Poëzie (224)

 

Ode aan een anarchist

José Domingo Gomez Rojas was 16 jaar toen hij zijn Rebeldias Liricas schreef. Een soort rebelse liederen. Het was toen 1913.
      In zijn geboorteland Chili was hij in intellectuele kringen op slag een dichter met een uitzonderlijk talent.
Zeven jaar later in juli 1920 werd hij opgepakt en in de gevangenis vastgezet. Hij werd gemarteld. Op 29 september 1920 overleed José Domingo Gomez Rojas. 24 jaar oud.
      De officiële lezing van de Chileense autoriteiten was: hersenvliesontsteking

Rojas was een anarchist. Daar waren er in die tijd meer van. Zij namen het voortouw bij steeds omvangrijker wordende betogingen en protesten. Gericht tegen de leiders van Chili, die een oorlog dreigden te beginnen tegen Peru en Bolivia.
      Rojas schreef in die jaren elegieën. Klaagzangen dus of -zo u wilt- treurdichten. Veel van die teksten werden gedeclameerd op zijn begrafenis op 1 oktober 1920 in Santiago de Chili. Daar waren zo’n 50.000 rouwende betogers bij elkaar gekomen.

Marnix van Gavere (1897-1974) een Vlaams dichter, betoont in onderstaande elegie zijn respect voor  
José Domingo Gomez Rojas. Een ode.


Elegie

Chili.
Perez kwam vandaar,
mijn ouwe lieve schoolkameraad;
en mijn onbekende vriend
Domingo Gomez Rojas
stierf er met wat zon op zijn gezicht

Hij stikte in stofbeladen folianten
hij schreef zijn ogen vol
met namen op A en O
Domingo Gomez Rojas.
Zijn moeder gaf de vogels te eten;
zijn jonge broer reed op zijn knie;
Domingo Gomez Rojas zong het mooie leven
en stikte in folianten.

Op de hoeken der straten blonk zijn gezicht;
bij avonden dat stemmen helder opklinken
was hij in de achterbuurten,
joelde met de jongens
en de vrouwen verdroomden hun nachten om hem.

‘’Domingo, begroeten ze hem, Rojas
waar is het geluk?’’
En zijn glimlach zei
in U en in mij,
in de liefde van ons allen.
Hij mikte op de harten wijl hij wist.

Omdat, wijl hij ’t leven peilde
hij uit liefde al vergat,
en wijl hij schreef
zijn hart te vol bezat;
omdat, wijl hij sprak
zijn hart op zijn lippen lag,
werd de gevangenis zijn tehuis
en de dood zijn gezel.

O tak vóór ‘t raam
duizendmaal bekeken en altijd nieuwe vreugd;
o deur der gevangenis
welke niet eens een naderende stap verwacht,
en de trage slag der eeuwigheid
die in ’t hart nog luttel wacht.

Plots viel een schot
en door zijn hart joeg
febriekgefluit en scherp gezang
als van scharen die marcheerden in de straten:
mijn hoofd was in het raam gemetst.
Zó vonden ze hem in zijn cel,
beweegloos
de verwachting in zijn hart getast
en ’t ritme van de schoonst-gedroomde wereld
naar zijn hoofd gerezen.

O Domingo Gomez Rojas,
uit het verre land van Chili,
zinn’loos stierf gij met wat zon op uw gezicht.


Klik HIER voor alle ZoekPoëzie

 

 : 

Vlegelt dol en dof

Dorsen is een ambacht uit vervlogen tijden. Het is een techniek waarbij de graankorrels uit de aren worden geslagen met een zogeheten vlegel.
      Zo’n (dors-)vlegel bestaat uit een lang stuk hout dat in de hand wordt vastgehouden en een kort, dik stuk hout, waarmee het te dorsen graan geslagen wordt. Die stukken hout zijn met een touw aan elkaar verbonden.
      Een methode ook om het kaf (omhulsel van de graankorrels) van het koren te scheiden. Tegenwoordig gebeurt dat bij ons natuurlijk  machinaal.

De Belgische dichter René de Clerq (Deerlijk 1877) liet zich door dit ambacht inspireren.
Hij schreef:


Dorserslied

Vlegels op, en vlugge
      Plof!
Kromt uw nek en rugge,
      Plof!
Niets voor ’t huis en al voor ’t hof!
   Vlegelt dol en dof


Beukt de vlakke vloeren
      Plof!
Maakt ze rijk, de boeren
      Plof!
Niets voor ’t huis en al voor ’t hof!
   Vlegelt dol en dof.


Vult de diepe zakken

      Plof!
O, de boer zal bakken
      Plof!
Niets voor ’t huis en al voor t hof
   Vlegelt dol en dof


Geld en drank en eten,

      Plof!
Alles nieuw gemeten,
      Plof!
Niets voor ’t huis en al voor ’t hof!
   Vlegelt dol en dof

Kaf dat kunt ge krijgen,
      Plof!
Om d’r op neer te zijgen
      Plof!
Niets voor ’t huis en al voor ‘t hof     
   Vlegelt dol en dof!


Vlegels op en vlugge

      Plof!
Kromt uw nek en rugge
      Plof!
Niets voor ’t huis en al voor ’t hof
   Vlegelt dol en dof.

 

Klik HIER voor alle ZoekPoëzie


 

 

De geest uit de fles

(Hoe de moderne mens werd hoe hij is) 

U wist het natuurlijk wèl, maar voor mij was het nieuw. Jean Paul Sartre heeft ook chansons geschreven. 
      Nou ja: in ieder geval één. Dans la rue des Blancs-Manteaux. 
Het werd bekend door de vertolking van Juliette Gréco, een Franse chansonnière, die inmiddels 90 jaar is.
      Het lied is een aanklacht tegen de heersende klasse, tegen de machthebbers of liever les salauds, de hufters.
      Fijnzinnig is het niet.

 In de straat wordt een schavot opgericht. Zaagsel wordt in een mand gestrooid. De beul is vroeg opgestaan, want hij heeft een klusje te klaren. Generaals, admiraals, bisschoppen en dames uit de betere standen met hun mooie snuisterijen moeten sneuvelen onder de guillotine. Hun hoofden zullen belanden in de goot van Blancs-Manteaux. Een straat, die overigens gewoon bestaat in Parijs.


Luister HIER naar Juliette Gréco en hou de tekst erbij.

Dans la rue des Blancs-Manteaux 
Ils ont élevé des tréteaux 
Et mis du son dans un seau 
Et c'était un échafaud 
Dans la rue des Blancs-Manteaux 

Dans la rue des Blancs-Manteaux 
Le bourreau s'est levé tôt 
C'est qu'il avait du boulot 
Faut qu'il coupe des généraux 
Des évêques, des amiraux, 
Dans la rue des Blancs-Manteaux 

Dans la rue des Blancs-Manteaux 
Sont v'nues des dames comme il faut 
Avec de beaux affûtiaux 
Mais la tête leur f'sait défaut 
Elle avait roulé d'son haut 
La tête avec le chapeau 

Dans l'ruisseau des Blancs-Manteaux


De geest uit de fles


Ik heb dit niet zelf ontdekt, maar gevonden in het prachtboek ''De geest uit de fles'' van schrijver en filosoof Ger Groot.
      De ondertitel is goed getypeerd; ‘’Hoe de moderne mens werd wie hij is’’.

Een verhandeling hoe de moderne mens zijn goddelijke ankerpunt kwijtraakte toen Descartes in de 17e eeuw een eind maakte aan de religieuze zekerheden.

In het boek behandelt Ger Groot alle grote filosofen van de laatste vier eeuwen. Naast Descartes ondermeer Rousseau, Nietzsche, Hegel, Heidegger, Foucault, Harvey,Spinoza, Kant, Schopenhauer, Schiller, en Kierkegaard, schrijvers als Sartre, De Beauvoir, Proust, Baudelaire en Camus en componisten als Mozart, Bach, Wagner.
      Maar hij brengt ze vooral in verband met bijvoorbeeld kleinkunst, moderne muziek, architectuur, beeldhouwkunst , film, stripverhalen, reclame en graffiti. Zo wordt filosofie weerspiegeld in de hele cultuur.

Het is geen boek om ademloos achter elkaar uit te lezen. Je moet er de tijd voor nemen.
      Af en toe een hoofdstuk.
Bovendien is het niet alleen een leesboek, het is ook een luister- en kijkboek.
      Er is een uitvoerige site met fragmenten uit films, muziek, documentaires en interviews.

Ger Groot vindt dat de filosofie van de afgelopen vier eeuwen zich laat beschrijven als één lange worsteling met de erfenis van de religie.
      Niet alleen de filosofie, maar de hele cultuur is van die worsteling doordrongen.

Groot: 'Wie goed kijkt en luistert, kan in de architectuur van de Amsterdamse School, de schilderkunst van Caspar David Friedrich, de opera's van Wagner of een lied van Ramses Shaffy de filosofie van hun tijd waarnemen. Je ziet en hoort Kant en Schiller, Nietzsche en Sartre door de kunstwerken heen. Filosofie is overal, in alle hoeken van de samenleving - niet alleen in de kunsten, maar ook in reclameboodschappen, in pornografie en zelfs in de graffiti op straat.'

 

 

Eiermasker

Het bestaat echt: een eiermasker. Al lang ook.
      Zo’n thuismiddeltje, dat je huid strakker maakt en je haar glanzend. Het is on-line te koop en bij iedere behoorlijke drogist.
Maar zelf een masker maken is ook een optie.
      Een eitje klutsen, wat honing erdoor, op je gezicht smeren en een minuut of twintig laten zitten.
De theorie is: Het maakt poriën minder zichtbaar en doodt bacteriën zonder dat het de huid uitdroogt.
      Het zou ook rimpels minder zichtbaar maken.
Eiersmeersels zijn er eveneens voor het haar, maar daar lijkt me in dit gedicht van Hans Faverey geen sprake van.


De liefste

Met een eiermasker op
Als ik haar aan het lachen
maak, zegt ze:

‘breekt mijn huid’



Klik HIER voor alle ZoekPoëzie

 

 

 

Een regen van rozen

Medbh McGuckian is het pseudoniem van de Noord-Ierse dichter Maeve McGaughan (Belfast 1950). Dat klinkt inderdaad allemaal erg Iers. 
      De naam Medbh komt uit de Ulster Cyclus van de Ierse Mythologie.    


Van Medbh McGuckian


Geloof

Mijn grootmoeder maakte ons wijs dat sneeuw
Een oude man in de lucht was die
Veren uit zijn matras over de wereld schudde.

Haar bed ’s ochtends was bedekt met schilfertjes,
’s Nachts losgelaten door een vervellende huid
Ze zweefden in een wolk

Van zilveren zemelen op de vloer, of tolden
In het open raam als sterrestof
En wervelden rond op de weg.

Ik verbrandde ze op een hoop, een droom van geld
Meer dan Theresa’s beloofde regen van rozeblaadjes
Of Vergilius’ zielen, menig als herfstlover.

Theresa is Theresia van Lisieux (1873-1897), een Franse heilige en kerkleraar van de R.K. kerk. Zij was tien jaar oud en zwaar ziek. Maar zij genas omdat zij naar een schilderij van Maria keek, dat boven haar bed hing.
      Ze werd Zalig verklaard en twee jaar later Heilig. Van haar is de uitspraak

‘’Ik wil het rozen laten regenen op aarde’’. Rozen zijn in dit verband zegeningen.
      De zielen komen uit zang VI van Aeneis, Vergilius’ bewerking van de Odyssee van Homerus.

Het gedicht is vertaald door Kathleen Rutten.
      Ik heb ’t origineel voor u gevonden. Uit Selected Poems; verschenen in 1997.


Faith

My grandmother led us to believe in snow
As an old man in the sky shaking
Feathers down from his mattress of the world.

Her bed in the morning was covered with tiny scales
Sloughed off in the night from peeling skins
They floated in a cloud

Of silver husks tot he floor, or spun
In the open window like starry litter,
Blowing along the road.

I burned them in a heap, a dream of coins
More than Therese’s promised shower of roses,
Or Virgil’s souls, many as autumn leaves.



Klik HIER voor alle ZoekPoëzie

 

 

 

Subcategorieën

 

Twee maal de helft en een geel strikje