Honkbal (107)

 

Het fenomeen Derek Jeter


In de Amerikaanse honkbalcompetitie zijn op dit moment de pennants volop bezig, de strijd om het kampioenschap van de leagues. In de National League gaat het tussen de San Francisco Gians en de St.Louis Cardinals en in de American League tussen de Baltimore Oriols  en –zeer verrassend- de Kansas City Royals. 
      Dit betekent dat de New York Yankees zijn uitgeschakeld. Vrijwel niemand in de USA , die niet in New York woont of er vandaan komt, zou dat in normale omstandigheden erg vinden, want de Yankees zijn te succesvol en in veler ogen te arrogant om populair te zijn. Maar dit jaar wel, want het betekent dat Derek Jeter in zijn laatste jaar als actief speler niet in de playoffs te zien is. En dat is spijtig. Voor hem; voor iedereen die van baseball houdt. Derek Jeter is namelijk in allerlei opzichten een fenomeen. Een fantastische kortestop , een geweldige slagman, een trouw lid van de New York Yankees, waar hij sinds 2003 aanvoerder was.
      Derek Jeter maakte op 20-jarige leeftijd zijn debuut voor de Yankees. Hij zou er twintig seizoenen blijven spelen. Hij speelde in het reguliere seizoen 2.747 wedstrijden, sloeg 3.465 honkslagen, waaronder 260 homeruns,  had  het fantastische slaggemiddelde van 0.310 en stal 358 honken. Fenomenale cijfers. Bovendien was hij als kortestop betrokken bij 69.672 outs, waaronder 1406 dubbelspelen. Hij maakte in zijn lange carrière niet meer dan 254 fouten.
      Hij speelde zeven keer in de World Series en won vijf maal. In 38 wedstrijden haalde hij daarin het vorstelijke slaggemiddelde van 0.321.  Jeter kwam veertien keer uit voor het All Star American League-team. Hij won vijf maal een Golden glove, beste kortestop van zijn league. Vijf maal ook ontving hij de Silver Slugger award, beste slagman onder de shortstops. 

Derek Jeter gaat over vijf jaar wellicht een uniek honkbalrecord breken. Hij wordt dan genomineerd voor de Hall of Fame. Mogelijk wordt hij dan in de eerste ronde met 100% van de stemmen gekozen. Dat zou de eerste keer zijn in de geschiedenis van het Amerikaanse profhonkbal.   
      Er zijn veel hoogtepunten uit zijn carrière te zien. Maar de onderstaande reeks geeft een aardige indruk van zijn veelzijdig talent. En let dan vooral even op het fragment onder de naam The Flip. 


      Een onwaarschijnlijk staaltje honkbalinzicht. Een intuïtieve actie, die bijna te bizar is om waar te zijn.  

Ga HIER naar toe om het allemaal te zien.

 

 


Een roze kleedkamer met roze toiletten


Deze opmerkelijke zinnen haalde ik uit het blad GlansRijk, een uitgave van GlansGarant, een organisatie van schilders in het hele
land. Twee jaar geleden heb ik mijn huis door hen laten verven. Vandaar.
Hoe zou GlansGarant aan deze wijsheid komen? Om welk team zou het gaan? Was dit geen broodje Aap?

      Wat bleek. Een kwestie van de klok en het klepeltje.
Het ging niet om een honkbalteam, maar om een American footballteam, een collegeteam in Iowa onder de naam Hawkeyes.
Het team speelt in het Kinnick Stadion in Iowa-City en inderdaad is daar de lockerroom van de tegenpartij roze geverfd. Vloeren, muren, plafond, alles. Dat gebeurde al in 1980.
      In 2004 werd het nog een graadje erger, want toen werden ook de toiletten en de douches roze geverfd.

De initiatienemer was Iowa-coach Hayden Fry, een psycholoog. Hij meende inderdaad dat de kleur roze een rustgevende werking zou hebben op de tegenstanders en dat het de agressie zou wegnemen. De resultaten werden inderdaad een ietsje beter, maar dat het team geen enkele thuiswedstrijd meer verloor is absolute onzin.

                                   
In de loop der jaren is er nogal eens tegen deze psychologische strijd opgetreden. Coach Bo Schembechler van Michigan ging zelfs
zover, dat hij zijn staf opdracht gaf om alles in de roze kleedkamer af te plakken met een soort behangpapier van een andere kleur. Dat had nog succes ook. Michigan speelde vijf wedstrijden in Iowa, won er twee, verloor er twee en speelde één maal gelijk.
      En in 2005 vond er een protest plaats van spelers en begeleiders van een aantal collegeteams, die meenden dat Iowa de kleur roze alleen maar had aangebracht om de tegenstanders weg te zetten als ''mietjes'' en ''wijven''. En dat is behoorlijk erg in deze macho-sport.
Het leidde overigens niet tot resultaat. Anno 2014 is alles in de kleedkamer nog steeds roze. Het hoort er inmiddels bij.

 

 

 

 

Een paar staaltjes veldspel

In januari 2012verscheen de Nederlandse vertaling van The Art of Fielding van de Amerikaanse auteur Chad Harbach. De roman kreeg vrijwel unaniem fabelachtige recensies. Een paar citaten:
Hartverwarmend, fenomenaal, magistraal, gloedvol, een meeslepend verhaal, een literaire sensatie, een meesterwerk, een droom van een boek, het romandebuut van het jaar.
      Ik schreef hier eerder over in Honkbal 72

Het boek werd vertaald in De Kunst van het Veldspel. Er kwam vrij veel honkbal in dit boek voor. Maar het was toch vooral een metafoor van de Amerikaanse samenleving. Pieken en dalen, messcherp leven, egocentrisch, meelevend, keihard, emotioneel, saai, spannend, gevoelloos, rauw, oppervlakkig, verfijnd.                   Vanilleseks & vuistneuken.

Critici beweerden dat je niets van honkbal hoefde te weten om dit boek te waarderen. Daar had ik zo mijn twijfels over.
      Want wat was eigenlijk The Art of Fielding?
Ik heb een paar prachtige soms ongelooflijke staaltjes veldspel uit de Amerikaanse Big leagues voor u verzameld. Fantastische vangballen, fenomenale stops, atletische acties, dubbelspelen en onwaarschijnlijk zuivere aangooien.
      Kijk er HIER eens naar.
Ook als u weinig of niets van honkbal weet zult u dit wel moeten waarderen.

 

 

 

Opening day in Sydney Australië

Komende zaterdag is het in de Amerikaanse baseball competitie opening day.
     
Nadat deze eerste wedstrijd de vorige keren werd gespeeld in Mexico, Puerto Rico en Japan, gebeurt dat nu in Sydney Australië. De wedstrijd gaat tussen de Los Angeles Dodgers en de Arizona Diamondbacks.
      Misschien is Nederland volgend jaar aan de beurt. Dat zou dan moeten plaatsvinden in het nieuw te bouwen stadion bij Hoofddorp, waar voor die gelegenheid plaats zou zijn voor 30.000 toeschouwers. Ik garandeer nu al dat dit stadion dan volkomen uitverkocht zal zijn.
     
Om een beetje in de stemming te komen heb ik HIER voor u een aantal hoogtepunten uit de competitie van vorig jaar. U ziet homeruns, prachtige pitchers-prestaties en fraaie staaltjes veldspel. Inclusief fragmenten van het fenomenale pitchersduel tussen Justin Verlander van Detroit en Sonny Gray van Oakland.

En dan is HIER ook nog het wonderbaarlijke driedubbelspel (4-6-5-6-5-3-4) van de New York Yankees.

 

 

Een klassieke clash

Morgen is in Boston de eerste wedstrijd in de World Series tussen de Boston Red Sox en de St. Louis Cardinals. Een klassieke clash tussen de beste teams van de American League en de National League. Een clash tussen teams die nauwelijks voor elkaar onderdoen.
      Ik heb de laatste dagen veel prognoses in Amerikaanse media gelezen en inderdaad … men is verdeeld. Maar er is niemand die verwacht dat deze serie best-of-seven in vier wedstrijden beslist zal zijn. Alle deskundigen denken dat het zes of zeven wedstrijden worden.

      Er zit een Nederlands tintje aan deze serie, want het is de verwachting dat de jonge Arubaan Xander Bogaerts , die dit jaar voor Boston een zeer geslaagd debuut maakte in de big Leagues (Honkbal 87) aardig wat speeltijd zal krijgen.

Verschrikkelijke baardmannen

 

En toch ben ik niet voor Boston. Er is daar het afgelopen seizoen iets lulligs gebeurd. Vorig jaar eindigde het team onderaan en in een soort reactie begonnen spelers hun baard te laten groeien. En niet zo'n beetje ook. Meer dan de helft van de spelers heeft een zeer volle baard en daar wordt voortdurend door andere spelers aan getrokken als er resultaten behaald worden.
      Van lieverlee dost het publiek in het Fenway Park te Boston zich uit met nepbaarden en in september was het zover dat het publiek voor 1$ het stadion in mocht als er maar een baard vertoond kon worden.

Het pathetische motto van het team is: ‘Good beardmanship builds fraternity, camaraderie and friendship’.

      Het gaat in deze serie vooral om de startende werpers. Voor St. Louis zijn dat Adam Wainwright, Michael Wacha, Joe Kelly en Lance Lynn. En het schema is dusdanig dat Wainwright en Wacha ook -als dat nodig is- in wedstrijd vijf en wedstrijd zes kunnen starten.

Michael Wacha

Voor Wacha moet dit een sensationele ervaring zijn. Hij is 22 jaar en maakte pas in mei zijn debuut. Hij gooide in het reguliere seizoen nog maar 15 wedstrijden en in de playoffs drie. Maar hij deed dat wonderbaarlijk goed. 
      Overrompelend goed zelfs, want hij gooide tot twee maal toe een one-hitter en werd in de serie om het National league-kampioenschap met twee overwinningen en nul punten tegen de meest waardevolle speler.

      De scouts, de coaches en de spelers van Boston zullen eindeloos op filmbeelden naar deze werper kijken, want hij is nieuw voor de baardmannen.

      Voor Boston staan de volgende startende werpers op de lijst: Jon Lester (Honkbal 19), John Lackey, Clay Bochholz en Jake Peavy. Een aardig gezelschap overigens.

      Ik hou het op de St. Louis Cardinals in zes wedstrijden.

 

 

Subcategorieën

Knuckleball (Druk up F5 om de beweging nog eens te zien)