De waterman van Vásárosbéc

Het dorpje Vásárosbéc in het zuidwesten van Hongarije is klein. Hier eindigt de weg. Het heeft ongeveer 170 inwoners. Een derde van de bevolking is zigeuner.
      Zeer weinig mensen hebben werk. Men krijgt een uitkering van 160 Euro per maand. Veel mensen zijn zelfvoorzienend. Men verbouwt groenten en kruiden, houdt kippen, parelhoentjes en mestvarkens om te eten en ruilt klussen.
      Geert Mak begint en eindigt hier zijn ‘In Europa’.

'Hier bleef het altijd 1925' schreef Mak. Sinds Hongarije bij de Europese Unie hoort, is dat niet meer helemaal waar.
      Maar er zit nog altijd een harde kern van waarheid in.


Neem de watervoorziening.
Lang niet iedereen heeft water. Men haalt het dan uit een put.
      En als men water uit de kraan heeft, blijkt dat zo ernstig gechloreerd dat het niet te zuipen is.
Daarom komt iedere week DE WATERMAN langs. Mensen die het betalen kunnen zetten hun lege flessen aan de kant van de weg. De waterman zet er dan weer volle flessen voor in de plaats.


Mineraalwater met bubbeltjes. Flessen van 1.35 liter. Dat kost 55 Hongaarse Forint per fles, ongeveer 18 Eurocent.

Ik heb in het verleden al diverse malen over dit dorp geschreven.

 

Reizen 11: Manden, lappen & vage koopwaar
Beelden 4: Voormalig Oostblok
Reportages 19: Verwarrende tijden
Reportages 50: Een dorp ontwaakt.