De onttakeling van het Paradijs

(Door Rolf Weijburg)

Op veel van de Outlying Islands, de Zil Eloigne Sesel,  in het uitgestrekte zuidwesten van de Seychellen dat de Lost Corner wordt genoemd, werd vroeger guano (natuurlijke meststof) gewonnen, zeeschildpadden en haaien gevangen en kopra geproduceerd. De seizoenarbeid op de eilanden trok avonturiers en gelukszoekers aan, maar ook avontuurlijke ondernemers bezochten de uithoek.

In één van de voorgaande afleveringen van deze blog, kwamen we al  kunstenares Wendy Day Veevers-Carter tegen die samen met haar man Mark een plantage runde op het eilandje Remire in de Amirantes archipel. Het echtpaar verkocht de goed lopende plantage in 1968 en verhuisde naar een zo mogelijk nóg grotere eenzaamheid: naar het verre onbewoonde Astove atol, net boven de noordelijke punt van Madagaskar.
      Ze bouwden er een huis met 14 kamers, een gebouwtje voor de kopra-verwerking, een kapel, een winkeltje en huisjes voor de Seychelse arbeiders die gingen werken op de kokosplantage. Kopra was waar het om draaide, maar er werd ook tabak verbouwt.
      Alles verliep min of meer voortvarend totdat Mark enorme tandpijn kreeg en absoluut naar een tandarts of tandchirurg moest. De dichtstbijzijnde bevond zich in Kenya en na veel wachten kon hij eindelijk door een schip dat naar Mombasa op weg was worden opgepikt.
      Mark overleefde de verdoving die hem werd toegediend echter niet. Hij stierf in de tandartsstoel …
Tot eind 1970 probeerde Wendy de plantage op Astove alleen te runnen, maar ze gaf het op en vertrok samen met haar kinderen terug naar de VS en de plantage verwilderde.

 ASTOVE

 

Er is nu een airstrip op Astove waar soms kleine gezelschappen landen die voor iets meer dan 10.000 US dollar een weekje komen vissen en in de kleine lodge verblijven.  
      Dat kun je ook op allerlei andere eilanden, zoals bijvoorbeeld op Alphonse of op het zuidelijkst gelegen eiland Farquhar.

      Het kost wel wat, maar dan kan je toch maar mooi onder niet alledaagse omstandigheden een hengeltje uitgooien.

 

 De Outlying Islands worden gerund en ontwikkeld door de Islands Development Company (IDC) die over hun economische levensvatbaarheid waakt. 

Het prestigieuze “One Island One Hotel”, een plan om het gebied toeristisch te ontsluiten dat door het ministerie van toerisme in 2008 werd gelanceerd en moest worden uitgevoerd door de IDC, is echter bij lange na niet gehaald.
      De economische crisis was daar deels debet aan maar ook de lastige infrastructuur. Veel van de eilanden zijn per boot erg moeilijk bereikbaar of liggen gewoon te ver weg terwijl sommige airstrips te vaak met grote vogelkolonies kampen, die het landen en opstijgen van de vliegtuigjes van de IDC en Air Seychelles bemoeilijken. Een aantal hotels heeft daardoor, na initieel optimisme, de deuren voortijdig moeten sluiten.

                                                                       Privé eiland

Om er toch nog wat van te maken worden er naast plantage of hotel ook andere bestemmingen voor de eilanden bedacht. Privé eiland bijvoorbeeld.
      D’Arros Island in de Amiranten Archipel was al sinds de zeventiger jaren in bezit van de Iraanse Prins Shahram Pahlavi Nia en werd later verkocht aan de schatrijke Française Liliane Bettencourt, dochter van de oprichter en grootaandeelhouder van cosmeticagigant L’Oreal. 

      In 2012 verkocht Liliane het eilandje voor 60 miljoen dollar (ruim drie keer de aanschafprijs …!) aan de Save Our Seas Foundation, een organisatie die zich inzet voor de bescherming van de oceanen en van D’Arros Island een Natuur Reservaat maakte.  

Minder geruststellend zijn de ontwikkelingen op Assumption Island, nota bene op slechts 50 kilometer ten oosten van het UNESCO Wereld Erfgoed atol Aldabra.
      Op Assumption wordt sinds 2016 gebouwd aan een Indiase Basis. India, dat altijd al veel belangen in de Seychellen heeft gehad en onder andere het Seychelse leger adviseert, leasede het eiland van de Seychellen. De zeven inwoners werden onder “lichte dwang” geherhuisvest op Astove Island  en wonen er nu in twee door India gebouwde huisjes.

India bouwt intussen flink door aan de basis die zowel een marine- als een luchtmachtbasis zal worden en eind 2018 operationeel moet zijn. De basis moet, in combinatie met een uitgebreid ook in de Seychellen ontwikkeld Indiaas radarsysteem, India grotere invloed en controle geven over de westelijke Indische Oceaan. Niet onbelangrijk daarbij is dat China, toch al niet India’s beste vriend, sinds 2015 een marinebasis heeft in de buurt van Obock in het Oost Afrikaanse Djibouti.
      Op twee eilanden in de Seychelles Outlying Islands werd de afgelopen jaren een gevangenis gebouwd: op Marie-Louise in de Amirantes en, helemaal aan de oostelijke kant van de Outlying Islands, op Coëtivy Island.
      Op Marie-Louise worden hoofdzakelijk verdachten vastgehouden die op hun berechting wachten. Ze worden bewaakt door een paar Seychelse agenten en een dertigtal uit Nepal afkomstige ghurka’s … vraag me niet hoe díe daar terecht zijn gekomen.


Garnalenfarm

Coëtivy had vroeger een belangrijke garnalenfarm waar bijna 200 arbeiders werkzaam waren.  De farm sloot in 2008 – op Google Earth zijn de deels overwoekerde bassins nog goed te zien –  en de arbeiders keerden werkloos terug naar Mahé. Enige jaren terug werd het eiland uitverkoren als locatie voor de bouw van een nieuwe gevangenis en in de gloednieuwe gebouwen vinden we nu drugdealers, drugsrunners en zwaardere criminelen. Bewakers zijn er nauwelijks nodig: het eiland ligt zó geïsoleerd dat ontsnappen nagenoeg onmogelijk is.

Maar, wacht even, ook op Mahé is een grote gevangenis, de Montagne Posée Prison. Dat maakt dus drie gevangenissen op een bevolking van nog geen 100.000 zielen. Er zijn de laatste jaren weliswaar veel Somalische piraten opgepakt en gevangen genomen, maar toch.
      Ik ben eens wat gaan zoeken en kwam er achter dat er in 2014 66 Somalische piraten in een Seychelse cel zaten, een aantal dat in 2016 was gedaald naar 22. Verder zoekend las ik dat er in totaal in september 2014 735 mensen vast zaten in de Seychellen.
      Afgezet op de wereldlijst van aantallen gevangenen per 100.000 inwoners bleek dat er relatief gezien nergens ter wereld zóveel mensen in de gevangenis zitten als op de Seychellen. Enkelen vanwege piraterij en een flink aantal vanwege druggerelateerde delicten, zo las ik.
      Maar verreweg de meesten wegens verkrachting.

Het lijkt er op dat het paradijs zo langzamerhand opgehouden is paradijs te zijn.

 

 

 

 

 

Rolf Weijburg's Atlas van de 25 kleinste landen in de wereld

 KliHIER voor alle afleveringen