Algemeen (274)

Geobsessed met een kill

(Door Iris Driessen)

Nieuwe taal ontstaat waar je bij staat.
In de gang. Twee jongens van een jaar of zestien.
‘Je bent echt  geobsessed met die kill.’
Ik moet mijn tong afbijten om ze niet te verbeteren. Maar eigenlijk vind ik het wel mooi gevonden. Waarom ook niet.

Geobsessed. Ik snap het wel.

Zie HIER voor Alle Juffen


 

 

Postzegels als politieke propaganda

De Spratly eilanden liggen in de Zuid-Chinese zee. Onbeduidende eilanden, die nauwelijks boven de zeespiegel uitkomen. Maar er zit olie en gas in de bodem en de zee rond die eilanden is een zeer visrijk gebied.
      Daarom worden de eilanden geclaimd door maar liefst zes landen, die er omheen liggen: China. Taiwan. De Filippijnen, Brunei, Maleisië en Vietnam. Er zijn in het verleden gewapende conflicten geweest en sommige eilanden zijn bezet door militairen. Hieronder de claims van de diverse landen. Waarbij aangetekend dat China volgens de rode lijn nog steeds Taiwan tot zijn territoir beschouwt. 

   

De Filippijnen begonnen bij het Internationale Hof van Justitie een rechtszaak, waarrna bepaald werd dat de eilanden via een soort verdeelsleutel opgedeeld moeten worden.
      Maar China trok zich hier niets van aan en heeft de zaak op scherp gezet door een serie postzegels uit te geven met vijf vuurtorens, die op de volgende eilanden staan: Huayang, Chigua, Zhubi, Yougshu en Meiji.
      In het blad Filatelie van deze maand staan de postzegels afgebeeld. Ik kreeg die informatie  opgestuurd van Rolf Weijburg.    

   

China is overigens niet het enige land, dat politieke propaganda voert. Ook Maleisië doet eraan mee. Rolf Weijburg kwam in een reisbureau te Sabah (Maleisië) op het eiland Borneo dit affiche tegen.
      Er werden duikersreizen georganiseerd naar één van de door Maleisië geclaimde Spratly’s: Layang-Layang.

   


Ik ben zelf ooit eens langs een aantal van die eilanden gevaren.

      Daar schreef ik in juni 2011 het volgende stukje over.


Begeerd door zes landen

Kent u de Spratly-eilanden?

      Waarschijnlijk niet. Waarom zou u?

Ze zijn onbewoond en liggen in de Zuid-Chinese zee. 

      Zo’n honderd eilandjes. In geen enkele Westerse atlas wordt duidelijk bij wie ze horen. 
Ze zijn namelijk betwist. 
      Betwist door maar liefst zes landen: China. Taiwan, Vietnam, Maleisië , de Filippijnen en Brunei. 
      Er zitten militairen op sommige eilanden, die bezet zijn door al die landen. 
Onder de zeespiegel bevindt zich namelijk olie & gas. Zeer veel olie & gas.

      Bovendien is het een zeer visrijk gebied.


Uw bloghouder als matroos

 Ik ben er dertig jaar geleden vlak langs gevaren. Er tussen door zelfs.
      Dat komt zo.
 
In juli 1981 monsterde ik in Singapore voor een programma van de VPRO-Radio aan op de Nedlloyd Madras, een containerschip dat naar Yokohama in Japan zou gaan.        

   

Ik was volgens mijn monsterboekje matroos maar werd niet geacht om ook maar iets aan boord te doen. 
      Daar waren zeelieden voor uit Indonesië en de Filippijnen.

 De reis duurde twaalf dagen en werd tussentijds verlegd omdat er een tyfoon over de Zuid-Chinese zee trok. 

      In plaats van naar Yokohama gingen we naar Kobe. 
Dat was op zich niet zo verschrikkelijk belangrijk, maar daardoor gingen we langs veel meer van die eilandjes dan eigenlijk de bedoeling was.
      De tweede stuurman vond het razend interessant. 

      Hij had een bredere belangstelling dan wijven, voetbal, vreten & zuipen. 
Ik zat bij het avondeten steevast naast hem. 
      Dat diner (Hollandse kost ja!) was altijd een heel ritueel. 
De hofmeester bediende als eerste de kapitein. 
      En dan ging het verder volgens de hiërarchie. Eerste stuurman, eerste werktuigkundige (machinist) etc. 
Ik was de laatste. Weliswaar een soort gast, maar niet zo’n belangrijke.
      De tweede stuurman woonde in Singapore en kende het gebied goed.                      
   
   

      Veel beter bijvoorbeeld dan de kapitein die in Zuid-Afrika woonde en grote waardering had voor het Apartheidsregime. 
Hij -de stuurman- voorspelde dertig jaar geleden al, dat het nog wel eens tot grote conflicten zou kunnen leiden daar op die Spratly-eilanden.


Rotspuntjes boven water

Je zag er overigens niet zo veel van. Af en toe een rotspuntje boven water. 

Bij vloed verdwenen er zelfs eilanden onder de zeespiegel. 
      De stuurman wees ze aan op het radarscherm. Ze zijn klein & onbeduidend. 
Bij elkaar is het landoppervlak niet meer dan vijf vierkante kilometer. 
      Maar ze zijn dus economisch & strategisch van enorm belang. 
Er hebben zich de afgelopen dertig jaar inderdaad regelmatig incidenten voorgedaan, maar die hebben het Nederlandse nieuws nauwelijks gehaald. 

 

 

 

Geheimen delen


(Door Iris Driessen)

Er is een oud-leerling met wie ik regelmatig in bed lig.
En met wie ik wel eens onder de douche ben gestapt.
En aan wie ik mijn geheimen vertel.
Het is een meisje en ik gaf haar les.
Twee jaar lang zat ze bij mij in de klas en vertelde ze mij haar geheimen.
Ze vertrouwde me. Ik luisterde en ik hielp haar.
Twee jaar lang vertelde zij mij over haar ouders, over vriendjes, over uitgaan, over meisjesruzies, over haar onzekerheden, over haar dromen, over haar toekomst. Eerst gaf ik haar antwoord als docent Iris, maar ik antwoordde steeds vaker als Iris die ook docent is.
Ik vertrouwde haar en toen ze van school ging, bleven we afspreken.
Van koffie naar cola, van cola naar gin tonics.
Toen ik haar in de klas had, was ze 15 en onzeker. Ze was nog veel meer, maar dat kon ze toen nog niet zien.
Nu is ze 21 en soms nog steeds onzeker, maar ze ziet nu ook hoe ik haar zie.
Ik vind haar geweldig en ik noem haar mijn vriendin.
Ik ben trots op haar dat ze bepaalde stappen heeft gezet en onzekerheden heeft overwonnen. En ze groeit nog steeds. Ze is met haar knappe koppie in alle magazines te zien en ze verdient in een maand mijn jaarsalaris. Alle mannen liggen aan haar voeten en iedereen wil haar vriend zijn.
Zij is ook trots op en blij met mij. Ik ben nog steeds haar lerares, maar ik leer haar nu levenslessen. En zij mij. Hoewel die levenslessen zich vooral afspelen op Snapchat.
En daarnaast kunnen we ook heel goed samen stappen. Zij 21, ik 38 en dat maakt niks uit. Als je midden in de nacht een pizza bestelt, vraagt niemand naar je leeftijd. Maar hij smaakt wel extra lekker.


Zie
 
HIER voor Alle Juffen

 

 

 

Randverschijnselen van het Voortgezet Onderwijs

     

Iris Driessen is docent Nederlands aan een lyceum in de Randstad. Een middelbare school voor Atheneum+ en Gymnasium. De + betekent dat er op deze school ook experimentele vakken worden gedoceerd: Grote Denkers, Lifestyle Informatics, Logica & Argumentatie, Drama & Rede.     
     
      Zij is mentor van de eerste klas en een lerares ''met een groot hart voor het onderwijs, maar vooral met een heel groot hart voor haar leerlingen''.
     
      Met enige regelmaat stuurt zij mij berichten over de ''randverschijnselen'' van haar werk.  

Tot nu toe zijn verschenen:

 

Meer Juffen

1: Een stinkend kind
3. Blauw haar; Paars haar
4: Een prachtig jongetje
5. Tienerseks
6: ''Staat je goed man'', zeg ik
7: In de Miks; Zwarte en Witte Jeugd
8: Een oud-leerling 
9: Nieuwe taal 
10: Puppy 
11: Paaseitjes 
12: Over knap & lekker 

 

 

 

In de MIKS


(Door Iris Driessen, docent Nederlands VWO/Gymnasium)

Sinds vier jaar doen de leerlingen uit de derde klas mee aan een project. Het heet In de Miks; leerlingen van mijn witte school ontmoeten leerlingen van een zogenaamde zwarte school. Alle kinderen wonen in Amsterdam, gaan naar sportclubs, snacken bij de McDonald’s, gaan naar dezelfde films in de bioscoop, maar ze kennen elkaar en elkaars wereld niet. En juist het onbekende zorgt voor verdeling in de samenleving en voor het buitensluiten. Als dat gebeurt, praten mensen niet meer met elkaar, maar slechts over elkaar.

Tijdens In de Miks worden alle 300 leerlingen verdeeld in groepjes van twintig; tien van de ene school, tien van de andere. Ik ben één van de begeleidende docenten. Om dat goed te kunnen doen heb ik een intensieve training gehad waarin ik heb geleerd hoe ik genuanceerd mijn mening kan geven, hoe bepaalde werkvormen ingezet kunnen worden en hoe ik onderwerpen die in de taboesfeer liggen, bespreekbaar kan maken.

Het project zit in mijn hart. Ik vind het ontzettend belangrijk dat deze kinderen elkaar leren kennen. En dus neem ik ze een week lang mee op sleeptouw, op de fiets, twintig kinderen in een lang lint achter mij aan, door de hele stad. We gaan naar de moskee, de synagoge, naar een protestantse kerk, naar het Humanistisch verbond, naar Rialto, naar het COC.

Tussendoor is er tijd om met elkaar in gesprek te gaan. Die gesprekken gaan soms moeizaam (ze hebben er niet altijd zin in, omdat het pas half tien is en wel erg vroeg om het dan over de Palestijns-Joodse kwestie te hebben), maar het gaat er ook regelmatig fel aan toe. Homoseksualiteit is verboden in de Koran en naast iemand zitten die lesbisch is, willen ze soms niet. Het is heftig om te vertellen en om aan te horen dat mensen in de tram hun tas op schoot trekken als er een groepje donkere jongens binnenstapt. En soms is de eigenaar van de kebabzaak de enige Turk die de kinderen ‘kennen’.

Tijdens zo’n week worden al mijn vooroordelen bevestigd, maar ook ontkracht.

Ik vond het leuk om mijn groepje bij mij thuis uit te nodigen. Ik wilde een lunch klaarmaken, wilde dat ze zich welkom zouden voelen en belonen voor hun inzet tijdens die week.

Ik had genoeg brood en beleg in huis gehaald, maar net iets te weinig frisdrank. Op de hoek van mijn straat zit een supermarkt, dus ik vroeg aan één van de jongens van de andere school of hij extra drinken wilde halen.

‘Hier, hier heb je mijn pinpas. Mijn pincode is 2784. Heb je dat onthouden? 2784. Haal maar wat jij denkt wat lekker is. En haal genoeg. Neem een tasje mee. Ik hoef geen bonnetje.’

De jongen keek me met open mond aan. ‘Je pinpas? Krijg ik die mee? Dus ik kan gewoon met je pas betalen?! En ik heb je pincode! Juf, ik ben een Marokkaan hoor!’

‘Ja? En? We kennen elkaar nu toch? Wat is het probleem?’

‘Ik ken niemand die zijn pinpas aan me zou geven, juf. Mijn moeder zou het niet eens doen. Maar jij doet het. Dank u wel.’

Tien minuten later was hij terug. Met zes flessen cola, cassis, sinas en twee pakken Fristi. De pas drukte hij in mijn hand. Samen met een bonnetje.

Dat bonnetje heb ik verfrommeld en weggegooid.

Zie HIER voor Alle Juffen

 

 

 

Subcategorieën