Podgorica), waar we een goedkoop hapje mee dachten te kunnen pikken, mijn maat's paspoort gejat.

Een avond ondervragingen van de politie met een felle lamp op ons gericht was het gevolg. En daarna weer helemaal terug via Sarajevo naar Beograd om 'n nieuw paspoort aan te vragen. We waren op weg naar Griekenland en hadden alle tijd.

Bijgesloten twee fotootjes uit m’n plakboek van weleer…’

Waarom?

Het is me niet geheel duidelijk waarom de mensen toen met stenen gooiden. Rolf wist het eigenlijk ook niet.
     
Misschien wekte het lange haar wel agressie op. Of de totale uitstraling.
Wellicht enigszins  te vergelijken met Easy Rider, de succesfilm uit 1969 die haarscherp de enorme tegenstellingen blootlegde tussen de hippiecultuur en het conservatieve Amerikaanse platteland.