Audio (137)

 

Värttinä & Sibelius

Kun je naar een gebied gaan alleen vanwege de naam? Natuurlijk kan dat! Heerlijk romantisch.
Maar er is een kans dat het zwaar tegenvalt. Dus kun je je maar beter oriënteren.
      Zo gingen wij in de winter van 1993 voor ‘t eerst naar Karelië, het zuidoosten van Finland. (Mooie naam, prachtig landschap, rijke cultuur). We zouden er daarna nog drie maal (in de zomer)  naartoe gaan.

       Karelië is de bakermat van de Finse cultuur, vastgelegd in de Kalevala, het volksepos van de Finnen.
Een episch werk, dat een uiterst curieuze mengeling vormt van magische en mystieke handelingen, van tovenarijen en metafysica, maar ook van zeer aardse gewoonten en leefwijzen. Een cultuur, die heden ten dage nog steeds in Karelië aanwezig is.
       Kinderen in Finland groeien op met de Kalevala. Nog altijd wordt er op school veel aandacht aan besteed en zijn er Finnen, die delen uit hun hoofd kennen en die ‘t zelfs kunnen zingen. Sommige kinderen vereenzelvigen zich met de grote helden uit dit Epos, de zanger Väinämöinen of de smid Ilmarinen, die fantastische avonturen beleven.
      In onze bungalow in het dorpje Saimaanranta was een speler met CD’tjes. Daaronder een aantal nummers van de fantastische meidengroep V
ärttinä. En de tekst van die nummers was vaak ontleend aan de Kalevala.
      Luister HIER naar K
äppee en HIER naar Ilmatar

Verder was er natuurlijk ook nog de Karelische suite van Finlands meest beroemde inwoner Jean Sibelius. Ook daar luisterden we op die winteravonden vaak naar. Met lekkere Finse wodka. Die heb je in allerlei soorten. Ik zou als ik u was niet de wodka van 67% alcohol nemen, maar me beperken tot Finlandia van 40% .

Ga ook naar Reizen 3 (Saimaanranta) en Beelden 49  (De berg van Jean Sibelius)

 

Muziek bij de borrel (1):
Night in Tunisia; Art Blakey's Jazz Messengers

Muziek bij de borrel (2): 
Kanonensong van Bertolt Brecht und Kurt Weill 

Muziek bij de borrel (3)
The Singing Detective

Muziek bij de borrel (4)
Ramses II

Muziek bij de borrel (5)
Svalbardtema

Muziek bij de borrel; (6) 
De Finse Tango

Muziek bij de borrel (7)
The song of the black-necked crane

Muziek bij de borrel (8)
Bob Dylan's Hard Rain

Muziek bij de borrel (9)
Vladimir Vyssotski

Muziek bij de borrel (10)
Han Reiziger

Muziek bij de borrel (11)
Privé-concert in Tasjkent

Muziek bij de borrel (12)
Meidengroep Värttinä & Jean Sibelius

 

 

 

Een eenzame Rus in een vijandig land

Hij had een koffer bij zich.
      Daar zat hij op. In het tasje op de grond een fles wodka. Daar nam hij af en toe een slokje uit.
In zijn baard zat stof. Hij had nog een enkele tand in zijn mond.
     Ik kwam hem in het voorjaar van 1998 tegen in Tasjkent, de hoofdstad van Oezbekistan.
Hij is een Rus en woonde al in dit land toen het nog bij de Sovjet-Unie hoorde.

Sinds de onafhankelijkheid in 1991 hebben de Russen het in dit centraal Aziatische land steeds moeilijker gekregen.
      ‘Zij’ zijn de voormalige bezetters en worden gediscrimineerd bij het krijgen van werk, het huren van huizen en het vestigingen van kleine ondernemingen.
      Steeds meer Russen vertrekken uit dit verder zeer corrupte en dictatoriaal geleide land.

De oude man had het niet druk. Oezbeken keken niet naar hem om en van de Russen moest hij het -zo te zien- ook al niet hebben.
      Ik heb hem wat geld gegeven.
En toen ging hij natuurlijk voor mij spelen en zingen. Er zit veel leed in zijn lied. Nostalgie ook.
     Het begint wat rommelig, want de man houdt zijn waardigheid, gaat er echt voor zitten en pakt mijn snoertje om beter in de microfoon te kunnen zingen.
      Luister HIER naar de eenzame muzikant.

 

Muziek bij de borrel (1):
Night in Tunisia; Art Blakey's Jazz Messengers

Muziek bij de borrel (2): 
Kanonensong van Bertolt Brecht und Kurt Weill 

Muziek bij de borrel (3)
The Singing Detective

Muziek bij de borrel (4)
Ramses II

Muziek bij de borrel (5)
Svalbardtema

Muziek bij de borrel; (6) 
De Finse Tango

Muziek bij de borrel (7)
The song of the black-necked crane

Muziek bij de borrel (8)
Bob Dylan's Hard Rain

Muziek bij de borrel (9)
Vladimir Vyssotski

Muziek bij de borrel (10)
Han Reiziger

Muziek bij de borrel (11)
Privé-concert in Tasjkent

 

 

Verbeelding aan de Macht

Mijn oud VPRO-collega Han Reiziger was een veelzijdig man. Groot kenner van klassieke muziek, van jazz en pop. Hij was lange tijd presentator bij de VPRO-Radio, maar maakte later ook furore met zijn T.V.-programma Reiziger in muziek. Naast programmamaker was hij componist, musicus en poppenspeler. Han muntte ook uit in experimentele muziekgenres. Zo herinner ik me nog een concert voor walvissen.
     
Maar het meest bijzondere muziekstuk werd live uitgezonden in 1983. Zes ‘’zware’’ VPRO-radiomakers betrokken zes locaties in Nederland en zetten daar alleen maar een microfoon open.
     
Han mixte die geluiden tot een zeer bijzondere compositie.
Luister eens een stukje, neem er een borrel bij, zwijmel weg en denkt met weemoed aan een tijd, dat er op de radio nog bijzondere dingen gebeurde.

In april 2008 schreef ik hier het volgende stukje over

Zo klinkt Nederland

Eén van de merkwaardigste radioprogramma’s waar ik ooit aan meewerkte speelde zich af op zondagavond 26 juni 1983, ‘s avonds vanaf zeven minuten over negen. VPRO-programmamaker Han Reiziger zat in een studio met meersporenapparatuur en mixte daar zes geluiden uit Nederland, die op datzelfde moment bij hem binnenkwamen.
      Geheel naar z’n gevoel, z’n emoties en z’n intuïtie componeerde hij met deze geluiden een zeer bijzonder muziekstuk onder de titel : Zo klinkt Nederland.

Het waren volgens Han Reiziger willekeurig gekozen plekken. Maar hij had er natuurlijk wel over nagedacht.
      En zo kon het gebeuren, dat zes radiomakers met zes reportagewagens, zes radiotechnici en de nodige assistent-technici op zes verschillende locaties niets anders hoefden te doen dan microfoons open te zetten.

Bij de elektriciteitscentrale in Zwolle zat een zekere Barbara, op het station in Haarlem was Wim Noordhoek; Peter Flik bevond zich in het plaatsje Durgerdam aan het IJsselmeer; Jan Donkers zat op een terras op het Leidseplein in Amsterdam; Kees Slager stond onder de Zeelandbrug en ik was aanwezig op het strand van IJmuiden vlakbij de Zuiderpier.

Niet iedereen bij de VPRO was gelukkig met dit nogal dure en bijzondere experiment. Maar omdat in die dagen de verbeelding nog wel eens aan de macht was, werd er ook niet erg over gezeurd.

Het resultaat had ik nooit te horen gekregen. Het werd niet geregistreerd en dus ook niet in het archief van de Publieke Omroep opgenomen.
      Maar bij de publiekservice van de VPRO had men een cassettebandje laten meelopen.

Via het archief van de VPRO-radio kunt u het resultaat van dit geluidenspel nu alsnog horen.

 

Muziek bij de borrel (1):
Night in Tunisia; Art Blakey's Jazz Messengers

Muziek bij de borrel (2): 
Kanonensong van Bertolt Brecht und Kurt Weill 

Muziek bij de borrel (3)
The Singing Detective

Muziek bij de borrel (4)
Ramses II

Muziek bij de borrel (5)
Svalbardtema

Muziek bij de borrel; (6) 
De Finse Tango

Muziek bij de borrel (7)
The song of the black-necked crane

Muziek bij de borrel (8)
Bob Dylan's Hard Rain

Muziek bij de borrel (9)
Vladimir Vyssotski

 

 

Op bedevaart naar Moskou

In het voorjaar van 1995 gingen wij op een soort bedevaart naar Moskou.  
      Bestemming was het Vagankovo kerkhof aan de rand van het centrum.
Daar ligt Ruslands grootse volksheld begraven: Vladimir Vyssotski. Zanger, songwriter, acteur.
      Bewierookt in Rusland; vrijwel onbekend in West-Europa en de rest van de westerse wereld.
Wij hadden een appartement gehuurd in de Malaya Gruzinskaya, een straat waar Vyssotski jarenlang woonde.
      En wij draaiden cassettebandjes.
      En er was Stolichnaya Wodka.

In februari 2009 schreef ik daar het volgende stukje over:

Voorjaar 1995

Vladimir Vyssotski; de Russische volksheld

Drank- en drugsgebruik  

Hij overleed op 25 juli 1980.
      Hartstilstand.
Veroorzaakt door overmatig drank- en drugsgebruik.
      Hij was pas 42.
Vladimir Vyssotski -ook wel liefkozend Volodia genoemd- werd tegen alle regels in begraven op het Vagankovo kerkhof aan de rand van het centrum van Moskou. Er was naar schatting een half miljoen mensen.
      Nu is zijn graf een bedevaartsplek waar Russen uit alle delen van de voormalige Sovjet-Unie in alle rust vooral op zondag bijeenkomen.

Vyssotski maakte zo’n 700 songteksten. Daarvan werden er in de Sovjet-Unie maar vijf op een 45-toeren plaatje geproduceerd. Zijn overige teksten werden verboden.
      Hij mocht officieel ook niet optreden als zanger. Als hij onder het publiek kwam ging dat onder de noemer ’ontmoeting met de acteur Vyssotski’. Maar natuurlijk zong hij in die onnavolgbare stijl zijn liederen, waarbij hij zichzelf op de gitaar begeleidde.
      Mensen maakten illegaal opnames. Cassettebandjes werden keer op keer gekopieerd en zo ontstond er een enorm reservoir aan bandjes, waarin druk gehandeld werd.

Bij de ingang van het kerkhof is een stalletje waar je die bandjes voor een paar roebel nog steeds kunt kopen.

   

De Wolvenjacht  

Zijn bekendste lied is De Wolvenjacht. Dit lied werd namelijk niet verboden. Het gaat over jagers, die een gebied met rode vlaggen hebben uitgezet om te verhinderen dat de wolven zullen ontsnappen.
      Maar de leider van de roedel breekt uit, waarna alle wolven volgen en de jagers het nakijken hebben.
Hoewel de symboliek duidelijk is, meenden de communistische leiders zichzelf in de ontsnapte wolf te herkennen, zodat ze het lied niet verboden.

Luister HIER naar de Wolvenjacht    

Marina Vlady  

Taganka-theater  

Marina Vlady maakt een optreden van Vyssotski mee in het Taganka-theater in Moskou en zal DAARNA aan hem voorgesteld worden.
Zij schrijft:
‘Vanuit een ooghoek zie ik een jonge man aankomen. Hij is klein en slecht gekleed. Alleen de heldergrijze ogen trekken mijn aandacht. Zonder een woord te zeggen neemt hij mijn hand , drukt hem langdurig en dan, na hem gekust te hebben, gaat hij recht tegenover mij zitten en begint me aan te staren.
      Zijn zwijgzaamheid stoort me niet, wij kijken elkaar aan, zoekend naar herkenningspunten. Ik weet dat je Vyssotski bent. Je lijkt in niets op de beestachtig brullende reus uit het toneelstuk, maar de intensiteit van je blik doet me de eerder gevoelde emoties herbeleven.

Hij zegt:
      ‘Eindelijk ontmoet ik u dan”.

Buitensporig lelijk monument  

Een vrouw zegt dat ze erbij was toen hij begraven werd. Maar ze kon niet dichtbij komen want er stond een rij mensen van een paar kilometer.

Zeven flessen wodka per dag  

Marina Vlady zal na hun eerste kennismaking regelmatig naar Moskou komen. Het was vaak moeilijk en lastig.
      ’Die zes of zeven flessen wodka per dag verwoesten je leven’, schrijft ze.

En dan volgt er in het boek een scène, waarin Vyssotski neervalt op straat.

Fabelachtig! Ongelooflijk!  

Vyssotski overleeft, maar blijft problemen met drank houden. Ondanks middeltjes en implantaten, die bij gebruik van alcohol een giftige reactie geven.
      Toch zijn er ook hoogtepunten in hun relatie. Vooral als Vyssotski het land uitmag en zich verbaast over de rijkdom.
Eerst in Polen dan in Frankrijk en later in de Verenigde Staten.

In Hollywood mag hij optreden voor een zaal vol met beroemdheden. Rock Hudson is er. Paul Newman, Gregory Peck.
      Vlady schrijft
:

Terug bij het graf  

Op de begraafplaats blijven die middag mensen komen.
      Alle bedevaartgangers leggen bloemen op het graf. Een mevrouw is voortdurend bezig om verlepte bloemen weg te halen. Van de verse bloemen knipt ze de stelen af.
      ‘Dat doet ze’, fluistert Svetlana, ‘om er voor te zorgen dat de bloemen niet gestolen en opnieuw verkocht kunnen worden‘.

Vladimir Vyssotski woonde tussen 1975 en 1980 in de Málaja Gruzínskaja, een rustige lommerrijke straat aan de noordelijke rand van het centrum; vrij dicht bij het Vagankovo kerkhof. Hij woonde acht hoog recht tegenover een monumentale basiliek.
      De kerk was in die tijd ingericht als een warenhuis annex supermarkt.
Vyssotski ergerde zich daar enorm aan en ging altijd demonstratief met zijn rug naar het raam zitten.

Sommige teksten zijn in het Nederlands vertaald.
      Dat is gedaan door Judith Starreveld.
      Luister naar : Hij keerde niet terug van het slagveld
Eerst lees ik de Nederlandse vertaling.(4’20”)

Luister HIER naar mijn radioprogramma uit de VPRO-Serie Ongehoord.

 

Muziek bij de borrel (1):
Night in Tunisia; Art Blakey's Jazz Messengers

Muziek bij de borrel (2): 
Kanonensong van Bertolt Brecht und Kurt Weill 

Muziek bij de borrel (3)
The Singing Detective

Muziek bij de borrel (4)
Ramses II

Muziek bij de borrel (5)
Svalbardtema

Muziek bij de borrel; (6) 
De Finse Tango

Muziek bij de borrel (7)
The song of the black-necked crane

Muziek bij de borrel (8)
Bob Dylan's Hard Rain

 

 

Een mediterende buurman in Bhutan


Hij heette Michael. Kwam uit Oldenburg in het noorden van Duitsland. Hij was voor twaalf dagen mijn buurman. Voorjaar 1999.
      Locatie: Een hotel in Thimphu, hoofdstad van Bhutan. Een onafhankelijk bergkoninkrijk aan de rand van de Himalaya tussen India en China. Ik had geen kamer in dat hotel, maar een appartement met twee slaapkamers, een huiskamer, een grote keuken en een nog grotere badkamer. Er was geen t.v.toestel, want er was toen nog helemaal geen televisie in dat land.
     
Het appartement bevond zich op de vierde etage. Er was geen lift en daarom moest ik vaak trappen lopen. En hoewel ik toen in behoorlijk goede conditie was kostte me dat toch iedere keer moeite want Thimphu ligt hoog, 2300 meter. En dat zorgt voor enige ademnood bij inspanning.
      Michael was in betere conditie. Hij was vegetariër, dronk geen alcohol en leidde verder een zeer bewust sober en verantwoord leven. Hij was Boeddhist. Aanhanger van het Mahayana, een vorm van Boeddhisme, die in Bhutan een soort staatsgodsdienst is. Overal in dat land zie je gebedsvlaggen en
-molens en hoor je gebedsbellen. Op een bevolking van 600.000 mensen zijn 20.000 monniken.
     
Michael mediteerde iedere dag. Hij liet dan zijn deur open staan en zat meestal in de gang. De duur van de meditatie varieerde, net als het aantal keren.
      Hij volgde gewoon zijn gevoel. Michael kon het –zei hijzelf- inmiddels naar behoren. Hij was begin veertig, maar al meer dan twintig jaar Boeddhist. Hij had in Tibet gemediteerd, in Ladakh, in Thailand en in Laos. In het begin volgde hij een soort groepslessen maar dat vond hij te toeristisch. Mediteren moest je alleen doen. En in Bhutan beviel hem dat ’t best.
      Hij draaide muziek, Michael. Ook tijdens zijn meditatie. DIT SOORT MUZIEK.

Geïnspireerd door de Black-Necked Crane, een kraanvogel die iedere winter via Tibet en omstreken naar Bhutan trekt. Die kraanvogel is een soort nationaal symbool. Belangrijk voor de rijke Bhutanese cultuur. Her en der worden zelfs Black-Necked Crane-festivals gehouden, waarbij de deelnemers zich uitdossen als die vogels.           

     

Ik heb diverse gesprekken gevoerd met Michael, want ik was behoorlijk geïntrigeerd door dat Boeddhisme. Hij geloofde onvoorwaardelijk in reïncarnatie en jawel hoor, hij zou best als kraanvogel willen terugkomen. Toen ik hem vertelde dat ik een monnik had ontmoet, die drie jaar, drie maanden en drie dagen achter elkaar had gemediteerd werd hij uitermate enthousiast. Kon hij deze man niet ontmoeten?
      En toen ik ook nog vertelde, dat ik in Thimphu een inwijdingsritueel –een Puja- had bijgewoond, waarbij monniken op hallucinerende wijze met allerlei soorten toeters en bellen muzikale geluiden maken en daarbij ook zingen, wilde hij die opnames graag horen. Ik had meer dan twee uur, maar daarvan had ik al een selectie gemaakt van een minuut of negen.

     
                                                            Audio 25: Zwetend Monnikenwerk
     
     
     
Dat plaatste ik al eerder.


Een PUJA in Thimphu

Toen ik in 1999 in het bergkoninkrijk Bhutan was maakte ik een zogeheten PUJA mee. Een inwijdingsritueel, waarbij het nieuwe gebouw van de Nederlandse ontwikkelingsorganisatie SNV in de hoofdstad Thimphu werd geopend.
      Er waren zeven Boeddhistische monniken, die een groot aantal muziekinstrumenten bij zich hadden. Een soort Alpenhoorns, koper-en houtblazers, trommels, triangels, bellen en andere toeters en slaginstrumenten. Ze waren allen kaalgeschoren, gekleed in roze en gele pijen en hadden open sandalen aan hun voeten.
       ‘s Ochtends om negen uur begonnen ze te bidden, te zingen en muziek te maken. Er werden kaarsen en wierookstokjes aangestoken. Dit alles om het gebouw te zuiveren van allerlei verkeerde invloeden.

      Het ging door tot ’s avonds zeven uur. De hele dag werd er van alles geofferd door mensen, die het –deels- bijwoonden. Vooral voedsel en drank. Er werden vliegers gebouwd om de boze geesten te vangen. De mensen konden ook geld offeren, maar alleen oneven aantallen.
      Het was een mysterieus, kleurrijk en imponerend feest. Later op de dag werd het ook vrolijk, omdat de monniken steeds meer bier gingen drinken. Op het laatst was het bloedheet in het gebouw, omdat de ramen niet open mochten. De zwetende monniken deelden ten slotte grote hoeveelheden rijst uit, die de toeschouwers naar elkaar moesten gooien.

Ik heb om u een indruk te geven ruim negen minuten Puja overgenomen. Ongemonteerd. 
      Als u echt een hallucinerende ervaring wilt hebben, moet u het fragment een hele dag herhalen.

 
Voor de VPRO-Gids schreef ik in 1999 dit stukje., dat ik in oktober 2007 op mijn blog plaatste.


Een bizar sprookje

De primeur stond op 17 april 1999 prominent op de voorpagina van de Kuensel, de enige krant in Bhutan. Het bericht werd overgenomen door vrijwel alle media in de hele wereld. Het luidde:

BHUTAN KRIJGT TELEVISIE.

Dertig jaar was erover gesproken, maar op 2 juni zou het zover zijn. De experimentele uitzending zou gaan in de nationale taal, het Dzongka, en voor een deel ook in het Engels.

Bhutan ligt hier ver vandaan als een soort arendsnest ingeklemd tussen India en China met in het noorden de hoge pieken van de Himalaya en in het zuiden een ontoegankelijke jungle.
      Vanuit Kathmandu, de hoofdstad van Nepal, moet je links in het vliegtuigje van de nationale Bhutaanse luchtvaartmaatschappij Druk Air gaan zitten. Dan maak je gegarandeerd de mooiste vlucht van je leven. Je vliegt boven de wolken, hebt een meer dan fantastisch uitzicht en kunt de toppen van de hoge bergen -inclusief de Mount Everest- bijna aanraken. 
      Tot 1974 was het land vrijwel geïsoleerd. Daarna werden er met mondjesmaat buitenlanders toegelaten.
      De datum 2 juni was niet zomaar gekozen. Op die dag was het namelijk precies 25 jaar geleden dat koning Jigme Singye Wangchuck werd gekroond. De koning zelf had toestemming gegeven voor die eerste televisie-uitzending, want zo gaat dat nu eenmaal in Bhutan.

                                                                                                 ALMACHTIG AUTOCRAAT

De koning is nog een pure autocraat. Hij is getrouwd met vier vrouwen –vier zusters- heeft vijf zonen en vijf dochters en zijn portret hangt in ieder winkeltje, in ieder restaurant, in ieder kantoor en in elk klooster. Hij is ondanks zijn almacht uitermate populair. Hij is niet alleen koning; hij is ook hoofd van de regering en –nog steeds bij gebrek aan een grondwet- hoofd van de rechterlijke macht.
     
      Een gevleugelde uitdrukking in Bhutan luidt dan ook: de uitspraken van de koning wegen zwaarder dan de bergen en zijn kostbaarder dan goud.

Ooit was er in de belangrijkste straat van de hoofdstad Thimphu een stoplicht. Dat was niet echt nodig, want er is niet zoveel verkeer in Thimphu. Hoofdredacteur Kinley Dorji van de Kuensel schreef er dan ook een vlammend hoofdartikel over.
      Toen de koning een paar dagen later voor het stoplicht moest wachten, gaf hij opdracht om het weer weg te halen. Nu staat er in Thimphu weer een prachtig aangeklede agent met witte handschoenen op een druk beschilderde carrousel met sierlijke gebaren het verkeer te regelen.

                                                                                                        VERBORGEN VALLEI

Bhutan is een sprookje. Geen twijfel mogelijk. Het is het Shangri La, dat zo mooi beschreven wordt in James Hilton’s Lost Horizon.
      Een verborgen vallei, waar mensen nog leven volgens hun eigen cultureel gebonden tradities, een verborgen vallei waar de invloeden van buiten worden tegen gehouden, een verborgen vallei waar negentig procent van de mensen nog geheel voor zichzelf zorgt door groenten en fruit te verbouwen, een verborgen vallei waar milieu en duurzaamheid geen loze kreten zijn, waar nog echt schone lucht is en waar men zich alleen maar zorgen maakt over de zich almaar uitbreidende bossen, omdat de wolven en beren dan ook steeds dichter bij de dorpen komen.
      Een land waar –en ook dat is een uitspraak van de koning- het bruto nationaal geluk belangrijker is dan het bruto nationaal product.

                                                                                                   STAATSGODSDIENST  

Twaalf dagen heb ik er rondgekeken en al die tijd voelde ik mij opgenomen in het decor van een middeleeuws volksspel, dat in een soort openluchtmuseum speciaal voor mij werd opgevoerd.
      En voor een paar toeristen, die er overigens $ 240,-- per dag voor over moeten hebben om die voorstelling bij te wonen.

                                                                                                    DONDERDRAAK                  

De mensen in Thimphu kleden zich inderdaad uniform. Want als ze dat niet doen, kunnen ze hoge boetes krijgen of zelfs voor een week te werk worden gesteld in een kamp.


Het zijn vragen, die wat meewarig worden aangehoord.

      Ach: u komt uit Nederland. Dat is toch dat land met al die vervuiling, met al die files, met varkenspest, met de gekke koeienziekte, dat land waar de mensen hun ouders vaak ver van huis opbergen in tehuizen.

      Nee; onderdanig zijn de mensen hier niet en van een minderwaardigheidscomplex hebben ze ook geen last.
Bhutan of Druk Yul, het land van de donderdraak, is nooit gekoloniseerd geweest, denk ik dan. Dat zal het wel zijn.

 

Wandschildering in Bumthang

                                                                                        VERVOLGD & GEVANGEN

Maar toch. Het sprookje kan natuurlijk ook te mooi worden. In het zuiden van het land woont –en woonde- een Nepalese minderheid. Bhutanezen, die daar al vaak vier generaties lang woonden, maar nog steeds Nepalees spreken. Zij hebben weinig behoefte aan kledingvoorschiften, spreken het Dzongka niet en zijn vaak Hindoes in plaats van Boeddhisten.
      Zij moesten ten tijde van de nieuwe voorschriften aantonen, dat zij al voor 1959 in het land woonden. Natuurlijk konden velen dat bij gebrek aan een behoorlijke administratie niet. Gevolg: mensen werden vervolgd, gevangen gezet en gemarteld. En veel mensen sloegen op de vlucht. Nu zijn er in Oost Nepal nog steeds veel vluchtelingen, die in treurige kampen onder erbarmelijke omstandigheden wachten tot ze mogen terugkeren.
      Hoeveel het er zijn wordt me niet helemaal duidelijk, maar de schattingen lopen uiteen van 80.000 tot 120.000. En dat is nogal wat op een bevolking van 600.000.
      Over die vluchtelingen wordt in Thimpu niet zoveel gesproken.
In de Kuensel lees je er ook niets over, terwijl er in Nepal regelmatig betogingen en handtekeningenacties zijn van deze Bhutanese vluchtelingen.

                                                                                                                  SIMPEL ETEN  

Dit leidde in 1997 tot hilariteit toen minister Dasho Khandu Wangchuck van landbouw een cheque van 200.000 dollar overhandigde aan de Commissaris van de Koningin in Zeeland.

Het geld werd gegeven om jonge Zeeuwse boeren te helpen hun streekeigen tarwe zonder kunstmest en bestrijdingsmiddelen te laten verbouwen. Daar kon tenminste biologisch verantwoord brood van worden gebakken.

                                                                                                           BIZAR SPROOKJE  

Bhutan is een opwindend maar bizar sprookje. Een land met 20.000 monniken en een leger van 6.000 man. Een land, dat zich bedreigd voelt en zijn tradities in ere houdt ondermeer om de sympathie van de wereld te verwerven. Want –en veel Bhutanezen wijzen je daarop – het land ligt tussen China en India.
      China heeft het aangrenzende Tibet bezet en India heeft van de voormalige koninkrijken en buurlanden Sikkim en Assam deelstaten gemaakt. In Thimphu hangen naast de portretten van de koning dan ook vaak portretten van de Dalai Lama en in het zuiden van het land zitten –met toestemming van de koning- guerilla’s uit Sikkim en Assam.

                                                                                                           LAMA TSULTRIM 

“Ik hoop, dat u een beetje begrip voor ons en voor onze cultuur heeft gekregen”.
      Dat zegt 
Lama Tsultrim tegen me op de laatste dag. Hij is 46 jaar oud en al vanaf zijn zesde jaar monnik. Hij heeft inmiddels zes jaar, zes maanden en zes dagen gemediteerd.
      Volkomen zwijgzaam en levend op wat fruit en zwarte thee.
Eerdaags wil hij weer drie jaar, drie maanden en drie dagen achter elkaar mediteren. Hij zoekt sponsors, want mediteren is duur. Er moet namelijk veel geofferd worden.

P.S.

De koning over wie in dit stukje wordt gesproken  is anno 2007 vervangen door zijn 27-jarige zoon Jigme Khesar Namgyel Wangchuck. Ook zijn er volgend jaar maart voor 't eerst verkiezingen, die op den duur ertoe moeten leiden dat het land een parlementaire democratie wordt.

Je zou het bijna jammer vinden! 

 

Muziek bij de borrel (1):
Night in Tunisia; Art Blakey's Jazz Messengers

Muziek bij de borrel (2): 
Kanonensong van Bertolt Brecht und Kurt Weill 

Muziek bij de borrel (3)
The Singing Detective

Muziek bij de borrel (4)
Ramses II

Muziek bij de borrel (5)
Svalbardtema

Muziek bij de borrel; (6) 
De Finse Tango

 

 

Subcategorieën