Russisch landjepik

In alle opwinding over Oekraïne wordt een paar dingen vergeten. Aan het eind van de tweede wereldoorlog bijvoorbeeld maakte de Sovjet Unie niet alleen een aantal Oost-Europese landen tot vazalstaten, maar het legde ook beslag op grondgebied van Finland. De Baltische landen Estland, Letland en Litouwen werden geannexeerd. Na de hernieuwde onafhankelijkheid in 1991 bleven kleine Estische en Letse gebiedsdelen Russisch
     Dat dit nooit tot ernstige conflicten leidde komt vooral omdat Finnen en (weinig) Esten deze gebieden verlaten hebben (gevlucht zijn). 
     
Finland kende altijd een gevoelige verhouding met Rusland. Om het buurland niet te verontrusten trad het land ook niet toe tot de NAVO. Estland, waar een grote Russische minderheid is (ca. 30%) , is daarentegen wel lid van de NAVO, net als bijvoorbeeld Letland dat ook een grote Russische populatie heeft.
      Alle drie de landen zijn overigens lid van de Europese Unie.
Ik heb in het verleden diverse malen over deze kwestie geschreven. De komende drie Paasdagen zal ik het één en ander herhalen.
      Achtereenvolgens de situatie in Estland, Finland en de onderlinge verhoudingen tussen Letten en Russen (fifty-fifty) in de hoofdstad Riga.

 

Russen & Letten in Riga

Zomer 1999/Voorjaar 2001

Klinker-Metropool met Gildehuizen

Op de terrassen van het Domplein fibreert het om je heen. Dit is de oude stad van Riga, hoofdstad van Letland.
      Een ontegenzeggelijke metropool van net geen miljoen inwoners. Ongeveer de helft van de bevolking in de stad is Lets, de andere helft Russisch.
      De oude stad heeft een labyrinth aan smalle straatjes met kinderkopjes. De mooie Kalku Iela verdeelt de oude stad in twee delen. Daaromheen brede boulevards met chique winkels. Parken aan de ene kant en de Daugava rivier aan de andere zijde.
     
Tien jaar na de hernieuwde onafhankelijkheid gaat het in een aantal opzichten goed in dit land.
De mensen in de stad zijn goed en modern gekleed, er zijn cafés, restaurants, terrassen volop, prachtige architectuur met veel Jugendstil, mooie gildehuizen uit de Hanzetijd, kerken, musea en winkels met exclusieve spullen.

Als je hier zomaar zou worden neergezet kom je nooit op het idee dat je in een Oost-Europese stad bent.
Fred Kamperman vindt dat bijvoorbeeld ook. Hij is een Nederlander, die hier al vier en een half jaar woont. Getrouwd met een Letse. Hij is manager van de Baltic Container Terminal. Hiernaar toe gehaald om de havenactiviteiten in Riga te bevorderen en te vergroten. En die mogelijkheden zijn er volgens hem volop.
      De stad is booming, in de haven komen steeds meer activiteiten en het lidmaatschap van de Europese Unie lonkt. De haven is de grootste van de Baltische landen en kan zich opwerken tot een zeer belangrijke doorvoerhaven voor het grote Russische achterland. ’De mensen werken hard en zijn flexibel, zegt Fred. ‘En de bonden zijn niet zo sterk’.
     
Een uitgesproken mening dus.
Die heeft Brigita ook. Zij is een Letse. 28 jaar. Modevakschool heeft ze gedaan.
      Brigita heeft het niet op de Russen. Je pikt ze er zo uit. De vrouwen zijn hoerig gekleed. Teveel bloot, te rode lippen en te hoge hakken. En de Russiche mannen, ach de Russische mannen hebben ‘verkeerde snorren en verkeerde sokken’. Bovendien weigeren veel Russen om Lets te spreken. Sterker: ‘Ze kunnen het niet. Wij moesten vroeger Russisch leren en dan denken ze dat wij in het Russisch tegen ze gaan praten. Maar dat doen we niet. Niet meer’.
     
Zij neemt mij mee naar de Brivibas Iela. Dure elegante winkels met de bekende buitenlandse merken: Cardin, Armani, Benetton, Hugo Boss. Maar ja. Wie kan zich dat in Riga veroorloven?
     
Alleen de steenrijke bovenlaag die vooral rijk geworden is door criminele activiteiten.
Brigita knikt bevestigend. Maar de eigen Letse mode-industrie komt eraan.
     
Fred Kamperman weet ook dat het verschil arm/rijk in dit land nog heel erg groot is.
De gemiddelde Let verdient -2001- zo’n 200 gulden per maand.  De prijzen voor levensmiddelen liggen in de winkels in de oude stad niet eens zoveel lager als in Nederland. Dat geldt ook voor de duurzame goederen.
      Er zijn dus veel grijze circuits en veel mensen hebben een dubbele baan.

Wij gaan naar de Markt , die aan de oever van de Daugava ligt. De grootste markt van Europa, weet Fred.
      Vijf hangars, waarin ooit de Zeppelins werden gebouwd zijn daar voor die markt ingericht. Alles, werkelijk alles is hier te koop. Ik zie vlees & vis, schoenen, kleding, toiletartikelen en veel drank. En buiten de hangars hebben zich mensen van het Letse platteland opgesteld. Zij verkopen fruit, bessen en paddenstoelen, die ze in het bos gevonden hebben.
      Sommige vrouwen verkopen plastic zakjes en tasjes, houten speeltjes, gedroogde bloemen.

Zowel Fred als Brigita vinden dat je de stad het best leert kennen door te lopen en goed om je heen te kijken. Terrassen om even uit te rusten zijn er genoeg en ook in de parken rond het oude centrum kan dat goed.
      Riga is 800 jaar oud en daar kan een ieder zijn eigen feestje rond bouwen.
En zijn huis versieren.

 

Petsamo, Salla & Karelië (Finland/Rusland)

(Winter 1993, zomer 1994, zomer 1999, zomer 2005)

Karelië terug; desnoods fles voor fles

Lappeenranta is de grootste stad van Karelië , het zuidoostelijk deel van Finland. Er is daar een kantoor van Karjala-Lehti, een organisatie die de Karelische cultuur op allerlei manieren uitdraagt. Maar het is ook een politieke organisatie, omdat het strijdt voor de teruggave van Karelisch land, dat in 1944 door de Sovjet-Unie werd geannexeerd. Net als delen van Finland ten oosten van Salla bij de Poolcirkel en een gebied in het uiterste noordoosten bij Petsamo.
      Hieronder een kaart van Finland, die ik daar kreeg, toen ik voor de VPRO-Radio een paar programma’s over deze kwestie maakte.
Een kaart uit 1925 , waar die delen natuurlijk nog gewoon op staan.

Bezet Karelië

In rood op deze kaart delen van voormalig Fins Karelië, die nu bij Rusland horen.
     
Vyborg -op zijn Fins Viipuri- is de grootste stad met zo’n 70.000 inwoners. Een stad met een prachtig historisch centrum.
Er wonen geen Kareliërs meer, want die zijn in 1944 naar Finland gevlucht.

Vyborg of Viipuri

Petsamo & Salla

Op deze Finse kaart zijn de van oorsprong Finse gebieden aangebracht.
      Onder Karelië (Karjala) met Viipuri. Pietari is Sint-Petersburg.
De gemeente Salla was ooit twee maal zo groot. Petsamo is in zijn geheel door Rusland ingelijfd.

De landjepik geschiedenis in dit deel van Europa gaat terug naar het laatste deel van 1939 toen de Russen in de zogeheten Winteroorlog Finland binnenvielen. Aanvankelijk met weinig succes, omdat de Finnen veel beter bestand waren tegen de barre omstandigheden.
      Zij verplaatsten zich op ski’s, deden witte camouflagekleren aan en bouwden achter de linies sauna’s om in conditie te blijven. Er vielen tienduizenden Russische slachtoffers. Maar later werden tanks en vliegtuigen ingezet en werd een deel van Finland toch bezet.
     
De Finnen sloten zich in 1941 bij Duitsland aan en begonnen de zogeheten vervolgoorlog. Het gebied werd door die hulp heroverd. Maar bij de vrede van Moskou werden als een soort sanctie bovenstaande Finse gebieden bij de Sovjet-Unie gevoegd.
   Hoe groot en hoe sterk is die bevrijdingsbeweging Karjala-Lehti?  

Groot volgens een woordvoerder. Het betreft hier namelijk volgens hem een illegale bezetting. De mensen willen er alleen geen strijd voor voeren. Als je in Karelië met mensen praat wordt dat bevestigd. In feite vindt vrijwel iedereen dat Karelië weer zijn oude grenzen zou moeten krijgen, maar het zou te veel praktische problemen opleveren.
      Finland zou een gebied terugkrijgen waar verschrikkelijk veel in geïnvesteerd zou moeten worden om het enigszins op Fins niveau te krijgen. Er is namelijk veel armoede in Russisch Karelië . En wat zou er moeten gebeuren met die ongeveer 200.000 Russen, die geen Fins spreken en niets van de Finse cultuur weten?

Zwaard contra sabel

Toch verspreidt Karjala-Lehti deze militante stickers. We zien een zwaard (rechts) dat door een Finse hand wordt omkneld. Strijdend tegen een geharnast Russisch sabel .
     
Een wapenschild dat ook terugkomt op het etiket van dit Karelisch bier, dat voor de tweede wereldoorlog werd geproduceerd in de brouwerij van Sortavala, een plaats die nu in Russisch Karelië ligt. Ook via dit merk wordt een protest gevoerd onder het motto: ‘Karjala takaisin, vaikka pullo kerrallan’.

Karelië terug, desnoods fles voor fles. (Het bier met dit etiket wordt tegenwoordig in Helsinki gebrouwen.)


Narva Estland/Ivangorod Rusland 

Zomer 1999

Pepperspray in een verdeelde stad

Piia is een mooie aantrekkelijke vrouw. Midden twintig. Zij is een Estische. ’Honderd procent Estisch’, zegt ze zelf.
      Dat is zeer uitzonderlijk hier in Narva, want meer dan 95% van de bevolking is Russisch. Of beter: Russischtalig.
Piia is een soort sociaal-cultureel jongerenwerkster.
      Zij werkt veel met jonge mannen, die haar nog wel eens ‘per ongeluk’ aanraken. Daarom heeft ze pepperspray bij zich.
Ze heeft het al twee maal gebruikt. Sinds die tijd wordt ze redelijk met rust gelaten.
Zelfs door de jonge heren, die zich steevast iedere dag lam zuipen met goedkope Russische wodka.
      Soms beginnen ze -zegt Piia- al om tien uur
‘s ochtends.

Grensconflict

Narva is een verdeelde stad, die in het uiterste noordoosten van Estland ligt bij de grens met Rusland. De rivier de Narva deelt de stad in tweeën.
      Aan de andere kant ligt Ivangorod. Tussen 1918 -na de onafhankelijkheid van Estland- en 1944, toen de Sovjet Unie het inlijfde, lag de grens zo’n vijftien kilometer verderop en was Ivangorod Estisch. Het is nog steeds een betwiste grens.
      De Esten vinden dat ze er eigenlijk aanspraak op moeten maken, maar in de praktijk gebeurt dat niet.

‘We zitten er niet op te wachten om hier nog meer kansarme Russen te krijgen’, zegt Piia.

Sovjetstijl

Het is geen mooie stad; Narva.
Het werd in 1944 vrijwel volledig verwoest en na de tweede wereldoorlog opgebouwd in ‘klassieke’ Sovjetstijl.
Veel brede wegen, veel saaie flatgebouwen en een paar protserige optrekjes.
      Bij de grensovergang ligt aan beide zijden van de rivier een fort. Daar tussen ligt de zogeheten Vriendschapsbrug.
En er is ook een voetgangersbrug.

Goedkoop

Ik loop op die brug met Piet Boerefijn, een Nederlander, die al lang in Estland woont en die moeilijke aan Fins verwante taal vloeiend spreekt. Het bevalt hem wel in Estland.
      Hij heeft een klein flatje in de hoofdstad Tallinn en een soort weekendhuis met sauna vlak aan de Oostzee in het Lahemaa Nationaal Park.
     
Wij zijn de 210 kilometer van Tallinn naar Narva over een uiterst rustige weg gereden.
Op de brug worden we begeleid door een geüniformeerd persoon. We mogen tot halverwege.

De Russen in Narva hebben vergunning om iedere dag één maal de grens over te gaan. Ze doen dat massaal, want alles in Rusland is inmiddels tien maal goedkoper dan in Estland.
       In 1993 sprak een zeer grote meerderheid van de inwoners van Narva zich in een referendum uit voor aansluiting bij Rusland.
Nu is dat volgens Piet Boerefijn geheel anders. De meeste inwoners werken in de plaatselijke textielfabriek.
       Ze zien dagelijks de enorme welvaartsverschillen tussen Estland en Rusland.

Examen

Bijna de helft van de inwoners heeft inmiddels de Estische nationaliteit. Daarvoor moeten ze slagen voor een taalexamen.
De Russen, die dit niet doen mogen niet meestemmen bij landelijke verkiezingen.
      Een deel van de bevolking heeft een grijs paspoort, wat aangeeft dat ze in feite statenloos zijn.

Piia vindt het wel goed, dat de Russen examen moeten doen .
’Ze willen hier wonen en werken, ze profiteren van de vooruitgang; dan moeten ze er ook maar wat voor doen. Ik moest vroeger toch ook Russisch leren’, zegt ze.

      En voordat we in een plaatselijk café nog wat gaan drinken, stift ze haar lippen.
Ze weet heel goed dat ze er mooi uitziet en in het café weer de nodige aandacht zal krijgen.