Audio (137)

 

Zonsondergangen in Le Touquet-Paris-Plage

  

Wij zaten in een appartement in het flatgebouw rechts. Vierde etage. Eigenlijk was het geen appartement, maar een studio. Eén kamer met een keukenblok en een toilet in het gangetje. ’s Avonds moesten we de bank uitklappen en dan was ongeveer een derde van de studio bezet. We hadden een klein balkon en zagen iedere avond de zon zo ondergaan.
      Locatie: Le Touquet-Paris-Plage in het noordwesten van Frankrijk. September 2014. De Opaalkust heet het hier.

  

Er was een CD-speler in de studio. Ik had inderhaast wat CD’tjes ingepakt en kwam er pas op het balkon achter dat ik geen nummers in het Frans bij me had. En daar hadden we nu juist behoefte aan. Nog eens goed alles doorgenomen en jawel toch: Lieder & Chansons van Marjol Flore. Live opgenomen op 7 december 1991 in het concertgebouw Amsterdam. Een CD, die wij eerlijk gezegd niet zo vaak opgezet hadden.

     

Mooie plaat. Marjol Flore is goed. Bovendien spreekt ze dat Frans perfect uit. Net als trouwens het Duits, want er staat ook een aantal nummers van Bertolt Brecht en Kurt Weil op. Liederen uit de Driestuiversopera.
      Iedere avond luisterden we naar de CD. We dronken eerst droge witte wijn en later op de avond mooie volle rode wijn. Geen armagnac of calvados of erger nog pernod of pastis.
     
Beetje jammer dat zij niet zo heel bekend is. Ik zie haar bijvoorbeeld nooit eens optreden in al die talkshows. Maar wie weet; misschien wil ze dat ook helemaal niet.

Luister om op het strand van Parijs in Parijse sferen te blijven naar Les Prénoms de Paris.
     
      En naar Avec le temps.


   

 

Klik HIER voor alle muziekborrels    

©2016 Ronald van den Boogaard

 

 

Dämpfer kaputt in Bled

Het begon op de Wurzenpass tussen Villach in het Oostenrijkse Karinthië en Bled in de autonome republiek Slovenië van Joegoslavië. Een vervelende rammel onder mijn Citroën CX. Uitlaat. Dat was duidelijk. Juli 1982.
     
De pas is 1073 meter hoog, de weg is smal en telt een vrij groot aantal haarspeldbochten. Stoppen was geen optie. Het was nog zo’n veertig kilometer naar het vakantieoord Bled. Vooruit maar. Wij bereiken met fors gerammel en geknal een camping, waar nog diverse andere Nederlanders staan. ’s Avonds maakt de eigenaar een vuurtje en gaat vleesjes roosteren. ‘’Hé pik, kom nog eens langs’’, roept een zwaar opgemaakte mevrouw. Er gaat veel drank om. Slivovich. 45% alcohol. ‘’De pik’’ laat het zelf zien.
      De volgende dag ga ik naar een garage in Bled. Joegoslavische volksmuziek schalt door de zaak. De garagist spreekt een beetje Duits. Hij rijdt de wagen naar binnen, krikt hem omhoog en zegt: ‘’Dämpfer kaputt’’. Met veel armbewegingen en dramatisch gezucht maakt hij duidelijk dat hij zal proberen om dit te gaan repareren. Hij schenkt voor ons beiden een ranjaglas slivovitch in en drinkt zijn glas in één teug leeg. ‘’Komt u over een uur of twee maar terug’’.
      Ik loop het stadje in en stap een soort winkel-van-sinkel binnen. Ik heb een walkman bij me en koop een cassettebandje. Yugoslavian songs & dances van het Ansambl Branko Milenovic. En dan begin ik aan mijn tocht langs het meer van Bled. Een kilometer of vijf. Op de cassette staan vrolijke maar soms ook melancholische nummers. Bijvoorbeeld dit. Ik doe het rustig aan. Zie hoe een man met grote moeite een karper vangt en op de kant krijgt. Hij maakt met zijn vuist een overwinningsgebaar.
      Na een uur of twee kom ik terug in de garage. De monteur maakt mij duidelijk dat de knalpot niet meer te repareren is. Maar dit is het Oostblok. Hij heeft metalen platen en andere materialen tevoorschijn gehaald; heeft scharen, boren, zagen, beitels, schroeven, moeren en ander bric-à-brac gereedschap. Hij gaat een nieuwe knalpot in elkaar zetten. En dan schenkt hij weer twee ranja-glaasjes in.
      Ik ga nog maar een keer het meer rond. Zet de cassette weer aan en hoor dit nummer met Branko Milenovic op de accordeon. Je kunt vrijwel overal vlak langs het water lopen. Maar niet bij het zomerverblijf van Tito. Joegoslavië is nog een grote eenheid in 1982. Tito, geboren in Ljubljana Slovenië, heeft alles in de hand. Ik drink ergens een sterke kop koffie, waar heel veel suiker inzit, eet een paar met ijs gevulde pannenkoekjes en keer terug bij de garage.
      De monteur grijnst. De nieuwe knalpot is klaar, maar hij wijst me erop dat ook de rest van de uitlaat aan vervanging toe is. Hij zal dat ook allemaal in elkaar zetten en dan kan ik aan het eind van de middag weer terugkomen. Opnieuw schenkt hij twee glazen slivovitch in.
      Tja.
Zou die man in die tussentijd blijven doordrinken? Ach. Nog maar een keer het meer rond. Nu tegen de klok in. Op het cassettebandje staan nummers uit alle republieken van Joegoslavië. Maar vooral Macedonië, Servië en Bosnië zijn goed vertegenwoordigd. Ik luister nu naar dit nummer.
      Als ik uiteindelijk weer in de garage terug ben is alles in orde. De man heeft een geheel nieuwe uitlaat in elkaar geflanst. Ik moet voor die hele dag werken -omgerekend- niet meer dan zestig gulden betalen. We nemen nog een glas. De uitlaat heeft het jarenlang volgehouden.

     

 

Klik HIER voor alle muziekborrels    

©2016 Ronald van den Boogaard

 

 

Евгений Онегин in het Bolshoi Theater


Het was eind maart 1995. Behoorlijk koud. In de straten van Moskou lag nattige sneeuw.
     
Rusland was zich aan het losmaken van de Sovjet-tijd. Wij sliepen niet in zo’n treurig staatshotel, maar hadden een appartement gehuurd aan de rand van het centrum. Iedere ochtend kwam de eigenaresse een ontbijtmandje brengen. Verse broodjes, worstjes, vleeswaren, kazen, een soort yoghurt, een kan koffie en steevast een klein flesje Stolychnaya wodka. 
      Wij wilden onder meer naar het Bolshoi theater, ’s werelds meest beroemde cultuurtempel. Wat immers is een bezoek aan Moskou waard als je niet in het Bolshoi geweest bent?
     
Wij gingen met de metro naar het Sverdlov Plein. Daar is het witte theater met de pilaren.

                    

Wij hadden geluk, want die weken werd de opera Jevgeni Onegin opgevoerd. Een opera van Pjotr Tsjaikowski naar de gelijknamige roman van Aleksandr Poesjkin. Uitgevoerd door het Bolshoi Theatre Orkest onder leiding van Alexander Lazarev. Russischer kon het allemaal niet.
      Het was nog redelijk vroeg en op een bordje stond dat de kassa die middag tussen twee en vijf uur open zou zijn. Telefonisch reserveren ging niet en on-line bestellen bestond natuurlijk nog niet.
     
Toen wij ‘s middags terugkeerden stond er een gigantische rij. 
Tja. Aansluiten dan maar…  
     
Er kwam een man op ons af. Waar we vandaan kwamen en wanneer we de voorstelling wilden bijwonen? Wij kwamen uit Holland en wilden diezelfde avond naar het theater.
     
‘’Dat kan’’, zei de man. ‘’U geeft mij een klein voorschot en dan ga ik voor u in de rij staan. Als u over drie uur terugkomt treft u mij op dezelfde plaats met kaartjes’’.

            

Hij haalde een foto tevoorschijn van het rood-gouden interieur en wees aan dat wij het beste op het balkon konden plaatsnemen; tweede rij van onderen. Ieder ticket zou 75.000 Roebel kosten en hij schreef de koers op die hij hanteerde: 1US$ is 4.500 Roebel.

Rode Plein

Wij vetrokken intussen naar het Rode Plein, want wat immers is een bezoek aan Moskou waard als je niet op het Rode plein geweest bent? En passant deden wij er ook het Mausoleum van Lenin bij en dronken een borreltje in de Slavanska Bar aan de Oelitsa 25 Oktjabrja.
     
Toen wij terugkwamen stond de man breed grijnzend te zwaaien. Hij had natuurlijk de kaartjes en had ook nog een beschrijving van de inhoud van de opera. In het Nederlands nota bene.

     

De Cast

 

’s Avonds waren wij keurig op tijd. Maar een suppoost begeleidde ons niet naar de tweede rij van onderen maar naar de tweede rij van boven. Waren wij nu toch een beetje opgelicht of was er sprake van een communicatiefout?
      Heel erg was het niet, want de akoestiek in het theater is op alle plaatsen uitstekend en ook het zicht op de operavloer was perfect.

Thuis in Nederland kochten wij een CD met de opera. In nostalgische buien luisteren we ernaar en drinken daar Stolychnaya wodka bij.

Luister HIER naar de slotscene van Jevgeni Onegin in Moskou op het Rode Plein uitgevoerd door Anna Netrebko en Dmitri Hvorostovsky.  

 

 


Klik HIER voor alle muziekborrels    

 

©2016 Ronald van den Boogaard

 

TOCH NOG.


(Door Peter Flik, audiosooph te Hongarije)


Na bijna twintig jaar weer een radioprogramma gemaakt.

Geprobeerd.

Montagetechnieken vergeten.

Of ze waren achterhaald.

Eerst weer cursus.

Stem nog goed?

IJdel genoeg?

Jezus, waarom doe ik dit?


Luister HIER

 

Klik HIER voor alle Photosophieën

 

 

It’s so good tot be back home

Het verschijnsel bestaat nu ruim 10 jaar: Flashmob. Je zou dat kunnen vertalen in flitsmeute of flitsmassa. Plotseling verschijnt iemand in een drukke menigte, die iets aparts gaat doen. Vaak verschijnen er andere mensen, die dan hetzelfde gaan doen. Het publiek is verbaasd of soms verbijsterd.
Maar soms gaat datzelfde publiek ook meedoen en dan ontstaat een soort happening met een groot saamhorigheidsgevoel. Het begon in 2003 in New York. Uitvinder is Bill Wasik, redacteur van Harper’s Magazine.

Flashmobs vinden heden ten dage in de hele wereld plaats. Vaak komt er muziek aan te pas en gaan de mensen dansen. De sociale media spelen een grote rol. Mensen worden via die media opgeroepen om mee te doen. Spontaan gaan ‘’onbekenden’’ dan ook vaak meedoen, hoewel de mob regelmatig ook beperkt blijft tot een optreden van de initiatiefnemer(s). Het event duurt nooit lang en eindigt vaak net zo abrupt als het begonnen is.
Ik zal af en toe een link plaatsen naar een Flashmob.

    

We gaan naar de aankomsthal van Heathrow Airport Londen. Mensen die terugkeren worden tot hun verrassing en eigenlijk ook wel tot hun genoegen verwelkomd door zingende mensen met fake-instrumenten. It’s so good to be back home.  
Luister HIER

 

Subcategorieën